Willem van Dam.
Volledig scherm
PREMIUM
Willem van Dam. © Joost Hoving

1 april

column Willem van DamDe plannen lagen klaar. ’s Morgens met z’n allen naar Scharendijke, dan een gezamenlijke lunch en ter afsluiting een potje bowlen. Doen we elk jaar, iets leuks. Ter nagedachtenis van Ron, de man van onze dochter Margje en de vader van onze kleindochters Fay en Ruby. Maar helaas: corona maakt meer kapot dan je lief is.

  1. Met een doffe plof knalde het meesje tegen het glas
    PREMIUM
    Column Willem van Dam

    Met een doffe plof knalde het meesje tegen het glas

    Plots zat-ie op het aanrecht. Zo maar, op een zonnige zondagmiddag. Een verdwaald koolmeesje. Was pardoes door de openstaande tuindeuren ons huis binnengevlogen. Een mooi beestje, zwarte en gele veertjes en met een paar kraaloogjes die paniek uitstraalden. Bevreesd hief het diertje de staart, deponeerde een angstpoepje op het keukenblad, fladderde weg en landde op mijn bureau waar het - op het toetsenbord van de computer waarop ik nu dit stukje tik - weer een poepje achterliet. Maar ja, neem dat zo’n beestje eens kwalijk. Doe je niet. Toch?
  2. Toen ze me in het oog kreeg, stak ze minachtend een middelvinger naar me op
    PREMIUM
    Column Willem van Dam

    Toen ze me in het oog kreeg, stak ze minachtend een middelvin­ger naar me op

    Opstootje in de supermarkt. Ik had net een tros bananen in mijn mandje laten landen, toen er even verderop geschreeuw klonk: ,,Hoorde je dat? Die man zei kutwijf tegen me!’’ Wat zich precies had voorgedaan werd me niet geheel duidelijk, feit was dat een vrouw het in het gangpad tussen de snoepjes en de frisdranken aan de stok had gekregen met een fors model man op Zweedse klompen.

Columns