cover Zij die na ons komen van Elisabeth Holdsworth
Volledig scherm
cover Zij die na ons komen van Elisabeth Holdsworth © nvt

Soms moet je een mysterie niet ontrafelen

Zeeuwse schrijversIn 2011 juichte men in Australië over ‘Those Who Come After’ (‘a novel of devastating emotional power’) van Elisabeth Holdsworth (‘a mesmerising new voice in Australian fiction’). In het Nederlands ging het boek ‘Zij die na ons komen’ heten en de schrijfster bleek een Nederlandse geboortenaam te hebben, Elisabeth Miriam Esther de Rijke-Nassau. Of is die naam een beetje fictie, zoals ook de ‘memoires’ in het boek, naar de schrijfster zelf erkende, enigszins geromantiseerd zijn? Ik ga het niet uitzoeken, soms moet je een mooi mysterie niet willen ontrafelen. Om het nog wat ingewikkelder te maken heeft de heldin in het verhaal weer een andere naam, Juliana Stolburg.

De schrijfster zou in 1947 te Middelburg zijn geboren, ‘tot ieders verrassing’ naar ze in het boek vertelt, haar moeder had namelijk geen idee dat ze zwanger was. Aan haar liefde voor Zeeland hoeven we niet te twijfelen. Heimwee aan de andere kant van de aardbol: ‘Vannacht werd ik wakker en dacht ik te horen dat Nehalennia, de godin van de zee, me riep’. In 1959 kreeg haar vader ‘een prestigieuze baan’ in Australië aangeboden, zij verhuisde mee met haar ouders. Dat betekent dus twaalf jaar Zeeland, maar die betrekkelijk korte tijd is goed voor een vloed aan herinneringen. Veel later keert ze terug naar het gebied van haar dromen en haar nachtmerries. Ze plengt een traantje als ze vanuit de trein haar geboortestad ziet. Aan een andere reizigster legt ze uit: ‘Ik ben al heel lang niet meer thuis geweest’.

Thuis, waar vaak over de oorlog werd gepraat. Thuis, waar ze zelf, in het zijspan van de motor van papa, de storm van 31 januari 1953 meemaakte. Thuis, waar alles heel bijzonder was, zoals ook past bij een kind dat als peetvader prins Bernhard had en gewikkeld in diens zware legerjas naar haar doopplechtigheid in de Oostkerk werd gedragen. Zij die na haar komen, zullen zich bijna driehonderd pagina’s lang verbazen. Bijvoorbeeld over de stieren op een veemarkt te Middelburg, door de boeren net zo lang op zekere plaats gekieteld ‘tot er reusachtige staven tevoorschijn kwamen’.

  1. Andreas Kinneging: prikkelend en soms wereldvreemd

    Andreas Kinneging: prikkelend en soms wereld­vreemd

    In één opzicht wil, naar ik vermoed, Andreas Kinneging graag worden tegengesproken. ‘Een Zeeuwse knol wordt nooit een Arabier’, schrijft hij in het voorwoord van ‘De onzichtbare Maat. Archeologie van goed en kwaad’. Een boek dat vanwege de grootscheepse opzet herinneringen oproept aan ‘De compositie van de wereld’ van Harry Mulisch. Bijna zeshonderdvijftig bladzijden dik, honderden zeer geleerde noten, een imponerende bibliografie waarop veel titels van Kinneging, Andreas prijken en een uitgebreide lijst van de ‘meest gebruikte Griekse woorden’. En er wordt véél Grieks gebruikt.
  2. PZC/Drvkkerylezing: Wim Daniëls vertelt over zijn roman 'Quarantaine'.
    Podcast

    PZC/Drvkkerylezing: Wim Daniëls vertelt over zijn roman 'Quarantai­ne'.

    Deze week kwam schrijver Wim Daniëls naar Middelburg voor de PZC/Drvkkerylezing. In gesprek met PZC-verslaggever Jan van Damme vertelde hij over zijn nieuwste boek, de roman ‘Quarantaine’. Bij het gesprek in boekhandel de Drvkkery was met het oog op de coronamaatregelen geen publiek aanwezig. Het interview werd wel opgenomen, zodat geïnteresseerde lezers en alle mensen die dat leuk vinden er toch van kunnen meegenieten.

blogs