Volledig scherm
Janna van Kruiningen (opoe) en Jan van Velzen doen mee aan het ringrijden op Koninginnedag, kort voor ze trouwen in 1936. © Marlies Allewijn

Opoe is een geschenk

Volledig scherm
Marlies Allewijn © Romy van Leeuwen
Volledig scherm
cover Marlies Allewijn: M'n liêven © Marlies Allewijn

Marlies Allewijn is dit jaar de schrijfster van het geschenk van de Week van het Zeeuwse Boek. Het is een eerbetoon geworden aan haar opoe Janna.

Jan van Damme

Het is een lief, pakkend boekje geworden dit jaar, het geschenk van de 25ste editie van de Week van het Zeeuwse Boek. Met dank aan Marlies Allewijn. De schrijfster uit Yerseke dook in het leven van haar opoe Janna. En zette daar korte anekdotes en poëzie over haar eigen leven tegenover. Om aan te geven dat de werelden van opoe en kleindochter totaal van elkaar verschillen. Zo gaan er achter de titel 'M'n liêven’ twee levens schuil.

Schrijfster Marlies Allewijn (1977) woont in Amsterdam, ze groeide op in Yerseke. In 2012 bleef ze met haar debuut ‘SchEef’, over een puber met reuma, heel dicht bij zichzelf: ze heeft reuma sinds haar twaalfde. In 2016 kwam ze voor de dag met het jeugdboek ‘Ze was 16′, waarin de levens van de hedendaagse Ize en de in de Tweede Wereldoorlog in Westkapelle opgroeiende Janna met elkaar verweven raken. Vorig jaar werd haar boek 'De meid', over het leven van de Yersekse dienstbode Neeltje Lokerse, genomineerd voor de Zeeuwse Boekenprijs.

Het schrijven van het Zeeuwse geschenk bood haar de gelegenheid om een oud idee van stal te halen: het leven van haar opoe in een boek vangen. Voor de goede lezer zat opoe al een beetje verstopt in de roman ‘Ze was 16',  Janna is daarin een hoofdpersonage. Marlies wilde niet over haar opoe schrijven omdat ze een heldin was of bijzondere dingen had gedaan. ,,Maar in haar gewone leven was ze soms dapper, soms onverschrokken en voor mij was ze heel belangrijk!", lezen we in het voorwoord. En ze licht toe: ,,Opoe is geboren in 1908, in 1998 overleden. Haar leven bestrijkt de hele twintigste eeuw. Over haar vertellen is niet spectaculair: ze heeft geen studie afgerond, ze heeft niet in het verzet gezeten, ze is geen Neeltje Lokerse. Ze was wel mijn opoe, een arbeidersvrouw die vier kinderen heeft opgevoed. Zij heeft mijn weg geplaveid. Door haar en door andere vrouwen als zij heb ik kunnen studeren en me verder ontwikkelen.”

In het boek zegt ze het nog preciezer (pagina 6): ,,Want ik heb dit verhaal vooral geschreven om een tijdsbeeld te schetsen. Hoe zag het leven van een arbeidersvrouw in de twintigste eeuw er uit? En hoe anders is het leven van de volgende generatie?”

De verschillen tussen haar eigen leven en dat van haar opoe kan de schrijfster makkelijk benoemen. Opoe Janna was arm, op haar twaalfde moest ze gaan werken, ze moest trouwen, als één van de laatsten droeg ze klederdracht, ze is vrijwel nooit het dorp uit geweest. Marlies werd in haar familie de eerste die naar de universiteit ging. Overeenkomsten zijn er ook: ,,Iedereen heeft geluks- en ongeluksmomenten. Ik werd ziek op mijn twaalfde, reuma, dat drukt een stempel op je leven."

Pagina 75-76: ‘Oop, ik heb reuma.’ Haar kleindochter klinkt eerder opgelucht dan bezorgd. ‘Zie je wel dat ik echt iets had?’ Ze kijkt uitdagend naar haar moeder. Die lacht. Met haar mond. Haar ogen zeggen iets anders. ‘Ja, dat heb ik gehoord. Nou kind, wees maar blij dat je het nu hebt. Als je net als ik in 1909 geboren was, dan was je een stumper geweest.’ Janna knikt haar dochter bemoedigend toe.

Marlies Allewijn: M'n liêven - Geschenk in de Zeeuwse boekhandels bij aankoop van minimaal 15,- euro aan boeken tijdens de Week van het Zeeuwse Boek van 27 oktober tot en met 10 november.

  1. Aai eens over de warme neus van dikbil Muffin
    PREMIUM
    Column Jan van Damme

    Aai eens over de warme neus van dikbil Muffin

    Nu het Haagse Malieveld door zwaar uitgeruste onrust aan modder is verreden, vond ik dat wel een mooie bijkomstigheid. Zo dichtbij het stadscentrum, nog dichter bij het Torentje van onze op gezette tijden vergeetachtige eerste minister, daar zag het er plotseling hartstikke landelijk uit. Al die stedelingen moeten zich een aardverschuiving geschrokken zijn. Slik! Slik op hun stoepen, slik op hun met blik volgestouwde doorgangsroutes. Dat waren ze niet gewend.
  2. Uitgeput na een literaire achtbaan
    PREMIUM
    zeeland-geboekt

    Uitgeput na een literaire achtbaan

    Geen komma’s, veel strepen, het is kenmerkend voor het jachtige en weerbarstige proza van Dirk Dufraing. Inmiddels is het stil rond deze auteur, in 1956 geboren te Turnhout, maar hij schreef enkele luidruchtige boeken. Zijn debuut Kromhout uit 1988, De Kerstman in september uit 1991, maar vooral Rock’n’Roll uit 1989 waarin de Vlaamse schrijver, tenminste zijn tweede ik, Dédé Destain geheten, zich terugtrekt te Kamperland ‘Noord-Beveland – Zeeland – Nederland – Europa etc.’ Hij heeft daar ‘’n soortement bungalow’ gehuurd om aan de hand van een verzameling LP’s een boek over het verschijnsel rock’n’roll te maken. Een boek dat steeds meer een zelfportret wordt van een aan drank en vrouwen verslaafde schrijver.

blogs