Volledig scherm
Boek De drager © Jan Vantoortelboom

Jan Vantoortelboom zorgt voor slapeloze nachten

BOEKRECENSIEIk leg een boek na de laatste bladzijde voldaan weg, omdat ik er een aantal ontspannen, onderhoudende uren mee heb beleefd. Ik leg het teleurgesteld weg, omdat het slecht geschreven, onwaarschijnlijk en saai is. Ik leg het enigszins ontdaan weg, omdat het verhaal me raakt en aan het denken zet over mijn eigen visie op het leven. 

Dat laatste is het geval met 'De drager', de nieuwste roman van Jan Vantoortelboom. In vaak mooi geschreven zinnen. (Voor het interview met de schrijver over zijn boek: zie elders op dit weblog).

Toen ik Jan Vantoortelboom sprak over zijn nieuwste boek, constateerden we dat hij nu al voor een tweede keer heel dicht bij mijn leefwereld weet te komen. In zijn vorige roman, 'De man die haast had', was er sprake van een manisch-depressieve moeder. 

Een manisch-depressieve ouder heb ik zelf van nabij meegemaakt. Nu is er in 'De drager' sprake van een ziek jongetje, Miko, ‘een vergiftigd geschenk’. Kwetsbare kinderen, die zullen bij iedere ouder of grootouder een gevoelige snaar raken.

Ik heb 'De drager' na lezing met enigszins verwarde gevoelens op mijn nachtkastje gelegd. Prachtig proza, ongetwijfeld. Aangrijpend, dat zeker ook. In recencies wordt het een ‘ideeënroman’ genoemd, ‘intelligent’, ‘subtiel’, waarin evolutie annex Darwinisme tegenover een meer humane wereld wordt gezet. 

Die werelden zijn samengebald in de twee hoofdpersonen: Bruno de doorgeslagen bioloog, Nicolas de weifelende ict’er. Ik moest wennen aan die constructie. Was de bioloog, die meteen in het begin een hert doodt omdat het dier in zijn beleving zwakte toont, niet te zwaar aangezet? 

En de ict-er Nicolas: ik bleef me afvragen waarom van hem een langs hotels reizende installateur was gemaakt. Dat me later duidelijk werd dat de schrijver dat werk daadwerkelijk zelf heeft gedaan, wist ik bij het lezen niet.

Die sterk tegenovergestelde wereldbeelden verklaren deels mijn ongemak. Een ander twijfelpunt zit voor mij in het slot. Ik ga dat einde hier niet verklappen. Wel kan ik zeggen dat we gebeurtenissen opeens vanuit het perspectief van een lieveheersbeestje zien. Dat klinkt gek. En dat is het misschien ook. Al maakt juist het onschuldige pimpampoentje dat het slot extra hard aankomt.

Leven en dood, overleven, het recht van de sterkste. Leefde ik in 'De man die haast had' – hoe sec en droog ook geschreven – heel erg mee met de hoofdpersoon die zijn kindermeisje door het trapgat zag vallen, nu heb ik de neiging afstand te nemen van Nicolas en zeker van Bruno. Vooral de laatste balanceert voor mij op de rand van geloofwaardigheid.

Ik weet ondertussen dat de realiteit vaak veel erger is dan wat we in de ‘zwartste’ romans krijgen voorgeschoteld. Dat zal ook voor 'De drager' gelden. Juist daarom laat het boek me niet los. En moet ik concluderen dat Jan Vantoortelboom misschien wel zijn intrigerendste boek tot nu toe heeft geschreven. 

In het interview op dit weblog zegt hij zijn eerste drie romans vooral uit angst voor een vroege dood geschreven te hebben. Die angst heeft hij dus overwonnen. Maar om te zeggen dat hij nu zorgeloos door het leven gaat, verre van. Ook ik doe dat niet, na het lezen van 'De drager'.

Jan Vantoortelboom: De drager – Uitgeverij Atlas|Contact, 192 pagina’s, 19,99 euro.

PZC gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement
  1. Duitse groeten
uit Lewedorp
    PREMIUM
    Zeeland Geboekt

    Duitse groeten uit Lewedorp

    Achterin het boek staat een kaart van Nederland waarop Lewedorp tot belangrijkste plaats van het land is uitgeroepen. Toch zullen ze zelfs in Lewedorp gemengde gevoelens hebben over de Feldpostbriefe 1943-1945 van Soldat Werner Beermann, al zegt hij over het dorp, over heel Zeeland niets dan goeds. Bericht van de vijand, het verhaal van de andere kant. Ik ben van lang na de oorlog, maar ook ik voel onbehagen. En wanneer Beermann vertelt dat zijn bataljon drie doden en twee gewonden te betreuren heeft, omdat ze nabij Lewedorp per auto hun eigen mijnenveld in zijn gereden, deert me dat allerminst, integendeel.
  1. Langs een vloedlijn van messen
    PREMIUM
    Zeeland Geboekt

    Langs een vloedlijn van messen

    Piet Gerbrandy, de dichter uit het verre oosten, gaat in zijn pas verschenen bundel 'Vloedlijnen' (21,99 euro, Atlas Contact) naar het uiterste westen. Hij schreef al eens over Zeeland, in de bundel 'Scheiden wij', in 2007 uitgebracht in de Slibreeks. Ongekend brede regels bood hij en een bekend Bijbels begin: ‘Scheiden wij water van land en duister van licht’. Onmiskenbare plaatsnamen en onweerlegbare herkenningspunten ontbraken en ontbreken, ze passen niet bij Gerbrandy, een dichter die zijn lezer graag op afstand houdt. Waarin hij niet altijd slaagt, en juist op zulke momenten wanneer het onbegaanbare pad éven wordt bijgelicht, boeit hij als weinig anderen. Je blijkt dan bijvoorbeeld te lopen ‘langs een vloedlijn op messen/ geslepen glazen juwelen/ glad hout van wat brak in woest barnen.’

blogs