Joost Hoving
Volledig scherm
PREMIUM
© Joost Hoving

Als ik in mijn hele lange leven twee tientjes aan vuurwerk heb gespendeerd, is dat veel

Column Willem van DamKaboem!!!! Buiten klinkt een donderslag. Is het een cobra 6 BP met 5,5 gram buskruit? Een PS5 Shark Supremo Pirotechnika met Spaans kruit? Met dat soort vragen moet je bij mij niet aankomen. Van vuurwerk heb ik geen verstand. Nooit gehad ook. Als kind mocht ik van mijn ouders wel eens een zakje sterretjes kopen. Tot ik, het was op oudejaarsdag 1953, een brandend sterretje op het gloednieuwe tafelkleed liet vallen – groot gat natuurlijk. Sindsdien geen sterretjes meer voor mij.

  1. Vooral besneeuwde landschapjes sieren onze bijzettafel
    PREMIUM
    column jan van damme

    Vooral besneeuwde landschap­jes sieren onze bijzetta­fel

    Bof ik even. Niemand die mijn handschrift kan lezen. Ze zeggen wel eens dat dokters over een onleesbaar handschrift beschikken, nou, dan hebben ze het mijne nog nooit gezien. Dat begon al op de lagere school, toen ik met een kroontjespen mijn eerste woordjes moest schrijven. Een zooitje was het. Schots en scheef dansten de letters door mijn schriftje. Hoe ik mijn best ook deed – puntje van de tong uit mijn mond geperst - voor schoonschrijven haalde ik nooit een voldoende.
  2. ‘Het is niet zo erg dat ze er zijn, maar dat ze het doen!’
    PREMIUM
    Column Willem van Dam

    ‘Het is niet zo erg dat ze er zijn, maar dat ze het doen!’

    Ze stonden met welgevulde boodschappenmandjes bij de kassa. Twee vrouwen van middelbare leeftijd. De een: een kleine dikkerd met een uitgezakt permanentje. De ander: een struise blondine met van die neerhangende mondhoeken die op een voortdurend misnoegen duidden. Over de preek van de voorbije zondag spraken zij. Die was over verdraagzaamheid gegaan, en over homoseksualiteit; dat homoseksuelen ook mensen zijn, en dat die net als ieder ander behandeld moeten worden. Zoiets had de dominee gezegd.
  3. Zonder vis thuiskomen, dát was onze eer toch zeker te na?
    PREMIUM
    column Willem van Dam

    Zonder vis thuiskomen, dát was onze eer toch zeker te na?

    Ach, kijk nou toch eens, wat leuk! Terwijl ik trachtte enig orde te scheppen in de dozen waarop ik ooit met viltstift ‘Familiearchief’ had gekalkt, kwam de foto tevoorschijn. Er staat een ventje van een jaar of zes op, blond, blauwe kaplaarzen, kniestukken op z’n broek, gele jas en een triomfantelijke grijns. Groos houdt hij een hengeltje omhoog waaraan een makreel bungelt - een gerookte makreel, die we samen bij de visboer hadden gekocht na een middagje vruchteloos hengelen in het kanaal naar het Goese Sas.

Columns