Volledig scherm
© stock.xchng

Provincie haalt ‘net wel, net niet’ doelen windenergie

MIDDELBURG -  Het zal erom spannen of de provincie Zeeland erin slaagt eind volgend jaar voldoende windmolens te plaatsen om de doelstelling te halen. ,,Het is een kwestie van net wel of net niet”, schrijven gedeputeerde staten aan de fractie van GroenLinks.

Volgens de Monitor Wind op Land 2018 van minister Wiebes van Economische Zaken moet de provincie Zeeland eind volgend jaar 570,5 megawatt (Mw) aan windenergie op land hebben staan. De provincie is met 501,8 megawatt op de goede weg.

GroenLinks stelde daarop schriftelijke vragen aan het provinciebestuur met als belangrijkste vraag: slaagt Zeeland erin de doelstelling te halen? 

Ja, is het korte en bondige antwoord van gedeputeerde staten. Maar het wordt wel spannend. De provincie is niet de enige partij die bepaalt of en zo ja waar windmolens kunnen en mogen komen. ,,Wij zijn afhankelijk van aspecten waar wij zelf geen invloed op hebben.” De provincie kan bijvoorbeeld geen invloed uitoefenen op rechtszaken die bij de Raad van State spelen. De provincie heeft ook niets te vertellen over pachtovereenkomsten tussen het rijk en initiatiefnemers voor windmolens. Er lopen op dit moment projecten voor windmolens in het Sloegebied. GS denken niet dat die eerder dan gepland in bedrijf zijn. 

Wie zijn doel niet haalt, moet tot 2023 een inhaalslag plegen. Wat provincies eind volgend jaar aan megawatts te kort komen, dienen ze in de drie jaar erna te verdubbelen. Bij een Zeeuws tekort van 55 MW moet er dus in totaal 110 MW bij. Dat heeft minister Wiebes eerder met de provincies afgesproken. Overigens verwacht hij dat het doel van 6000 megawatt eind 2020 landelijk weliswaar niet wordt gehaald, maar dat er voor eind 2023 wel meer windmolenvermogen (7188 MW) op land is gepland dan was voorzien.

PZC gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement