Wim Hofman rubriek Standbeelden
Volledig scherm
PREMIUM
Wim Hofman rubriek Standbeelden © Wim Hofman

Standbeelden

  1. Niet kauwen, hadden we onderling afgesproken, dat vindt Hij vast niet lekker
    PREMIUM
    column jan van damme

    Niet kauwen, hadden we onderling afgespro­ken, dat vindt Hij vast niet lekker

    Ták. Een harde tik met het zakmes op de houten kerkbank. Onze meester keek er streng bij. Eén ták betekende dat we met z'n allen moesten opstaan. Na twee tákken mochten we in colonne naar voren naar de communiebank lopen. Schrijden zou ik nu zeggen, je werd geacht niet te huppen of te versnellen, waardig jongens, waardig. Ik had mijn witte overhemd aan met een strikje onder mijn kin. Sommige meisjes in mijn klas hadden een sluier op hun hoofd, alsof ze gingen trouwen.
  2. Toch viel ik als een blok voor ons tweewielige aanhangertje
    PREMIUM

    Toch viel ik als een blok voor ons tweewieli­ge aanhanger­tje

    Het is een vraag die dezer dagen nogal eens voorbij flitst. Wat betekent vrijheid eigenlijk? Tsja, denk ik dan. Daar sta ik echt niet zo vaak bij stil en ik heb er zeker geen pasklare definitie voor. Ik hoorde wel een mooi antwoord, ik geloof dat het van onze ‘Hello Goodbye’ Joris Linssen kwam. Vrijheid, zei hij, is de ruimte krijgen om fouten te mogen maken. Dat vind ik een mooie. Want ik weet zeker dat u en ik de plank met enige regelmaat misslaan. Wij allemaal. Gelukkig maar.
  3. 
Cornelis Vermuyden: Grondlegger van Engels polderland
    PREMIUM

    Cornelis Vermuyden: Grondleg­ger van Engels polderland

    Hij heeft zijn straat in Sint-Maartensdijk. Of eigenlijk is de Cornelis Vermuydenstraat een straatje, met slechts een huis of wat. Cornelis Vermuyden (1590-1677) is geboren in het Thoolse stadje, waar zijn vader indertijd schepen was. In 1924 publiceerde J. Korthals Altes (1873-1938), werkzaam geweest in Vermuydens sector, het nog altijd lezenswaardige boek ‘Polderland in Engeland. De geschiedenis van een Zeeuwsch bedijker uit de Gouden Eeuw en zijne grootsche Hollandsch-Engelsche onderneming’. Een jaar later kwam er ook een Engelse versie. Zeeuwser dan Vermuyden zie je zelden, maar hij bracht dus het grootste deel van zijn leven door in Engeland, waar hij verheven werd tot Sir Cornelius Vermuyden.
  4. Veel Zeeuws in de wereld van T.C. Boyle
    PREMIUM

    Veel Zeeuws in de wereld van T.C. Boyle

    Nog úren nadat op woensdag Nina, ooit uit Rusland naar Nederland gekomen, is vertrokken praat ik net zo onbekommerd krom als zij: ‘Ik alles weer schoon gemaakt heb’. In World’s End (1987), een roman met kleine letters en grote gevoelens van de geweldige Amerikaanse verteller T.C. Boyle (geb. 1948), wordt ook zo’n besmet en besmettelijk taaltje gesproken. ‘What’s wrong with vader?’, zeggen de kinderen. Zelfs de Indianen spreken een woordje Nederlands, ‘Dank u’ en ‘Alstublieft’.
  1. Diertjes
    zeeland-geboekt

    Diertjes

    Dieren zijn zelden een goed voorbeeld voor de mens. Als we bijvoorbeeld naar insecten kijken, dan hebben we niet de indruk dat de meeste zich erg uitsloven voor het welzijn van hun nakomelingen zoals mensen doorgaans wel doen. Van de mannetjes wordt niet veel verwacht. En van de vrouwtjes wordt alleen gevraagd dat ze voor haar eitjes een geschikt plaatsje weet te vinden. Zo leggen vlindervrouwtjes bijvoorbeeld haar eitjes op de plant die de toekomstige rupsjes lekker zullen vinden. Soms worden insecten genoemd naar de plant of plek waar de larven het best gedijen. De naam koolwitje kennen we allemaal, maar er bestaan ook hazelnootboorders, frambozenkevers, distelvlinders, distelbokken, sleutelbloemvlinders, dennelotvlinders en houtboorders . Er bestaat ook een zuringvlinder, maar die houdt ook van andere planten, zelfs van varkensgras.