Volledig scherm
John de Vrieze (kok) met een blad diverse tapa's. © Johan Van Der Heijden

Recensie tapasbar Segundo: Zoveel tapas als je zelf kunt eten

EETRUBRIEKGOES - Al twee exploitanten gingen nat in wat ooit restaurant De Stadsschuur in Goes was, maar tapasbar Segundo lijkt de sleutel te hebben gevonden.

Segundo? De naam is volstrekt logisch. Het is het tweede (segundo)restaurant van Carola Speksnijder. In Zierikzee drijft ze al langer een tapasbar: ’t Schuitje aan de Schuithaven. Vorig jaar waagde ze de sprong naar Goes. Dapper, want er rustte weinig zegen op het verscholen horecapand aan het Schuttershof. Twee ‘voorgangers’ beten zich er de tanden op stuk. 

Dat lijkt dit keer niet het geval. Op zomaar een dinsdagavond zit het tjokvol bij tapasbar Segundo. En dat is eigenlijk de hele week zo, zegt eigenaresse Carola. 

Hoe is het menu? 

Volledig scherm
Waardering © PZC

De tapasformule slaat dus enorm aan. Bueno! Het warme interieur met comfortabel meubilair lijkt niet veel veranderd na ons laatste bezoek aan wat toen nog De Nieuwe Stadsschuur heette. Hé, zijn dat niet dezelfde Japanse lampen aan het plafond? 

Moeten we tapas nog uitleggen? Het is de verzamelnaam voor Spaanse aperitiefhapjes. In Spanje krijg je ze als eetlustopwekkend gerechtje bij je bier, borrel of glas wijn. Nederlandse tapasrestaurants serveren vaak een keur aan tapas die samen een copieus maal vormen. Bij Segundo heb je dat zelf in de hand. 

Je kunt losse tapas bestellen of kiezen voor de all-you-can-eat-formule, waarbij desserts 
niet zijn inbegrepen. Voor 26,75 euro kun je onbeperkt de keukenbrigade aan het werk zetten. Met 83 tapas - van soep, vis, vlees tot groenten – is de keuze zeer royaal. Segundo speelt wel een beetje vals, want een aantal hapjes is van Italiaanse origine. Vitello tonnato of penne rigate bijvoorbeeld. 

Allereerst verschijnt er een plank met lekker brood en kruidensmeersels op tafel. De een met uitbundig knoflook. Daarna moeten we de administratie op orde brengen.

In Seguno staat standaard een uit de kluiten gewassen wasknijper op tafel. Daarin moet je je bestelbon vastklemmen. Op de bon dient de gast het tafelnummer, de nummers van de geselecteerde tapas en hoeveel stuks hij daarvan blieft, te noteren.

De serveerster levert de bonnetjes in de keuken af. Met een bomvolle zaak denk je dat dat vroeg of laat in de soep loopt, maar Segundo heeft de organisatie op orde.We krijgen wat we bestellen en steeds mooi op tijd.

Als voorgerecht trappen we af met vissoep. Het glaasje zit boordevol wilde zalm, de gebonden bouillon is rond en intens, met een fijn pepertje na. Segundo brengt me in de zevende hemel met een huwelijk van cabrales en zachte dadels.

Carpaccio valt wat tegen

Cabrales is een blauwgeaderde schimmelkaas die rijpt in grotten in het Noord-Spaanse Picos de Europa-gebergte. Hij heeft een rokerige volle smaak, die milder is dan roquefort. Samen met een dadel is dat een paradijs voor je papillen. Over de koolsla met paprika, kidneybeans, chorizo en rucola zijn we ook lyrisch: prettig lichtzuur met een pikantje in de finale. Dan valt de carpaccio wat tegen. De balsamicodressing, zoet als kindersnoep, overvleugelt de vleessmaak.

Volledig scherm
Sarah Roks serveert diverse tapa's. © Johan Van Der Heijden

Nog een rondje maar. Atlantische tongfilet, garnalenkroketten, paella en pikante spiesjes. Ze worden geserveerd in minipannetjes, de paella zelfs in een miniatuur paellera. Alsof je in een poppenhuis dineert. Hulde voor de paella. De rijst is beetgaar, vis en octopus mooi mals en de kruiderij redelijk goed. Ook de tong is goed gegaard. Mijn tafelheer looft de zachte mosterd(room)saus. In de garnalenkroketten proeven we weinig garnaal. \De krokante jas overvleugelt de ragout. 

Tapas los bestellen

Volledig scherm
Menu, locatie en prijzen © PZC

En de spiesjes? Ze mogen iets malser. En zo doen we nog vier rondjes tapas. Van leuke scampi in tempura-beslag met sesam en soja (uitstapje naarJapan), een moorddadig lekker rundvleesstoverijtje (mooi zuurtje in de saus), een droge, niet naar vis smakende vislasagne van aardappel(!), een wat te rauwe cannelloni, een te zure, vermoeiende ratatouille tot en met een fantastisch mals kippetje en een fijn geitenkaasje met tomaat en pesto uit de oven. 

Na vijf rondjes ofwel twintig tapas zien we dat we ongeveer aan het All you can eat-tot-je er-bij-neervalt-bedrag zitten. Je kunt dus net zo goed tapas los bestellen. De meeste zijn (erg) lekker. 

Zeker wel. Italiaans, maar dat is geen straf. Een kloeke tiramisu die lekkerromig en niet te alcoholisch is. De panna cotta is me een tikje te zoet, maar gelukkig doneert de topping van frisfruitige rode bessen dat noodzakelijke frisje. Het is cliché, maar we roepen het toch: olé!

PZC gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement