Heidi te Poele voor en haar Groom Kimberley van der Kraan in actie in Vrouwenpolder.
Volledig scherm
Heidi te Poele voor en haar Groom Kimberley van der Kraan in actie in Vrouwenpolder. © Lex de Meester

Uit de krant van 26 november 2016: Anderen iets leren is de eerste natuur van Heidi te Poele

uit het archiefOUD-SABBINGE - Nu het coronavirus iedereen aan huis bindt, duikt de sportredactie van de PZC in het rijke archief. Mooie verhalen uit het recente verleden komen nogmaals online. Vandaag: menster Heidi te Poele uit Oud-Sabbinge. ,,Van jongs af aan ben ik dol op dieren. Jarenlang heb ik bij mijn ouders gezeurd om een hond.”

Kinderen en pony’s zijn de centrale thema’s in het leven van Heidi te Poele. En niet te vergeten haar honden. Een beetje bij toeval belandde ze in de mensport. ,,Je kon niet op onze pony zitten, dus hebben we maar een karretje achter haar gespannen.’'

Als meisje dresseerde Heidi te Poele haar konijn. Met plankjes knutselde ze een apenkooi in elkaar. ,,Een heel circuscircuit in de garage’', visualiseert ze. Snuffel moest rennen, klimmen, duiken en slalommen. ,,Het konijn luisterde hartstikke goed. We konden haar ook loslaten op een veldje voor mijn ouderlijk huis. Ze liep nooit weg.’'

Decennia later is er in essentie niet veel veranderd in het leven van Te Poele. Oké, ze heeft haar ouderlijk huis in de Achterhoek al jaren geleden verruild voor een vrij huis in Oud-Sabbinge. En ze is een volwassen vrouw geworden met een man en eigen kinderen. Maar de drang om anderen iets te leren, is haar eerste natuur gebleven. Alleen nu aan kinderen, honden en pony’s.

Als het hek opengaat, komt Baila als eerste aangelopen. Een bruine labrador, vanwege de leeftijd beweegt ze een beetje roestig, maar de staart kwispelt als die van een puppy. Een jonge kopie, Bente, komt een paar tellen later als een schicht uit de stal geschoten. Even enthousiast als snel. Binkie, de jack russell, is de laatste verkenner voordat de vrouw des huizes uit de stal komt.

,,Ze zijn altijd bij me’', zegt Heidi te Poele. ,,Van jongs af aan ben ik dol op dieren. Jarenlang heb ik bij mijn ouders gezeurd om een hond. Toen ik een jaar of dertien was, waren ze mijn gezeur zat, haha. Nee, ze zagen hoe serieus ik erover was. Ik kreeg een golden retriever, Christa. Voor en na school liet ik haar trouw uit.’'

,,Mijn vader was veehandelaar. Als ik kon, ging ik met hem mee naar de dieren. Misschien niet vreemd dat ik dierenarts wilde worden. Ik had er ook het vakkenpakket voor gekozen; ik had alle exacte vakken. Maar toen ik op het vwo zat, stelde mijn vader de vraag of het wel zo slim was om dierenarts te worden. Als ik niet werd ingeloot, wat dan?’'

Ze maakte een bocht en koos voor het onderwijs. En misschien paste het juffenbestaan haar nog wel beter. ,,Want daarin kan ik kinderen steeds een stapje verder brengen. Dat geeft me voldoening. Dat als ze van school gaan, dat ik ze iets in hun gereedschapskist heb gegeven waarmee ze verder kunnen komen in het leven.’'

,,Maar ik wil mezelf ook ontwikkelen. Hoe? Op dit moment ben ik bijvoorbeeld aan het lezen over de hersenontwikkeling van kinderen in de baarmoeder. In mijn werk kan ik dat gebruiken. Hoe komt het dat een kind dyslectisch is, hoe werkt een puberbrein? Dat kan me helpen bij het zoeken en vinden van ieders talent in de klas.’'

Zie je parallellen met dieren?

,,Stel je voor: in de klas heb je 21 kinderen. Van hen zijn 19 goed aan het werk, 2 niet. Je kunt die 2 zeggen: hup, aan het werk. Beter is volgens mij om die 19 goede werkers uitgebreid te complimenteren. Die andere 2 gaan vaak vanzelf ook aan de slag. Het is eigenlijk niks bijzonders, want die positieve benadering gebruik ik al jaren met mijn honden en paarden.’'

,,Bij dieren is het zwartwitter. Als een hond niet op de bank mag zitten, dan zeg je consequent ‘hup eraf’ en dan gebeurt het. Bij kinderen spelen natuurlijk meer zaken mee. Van een beweeglijk kind kun je niet verwachten dat die de hele dag strak op zijn stoel zit. Kijk naar het kind, niet naar de massa, en laat ieder kind zich op zijn eigen manier ontwikkelen.’'

Dat doet Heidi te Poele ook met haar pony’s. Twarres, Popeye en Kelvin staan achter het huis, achter de stallen met z’n drietjes te chillen. Onder de warme rijdeken komen de vachten - bruin met wit - vandaan. Vanwege die kleuren worden ze de ‘Bontjes van Heidi’ genoemd. Ze hebben overigens een rustdag. Normaliter traint Te Poele vijf keer per week met haar ‘Bontjes’.

Te Poele beoefent de mensport. Op niveau. Op hoog niveau zelfs. Zes jaar geleden begon ze ermee. Toevallig eigenlijk. ,,Voor de kinderen hadden we een pony gekocht, Tinka. Maar ze gaven er eigenlijk niks om. Haar wegdoen was geen optie. Omdat je niet op haar kon zitten, hebben we een karretje achter haar gespannen en hebben we voor de mensport gekozen.’'

