Ernesta Verburg
Volledig scherm
PREMIUM
© Ernesta Verburg

De dag dat ik me te pletter rijd voor een kentekenplaat

Column Wendy WagenmakersHet scheelde niet veel. Ik voelde de bermbobbels al onder mijn banden denderen, zag een flits van een vangrail. Door mijn lijf schoot een ferme hittegolf. Een snelle zwaai aan het stuur, een blik in de achteruitkijkspiegel en een kuchje om net te doen of er niks gebeurd was. Maar mijn hart klopte nog in mijn keel. Hoe had ik dit de mannen van Kuzee moeten uitleggen? Ik zag de meewarige blik van mijn hoofdschuddende huisgenoot alweer voor me. Eenmaal thuis keek ik op mijn iPhone en zag een vage vlek van iets wat net zo goed een fietspad in de regen zou kunnen zijn. Maar het was toch echt een Duitse Mazda met nummerbord KUSJE-59, waarvoor ik mijn leven riskeerde.

  1. 
Na al die jaren tussen schreeuwende junks lag ik wakker van koolmeesjes die een liedje zongen
    PREMIUM
    Column Wendy Wagenmakers

    Na al die jaren tussen schreeuwen­de junks lag ik wakker van koolmees­jes die een liedje zongen

    Volwassen worden, schreef ik eind 2019 als voornemen voor 2020, dat leek me wel wat. Amper een half jaar later kochten we een grotemensenhuis in een grotemensenbuurt aan de rand van de stad (‘Helemaal dáár?!’ zeggen Vlissingers dan, alsof je emigreert naar de Australische bush) en moesten we over zoveel grotemensendingen gaan nadenken dat we thuis alleen nog maar praten over hypotheken, raamkozijnen, afkortzagen, stopcontacten en spouwmuurisolaties. Alles wat ik als kind zo vreselijk verafschuwde.

Columns