Volledig scherm
Jan M. Goeree © Marcelle Davidse

Vers op Zondag 180: Jan M. Goeree

In de serie Vers op Zondag publiceren Zeeuwse dichters op toerbeurt een gedicht. Het is een zondagse aangelegenheid: elke zondag wordt één van hun gedichten gepresenteerd op pzc.nl/zeeland-geboekt. Vandaag: Jan M. Goeree uit Goes.

******************************************

Overvloedig water

Terloops vroeg een rimpelloze zee mij
oog te hebben voor haar honger
een gekoesterd verlangen
vrij te zijn van alles wat haar
begrenst of beneemt

Ik kon geen uitspraak doen, dacht
daarbij aan ’t land, de mensen
die geen vissen zijn

Sprak het land over zee’s verlangen
vroeg haar zich open te stellen
een bodemloos bekken te zijn

Ging met mezelf in beraad
oordeelde zee en land tot samenspraak
op de rand van de branding waar
stroming breekt water zich krult
toegeeflijk haar vingers uitstrekt

De gesprekken zijn gaande
worden op getijden
in stilte vastgelegd

Ik stuur niet bij, verlaat me
op de onderhandelaars
Verplaatste bakens geven ruimte

netten overdwars te gooien
lopend over spiegels te gaan
scheppend elementen aan elkaar
te binden, te polijsten
tot elkeen de ander verdraagt.

Jan M. Goerée
22 jan 2019

Volledig scherm
Jan Goeree voor Vers op Zondag © jan goeree
PZC gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement

blogs