Volledig scherm
PREMIUM
© Joost Hoving

Bomans

COLUMN WILLEM VAN DAMHet briefje bewaar ik nog altijd zorgvuldig in een doorzichtig plastic mapje; het briefje dat Godfried Bomans zo’n zeventig jaar geleden – met potlood! - aan mijn vader schreef. Mijn vader (hij bracht het van broodbezorger tot journalist én schreef enkele toneelstukken) had Bomans om raad gevraagd: hoe kan ik mijn schrijverschap verbeteren? Bomans was niet te beroerd om mijn vader van advies te dienen: ,,Werk. Verwacht niets van anderen. Werk zóo, dat de menschen U lezen. Een andere weg is er niet.’’

  1. Met een doffe plof knalde het meesje tegen het glas
    PREMIUM
    Column Willem van Dam

    Met een doffe plof knalde het meesje tegen het glas

    Plots zat-ie op het aanrecht. Zo maar, op een zonnige zondagmiddag. Een verdwaald koolmeesje. Was pardoes door de openstaande tuindeuren ons huis binnengevlogen. Een mooi beestje, zwarte en gele veertjes en met een paar kraaloogjes die paniek uitstraalden. Bevreesd hief het diertje de staart, deponeerde een angstpoepje op het keukenblad, fladderde weg en landde op mijn bureau waar het - op het toetsenbord van de computer waarop ik nu dit stukje tik - weer een poepje achterliet. Maar ja, neem dat zo’n beestje eens kwalijk. Doe je niet. Toch?
  2. Een zak vol afdankertjes
    PREMIUM
    COLUMN WILLEM VAN DAM

    Een zak vol afdanker­tjes

    ,,Zo’’, zei mevrouw Van Dam op bevelhebberige toon, ,,duik jij je klerenkast eens in en stop al je broeken, truien en jasjes die je nooit meer draagt hier maar in.’’ Ze hield me een plastic zak voor, die goededoelenclub Simavi die ochtend door onze brievenbus had gewurmd met het verzoek deze te vullen met overbodig geworden kleding en schoeisel. Die afdankertjes, beloofde Simavi, worden vervolgens verkocht om met de opbrengst daarvan mooie dingen te doen in verre en minder ontwikkelde landen.

Columns