Ernesta Verburg
Volledig scherm
PREMIUM
© Ernesta Verburg

Het bleek al middernacht en ik zat nog steeds in het pikkedonker voor me uit te staren

Column Wendy WagenmakersWe hadden vroeger thuis twee hondjes, een poedel en een Maltezer leeuwtje. Ze waren al op leeftijd toen ik werd geboren. Ik herinner me niks van de beestjes, alleen de spanning in huis toen ze ziek werden. Het gedoe met de dierenarts, de beslissingen die maar niet gemaakt werden, het verdriet achteraf. En dat mijn vader de rest van zijn leven zei: ik wil nooit meer een hond.

  1. Zelfs van een vinvis kijken we in Zeeland amper meer op
    PREMIUM
    column wendy wagenmakers

    Zelfs van een vinvis kijken we in Zeeland amper meer op

    Veertig weken zwanger was ik toen ik op een koude decemberdag met mijn kinderen stond te staren naar een dode potvis op het strand van Domburg. De potvis die zo nodig Pieter moest worden genoemd. Het was triest om te zien: het dode dier met zijn neus tegen de paalhoofden, de mensen die poseerden met het veertien meter lange lijk, het water dat steeds roder kleurde. Ik vroeg me wat me bezielde om er naartoe te gaan.
  2. Een apparaatje dat me aanmoedigt water te drinken, met virtueel vuurwerk tot besluit - hoe heb ik ooit zonder gekund?
    PREMIUM
    column wendy wagenmakers

    Een apparaatje dat me aanmoedigt water te drinken, met virtueel vuurwerk tot besluit - hoe heb ik ooit zonder gekund?

    Daar stond ik dan, met een kar vol gehaktballen, siroopflessen, afwasborstels en een pluchen olifant ter grootte van een Toyota Aygo (oké, en een zak Daim-chocolaatjes). Spullen die in niets leken op de uitverkochte SKÅDIS ophangborden waarvoor ik eigenlijk kwam, maar ja, je worstelt je op je vrije zaterdagmiddag niet voor niets door de blauw-gele hel heen. En waar had ik nou die #*&$%!-auto gelaten?