Volledig scherm
De meidoorn. © Shutterstock

Breng de meidoorn terug in het landschap

Eigen tuin eerstTuingoeroe Romke van de Kaa vertelt elke week hoe je een lustoord maakt van een dorre lap grond. Deze week pleit hij voor eerherstel van de meidoorn, die vanwege een verdenking op het overbrengen van de perenziekte massaal werd gerooid. 

Meidoornhagen hebben eeuwenlang het aanzien van ons cultuurlandschap bepaald. Daarom is de meidoorn niet zomaar een struik of boom - de meidoorn maakt deel uit van ons erfgoed.

Vóór de uitvinding van het prikkeldraad werden akkers en weilanden door tienduizenden kilometers meidoornhaag van elkaar gescheiden. De grote kaalslag in de jaren 50 van de vorige eeuw heeft daar weinig van overgelaten. In die tijd brak voor het eerst perenvuur uit in Europa, een verwoestende ziekte die de appel- en perenboomgaarden bedreigde en waartegen geen remedie bestond. De theorie was dat bijen het perenvuur van meidoorns naar boomgaarden overbrachten. In opdracht van regeringen werden al die meidoornhagen gerooid.

Herinnering

Inmiddels is men erachter dat je de zaak ook kunt omdraaien: dat het perenvuur vanuit de boomgaard de meidoorn zou kunnen besmetten. Maar hoe dan ook, in grote delen van Nederland leeft de meidoornhaag alleen nog in de herinnering. Al worden hier en daar met overheidssubsidie weer nieuwe hagen aangeplant. Maar prikkeldraad is goedkoper en hoeft niet te worden gesnoeid.

Niet alleen in het landschap, maar ook rondom de tuin kan de meidoornhaag nuttig zijn. Een haag van meidoorn is ondoordringbaar, houdt katten en honden buiten de tuin en biedt broedgelegenheid voor vogels. Kleine insecteneters als tuinfluiters, fitissen en tjiftjafs, die graag in meidoorn broeden, kunnen insekten-plagen in de tuin onder de duim houden. En ook aan slakkeneters als egels biedt de meidoornhaag dekking.

Verboden

Een meidoornhaag neemt meer ruimte in dan een haag van beuk of taxus maar past beter in het landschap, vooral in landelijke streken. Hagen van leylandcipressen en andere uitheemse coniferen zouden in het buitengebied bij gemeenteverordening verboden moeten worden.

Meidoornhagen hoeven niet uitsluitend uit meidoorn te bestaan; de haag kan worden doorvlochten met kamperfoelie, klimop en egelantier en ter afwisseling met een enkele sleedoorn of kornoelje.

Ook wie geen haag om zijn tuin wil, of zijn bestaande haag niet wil vervangen, kan meidoorns planten. Meidoorns die als boompje worden opgekweekt zijn door hun bescheiden formaat bij uitstek geschikt voor de kleinere tuin. Ze worden zelden hoger dan een meter of vijf.

De bekendste cultivar is waarschijnlijk ‘Paul’s Scarlet’, een variëteit uit Engeland die veel in tuinen, maar ook langs straten en lanen, wordt aangeplant. In volle bloei is het een spectaculaire boom, maar scarlet - scharlaken - is overdreven voor de bloemen die in werkelijkheid donkerroze zijn. Paul’s Scarlet draagt geen vruchten, een eigenschap die de boom bij uitstek als straatbeplanting geschikt maakt. Want in de openbare ruimte houdt men niet van bomen die vruchten dragen. Die zouden eens op de motorkap van een auto kunnen vallen, of op het hoofd van een voorbijganger. Bij meidoorns hoef je daar sowieso niet bang voor te zijn. Lang voordat de vruchtjes vallen hebben de vogels ze al opgegeten.