1. Ik had zo'n vaag vermoeden van wat er komen zou
    PREMIUM
    COLUMN WILLEM VAN DAM

    Ik had zo'n vaag vermoeden van wat er komen zou

    ,,Weet je waar jíj eens een stukkie over moet schijven…?’’ Met een dwingende wijsvinger priemde de man in mijn richting. Ik had bij de slager net een onsje rookvlees, een bakje likkepot (in de reclame!) en een pond gehakt (half om half) besteld, toen hij vlak naast me kwam staan. ,,Ho, ho, ho’’, deinsde ik terug, ,,denk om de anderhalve meter, hé?’’ Maar daar trok hij zich niet heel veel van aan.
  2. Wie ik ook in het stemlokaal aantrof, géén Willem A. en Máxima
    PREMIUM
    COLUMN WILLEM VAN DAM

    Wie ik ook in het stemlokaal aantrof, géén Willem A. en Máxima

    De Oranjes doen graag verstoppertje. Deed onze koning in zijn vlegeljaren niet mee aan de Elfstedentocht onder de schuilnaam W. A. van Buren? Verscholen zijn oma en zijn overgrootmoeder zich ook niet graag achter een pseudoniem als ze in een aangenaam restaurant onbespied een oester naar binnen wilden slurpen? Zijn moeder – weet u nog, dat ze samen met dé majoor van het Leger des Heils anoniem de Amsterdamse Wallen verkende? En vergeet zijn opa niet hè, die zich als Victor Baarn aan de balie van een vliegtuigfabrikant meldde om wat steekpenningen te incasseren.
  1. Dan werden de stoelen in een kring gezet
    PREMIUM

    Dan werden de stoelen in een kring gezet

    We noemden haar tante - tante Rietje. Tante Rietje was geen echte tante, ze was een overbuurvrouw. Maar omdat zij nogal vaak (soms té vaak) bij ons over de vloer kwam, noemden wij haar tante. Tante Rietje was getrouwd met Jopie. Geen ome Jopie, oh nee, geen sprake van! Want Jopie was een klein, onaangenaam mannetje, wiens geringe gestalte werd gecompenseerd door een paar grote handen, waarmee hij graag op Rietje los timmerde. Als Jopie zijn gramschap weer eens op haar wilde botvieren, zocht zij meestal een veilig heenkomen in onze bovenwoning. En zo was Rietje gaandeweg van overbuurvrouw tot tante gepromoveerd.
  2. Ik lijk inmiddels op Dion Graus. Hier is sprake van een noodgeval!
    PREMIUM
    column willem van dam

    Ik lijk inmiddels op Dion Graus. Hier is sprake van een noodgeval!

    Nee, ik ga het niet hebben over de scheve schaats van CDA-minister Hoekstra; over minister De Jonge (óók CDA) die zich zonder mondkapje vertoonde in een winkel; over minister Grapperhaus (CDA) die zich op zijn bruiloft een slag in de rondte knuffelde; over D66-kopstuk Jetten die net deed alsof ie niet wist dat de sportscholen ook voor hém gesloten zijn; over onze vorst + gemalin + kroost die ondanks alle coronaperkingen doodleuk op vakantie gingen. Daarover is al genoeg gezegd en geschreven. En daarover zal in deze verkiezingstijd nog genoeg gezegd en geschreven worden.
  3. Bij PostNL laten ze je wachten tot sint-juttemis
    PREMIUM
    Column Willem van Dam

    Bij PostNL laten ze je wachten tot sint-juttemis

    Ik weet dat het niet erg chique is om op deze plek een privéruzie uit te vechten. Maar de kwestie zit me zo hoog, dat ik de verleiding niet kan weerstaan. Ik verkeer in staat van oorlog met PostNL. Dat is dat bedrijf met die oranje-witte busjes die door de straten scheuren. Het is dat bedrijf dat zijn bezorgers volgens de vakbond met een hongerloontje afscheept. Het is dat bedrijf dat pakketjes bij u en mij bezorgt – als het goed gaat tenminste, en dat gaat het niet altijd.
  1. 
Ik zie mannen met
kapsels die herinneringen
oproepen aan de jaren 60
    PREMIUM
    column Willem van Dam

    Ik zie mannen met kapsels die herinneringen oproepen aan de jaren 60

    Kapster Karin uit Vlissingen verstrekt op Omroep Zeeland-tv kniptips. Het LOI biedt cursussen thuisknippen aan. Op YouTube barst het van de filmpjes met instructies voor de doe-het-zelf-kapper. Op straat zie ik mannen rondlopen met kapsels die herinneringen aan de roerige jaren 60 (‘Beter langharig dan kortzichtig!’) oproepen. In de supermarkt kom ik mevrouwen met uitgezakte permanentjes tegen die mij sterk doen denken aan de hoogbejaarde dwergpoedel van mijn oom Frits.
  2. Zonder vis thuiskomen, dát was onze eer toch zeker te na?
    PREMIUM
    column Willem van Dam

    Zonder vis thuiskomen, dát was onze eer toch zeker te na?

    Ach, kijk nou toch eens, wat leuk! Terwijl ik trachtte enig orde te scheppen in de dozen waarop ik ooit met viltstift ‘Familiearchief’ had gekalkt, kwam de foto tevoorschijn. Er staat een ventje van een jaar of zes op, blond, blauwe kaplaarzen, kniestukken op z’n broek, gele jas en een triomfantelijke grijns. Groos houdt hij een hengeltje omhoog waaraan een makreel bungelt - een gerookte makreel, die we samen bij de visboer hadden gekocht na een middagje vruchteloos hengelen in het kanaal naar het Goese Sas.
  3. Ik pak mijn kijker pas als er een écht vreemde snoeshaan opduikt
    PREMIUM

    Ik pak mijn kijker pas als er een écht vreemde snoeshaan opduikt

    Rare lui, die vogelspotters. Zodra zich ergens een vreemde vogel vertoont, rukken ze massaal uit. De foto in de krant gezien? Die toonde een rijtje kleumende lieden (dikke jassen, capuchons over het hoofd getrokken) die op de Veerse Gatdam door een verrekijker staan te turen naar een kortbekzeekoet. Dat is een soort meerkoet maar dan met een iets dikkere snavel. Niet iets om opgewonden van te worden, zou ik denken.
  4. Als ik in mijn hele lange leven twee tientjes aan vuurwerk heb gespendeerd, is dat veel
    PREMIUM
    Column Willem van Dam

    Als ik in mijn hele lange leven twee tientjes aan vuurwerk heb gespen­deerd, is dat veel

    Kaboem!!!! Buiten klinkt een donderslag. Is het een cobra 6 BP met 5,5 gram buskruit? Een PS5 Shark Supremo Pirotechnika met Spaans kruit? Met dat soort vragen moet je bij mij niet aankomen. Van vuurwerk heb ik geen verstand. Nooit gehad ook. Als kind mocht ik van mijn ouders wel eens een zakje sterretjes kopen. Tot ik, het was op oudejaarsdag 1953, een brandend sterretje op het gloednieuwe tafelkleed liet vallen – groot gat natuurlijk. Sindsdien geen sterretjes meer voor mij.
  1. Een zwijnenstal? Dan had moeder Van Dam het appartementje van de Rolling Stones niet gezien...
    PREMIUM
    Column Willem van Dam

    Een zwijnen­stal? Dan had moeder Van Dam het apparte­ment­je van de Rolling Stones niet gezien...

    Ik beken: in mijn jonge jaren was ik een enorme smeerkees. Ik heb het mijn moedertje zaliger honderden keren horen roepen: ,,Jongen, ruim je rotzooi toch eens achter je kont op.’’ En later, toen ik op mezelf was gaan wonen, heb ik haar vele malen mismoedig het hoofd zien schudden als ze de moed had kunnen opbrengen om mij op te zoeken in mijn woonhol, een afbraakpand in het centrum van de stad waar ik opgroeide. ,,Jongen, zo heb ik je toch niet opgevoed.’’
  2. De Rijdende Rechter hoeft zich voorlopig nog niet te vervelen
    PREMIUM
    Column Willem van Dam

    De Rijdende Rechter hoeft zich voorlopig nog niet te vervelen

    Heb je duiven? Dan heb je ook stront! Het is een waarheid als een koe. Ik ken een duivenmelker die veel te laat op het bruiloftsfeest van zijn dochter verscheen, omdat hij eerst wilde wachten tot al zijn duiven binnen waren. En toen hij eindelijk in de feestzaal arriveerde, had hij verzuimd zijn blauwe stofjas uit te trekken en zijn sloffen te verruilen voor een ordentelijk schoenenpaar. Stront aan de knikker natuurlijk.
  1. Ik heb nog geen definitieve keuze gemaakt
    PREMIUM
    column Willem van Dam

    Ik heb nog geen definitie­ve keuze gemaakt

    Binnenkort kan ik een brief van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport verwachten; of ik nu eindelijk eens wil laten weten wat met mij te doen wanneer ik ben ontslapen. Mooi woord trouwens, dat ontslapen. Het werd afgelopen zaterdag in het radioprogramma De Taalstaat van Frits Spits niet voor niets genoemd als een ‘vergeetwoord’ dat het verdient om gekoesterd te worden. Maar dat slechts terzijde.
  2. Slapen is niet altijd zo makkelijk als je denkt
    PREMIUM
    Column Willem van Dam

    Slapen is niet altijd zo makkelijk als je denkt

    Wie is er nu gek geworden, ik of de slaapexpert? Het wemelt ervan, van die slaapexperts. Ze zijn er in alle soorten en maten. Zo presenteren verkopers van (ik noem maar wat) De Beddenkoning of Het Matrassenpaleis zichzelf graag als slaapspecialist omdat beddenboer zo gewoontjes klinkt. Er zijn slaapcoaches die ons willen leren om ‘een superslaper’ te worden, er zijn slaaptherapeuten en slaaptrainers die zeggen ons voor doorwaakte nachten te kunnen behoeden. En er bestaan zelfs slaapscholen met echte slaapjuffen. Waarmee ik maar wil zeggen: slapen is niet altijd zo makkelijk als je denkt.