,,Eén pony vonden we zielig, dus hebben we een tweede gekocht: Twarres. Ze konden eigenlijk helemaal niks. Vanaf nul heb ik ze opgeleid. Onze eerste wedstrijd was een districtswedstrijd. Dat wist ik overigens niet. We wonnen en mochten naar het Nederlands kampioenschap. En dat wonnen we ook. Zo onverwacht. We zijn toen steeds een stapje verder gegaan.’'

En waar staan jullie nu?

,,Alles staat momenteel in het teken van het wereldkampioenschap, volgend jaar in het Duitse Minden. Maar het wordt lastig. Twee maanden geleden is Tinka plots dood gedaan. Aan een koliek. Twee weken daarvoor hadden we nog een wedstrijd gereden. Maar in haar lijf was iets gesprongen. Dat heeft er ingehakt. Ze was toch de eerste pony die ik kocht.’'

Stomme vraag misschien, maar begraaf je een pony?

,,Nee, dat mag niet. Cremeren mag wel. Maar daar hebben we niet voor gekozen. Als herinnering hebben we de staart van Tinka afgeknipt. Daar maak ik misschien wel een sieraad van, een ring of een ketting, zoiets. Dat is niet ongebruikelijk hoor. Mijn eerste paard heette Kenzo. Van diens manen heb ik zelf een armband gemaakt. Die draag ik nog wel ‘s.’'

Zie je de pony’s als je kinderen?

,,Je bent zo intensief met elkaar bezig, dat ze heel dicht bij je kinderen komen. Maar nooit helemaal. Twarres heeft een paar jaar geleden een ernstig ongeluk gehad. Hij klapte achterover op de stenen. Ik stond te trillen op mijn benen. Hij heeft een week vastgebonden op stal gestaan. Dat raakt je. Hij mocht niet gaan liggen, want bij het opstaan zou hij zijn bekken kunnen breken. Twarres is ook een beetje mijn oogappeltje. Weet je, hij praat met me.’'

Huh?

,,Echt, hij is grappig. Hij kan tegen me praten. Hij heeft een heel arsenaal hinnikjes. Eéntje voor als ik thuiskom, ééntje voor als we gaan trainen, ééntje voor als er gegeten moet worden. Dat is komisch hoor. De Bontjes kunnen overigens ook ondeugend zijn. Een volle kruiwagen met poep omduwen, in de verkeerde stal gaan staan, zulke dingen.’'

Het wegvallen van Tinka was met het oog op het WK ook sportief gezien een drama.

,,Binnen drie dagen had een vriendin - Ada Steketee - de oplossing al geboden met Kelvin. Maar ik kon niet meteen verder. Na een aantal weken heb ik het opgepakt en nu moeten we in korte tijd een team maken van Twarres, Popeye en Kelvin. Naast wie loopt Kelvin het beste, aan de linker- of de rechterkant, in welk onderdeel ligt zijn talent? Op die vragen is nu alles gericht.’'

Snorrie, Popje en Kellie, zoals het hippische supertrio liefkozend genoemd wordt door Heidi, zijn het inmiddels gewend dat Baila, Bente en Binky als honds supertrio overal zijn natte neus laat zien. Bij trainingen zitten de drie B’s ook trots op de bok bij hun bazin. ,,Honden zijn een andere passie van me. Toen we hier kwamen wonen, kregen we Banjer. We zijn op les gegaan, maar eerlijk gezegd kon Banjer veel meer dan er bij die lessen werd aangeboden. Dan raakte hij verveeld. Het is net als met kinderen: de één pikt iets sneller op dan de andere en daarop moet je anticiperen. Toen ben ik het eigenlijk zelf gaan doen.’'

Ze geeft les aan particulieren, past op andere honden én zorgt voor nageslacht. Bente is immers de dochter van Baila, die de dochter is van Boike, die de dochter is van Banjer waarmee het allemaal begon. De jack russell Binkie is de outlaw. ,,Maar hoe klein hij is, hij domineert de andere.’'

Heidi Te Poele lacht er zelf om. Zij weet immers uit haar eigen garage dat iedereen een talent heeft.

  1. ‘Corona? Het lijkt of het hier niet meer speelt’
    PREMIUM

    ‘Corona? Het lijkt of het hier niet meer speelt’

    PHAN RANG-THÁP CHÀM - Davy Scheffers is nog één van de weinige toeristen in Vietnam. De 28-jarige Zierikzeeënaar reisde eind januari naar surfhotspot Phan Rang-Tháp Chàm, waar hij twee maanden dacht te gaan trainen. Nu zit hij er nog steeds. ,,Ik heb onlangs mijn visum maar verlengd tot augustus”, vertelt hij vanuit zijn appartement. ,,Er gaan nog steeds geen vluchten naar Europa. Kans op repatriëring zie ik voorlopig niet.”
  2. Junioren Driedaagse was kantelpunt voor talent Magnus Sheffield
    PREMIUM

    Junioren Driedaagse was kantelpunt voor talent Magnus Sheffield

    ROCHESTER – Het zal je maar gebeuren. Twee keer vallen in de eerste kilometer van een individuele tijdrit. Een nachtmerrie voor elke wielrenner, maar het overkwam de Amerikaan Magnus Sheffield vorig jaar tijdens de SPIE Internationale Junioren Driedaagse. Toch kijkt hij een jaar na dato met weemoed terug op de koers. ,,Ik zou dit jaar terugkomen voor de eindzege, maar het mag helaas niet zo zijn”, aldus de talentvolle junior.