IPTCBron  ©Marcelle Davidse  vlnr Antwan en vader Patrick Tolhoek; Yerseke; 2016; wielersport;
Volledig scherm
IPTCBron ©Marcelle Davidse vlnr Antwan en vader Patrick Tolhoek; Yerseke; 2016; wielersport; © Marcelle Davidse

Uit de krant van 16 september 2016: Zo vader zo zoon in familie Tolhoek

uit het archiefNu het coronavirus iedereen aan huis bindt, duikt de sportredactie van de PZC in het rijke archief. Mooie verhalen uit het recente verleden komen nogmaals online. Vandaag: vader en zoon Tolhoek in een dubbelinterview, vlak voordat Antwan voor  LottoNL-Jumbo ging koersen. ,,Achteraf kun je zeggen dat het er altijd al bij hem heeft in gezeten.”

YERSEKE - Antwan Tolhoek (22) wist lange tijd niet dat er een sportman in hem zat. ,,Tot mijn vijftiende voetbalde ik. Vooral omdat mijn vrienden het ook deden. En natuurlijk vanwege de friet en frikadellen na afloop.” Pas aan het einde van zijn puberteit ontdekte de Yersekenaar dat hij veel duurvermogen had. Via het schaatsen en skeeleren kwam hij in het wielrennen terecht. ,,De appel is uiteindelijk niet ver van de boom gevallen.”

Hij zit met zijn vader én oud- coureur Patrick (51) op een zwoele nazomeravond in de tuin achter zijn ouderlijk huis. Het is enkele dagen voor het EK op de weg, dat hij morgen in het Franse Plumelec rijdt. Die koers (,,Nog één keer lekker erin vliegen”) markeert het einde van zijn jaren als belofte. ,,Weet je dat die tijd eigenlijk maar heel kort is geweest”, zegt Antwan, terugkijkend op de voorbije jaren. ,,Ik zit eigenlijk nog maar net op de fiets.” Patrick: ,,Hij gaf heel lang om andere dingen.”

VÓÓR HET BEGON

Nú ben je een toptalent van Team Roompot. Je hebt na een bijzonder seizoen al een contract getekend bij LottoNL-Jumbo voor 2017. Wanneer kwam het besef dat je een topsporter kon zijn?

Antwan: ,,Oef. Pas echt heel laat. Er werd wel eens aan mij gevraagd: waarom fiets jij eigenlijk niet? Iedereen kent mijn vader namelijk. Maar ik heb heel lang gevoetbald, voor de lol. Aan topsport dacht ik helemaal niet; ik wilde hovenier worden.”

Patrick: ,,Maar toen ben je gaan schaatsen, hè.”

Antwan: ,,Ja, ik ging schaatsen op de Moer toen er natuurijs lag. Dat ging me goed af. Ik schepte daar altijd thuis over op.”

Patrick: ,,Toen heb ik een keer gezegd: als je zo’n grote mond hebt, moet je misschien maar een keer meedoen aan het Zeeuws kampioenschap.”

Antwan: ,,En daar heeft Leo Janse, schaatstrainer van De Poel, me opgepikt. Hij nam me vervolgens mee naar de baan in Breda.”

Patrick: ,,Oud-schaatser Henk Kasper, inmiddels overleden, zei na dat Zeeuws kampioenschap tegen me: ‘Zo goed als Antwan heb ik ze nog nooit gezien’.”

Je was ook écht goed. Al snel werd je in het talententeam van Elfstedentocht-winnaar Henk Angenent opgenomen.

Antwan:

,,Ik wil niet arrogant overkomen, maar ik was eigenlijk in alle sporten goed. Behalve in voetbal, haha. Maar tennissen, skeeleren, schaatsen, fietsen... ik kon het allemaal. Maar het sporten bepaalde helemaal mijn leven niet. Tot mijn zestiende, zeventiende ging ik gewoon volop stappen. Dat is Yerseke, hè.”

Wanneer begon het te kantelen?

Antwan: ,,Dat was toen ik steeds beter werd. En toen ik van anderen hoorde: zou je niet wat minder op stap gaan. Ik ben toen meer gaan trainen en heb vaker ‘nee’ gezegd tegen mijn vrienden. Dat lijkt een opoffering. Maar als je sporten zó leuk vindt en het zó goed gaat, is dat geen opoffering.”

,, Henk Angenent zei in die tijd al dat ik heel makkelijk fietste. We fietsten met de ploeg om duurvermogen op te doen voor het marathonschaatsen. Henk vond dat ik daar meer mee zou moeten gaan doen.”

Patrick: ,,Ik zag pas hoe goed hij was toen hij op z’n vijftiende een keer met me meeging naar de Ardennen. Ik wilde daar met een nieuweling die ik begeleidde gaan trainen. Maar Antwan had zelf geen fiets. Hij had nog nooit op een racefiets gereden. Hij kon er gelukkig eentje lenen van Heddie Nieuwdorp (oud-renner). Vervolgens was hij in een tocht van 110 kilometer op glooiend terrein stukken beter dan die nieuweling, die op dat moment al regelmatig in de prijzen reed.”

,,Wat ik bij Antwan al zag, is dat hij heel belastbaar is. Dat bleek later ook. Je kunt hem een etappekoers van zeven dagen laten fietsen en hij wordt elke dag beter ten opzichte van de anderen.”

HET BEGIN

Eind 2014 werd je ingelijfd door het Rabobank Development Team. Je werd semi-prof.

Antwan: ,,Ja, dat is ook het moment dat ik de switch maakte van het schaatsen naar het fietsen. Het fietsen dat ik tot dan deed, stond nog meer in dienst van het schaatsen. Maar toen heb ik tegen mezelf gezegd: nu ga je proberen prof te worden!”

Patrick: ,,Dat geeft wel aan dat je lef hebt. Hij had alleen nog maar voor een club gereden. Op zo’n moment heb je dus óf een grote bek óf veel zelfkennis. Het was het laatste.”

Antwan: ,,Bij Rabo kreeg ik Grischa Niermann als trainer. In het begin keek mijn vader mee naar de schema’s. Hij had mij daarvoor getraind en mij ook heel erg geholpen nadat ik in 2014 lange tijd ziek was geweest. Hij heeft mij toen heel langzaam - echt met de rem erop - teruggebracht op niveau.”

Patrick: ,,Het bleek dat Grischa op dezelfde lijn zit als ik. Ik zag dat hij Antwan ook hard liet werken. Ik zeg altijd: trainen is als het bakken van een taart. Je stopt er heel veel ingrediënten in, moet vervolgens even wachten en uiteindelijk is het resultaat daar.”

Antwan: ,,Grischa is nu nog steeds mijn trainer bij Team Roompot. Dat lijkt gek, maar dat kan gewoon. En ik hoop dat ik hem ook volgend jaar bij Lotto kan behouden.”

En dan - je bent net begonnen - komt je carrière al in een stroomversnelling terecht. Tinkoff-Saxo biedt je een stage aan. Eerst trainen in de bergen, dan drie maanden koersen. Had je zoiets ooit voor mogelijk geacht?

Antwan: ,,Nee, nooit. Toen ik het hoorde van Arthur van Dongen, mijn ploegleider bij Rabobank, vroeg ik: zit je me nou voor de gek te houden? Maar toen ik er eenmaal zat, was dat zó gaaf. Ik zou elke jonge renner zo’n kans gunnen. Dan zie je hoe het allemaal in de ProTour geregeld is. In de Arctic Race of Norway en de Ronde van Groot-Brittannië reden we met zo’n touringcar naar de koers toe. Normaal deed ik dat gewoon in m’n eigen autootje...”

Patrick: ,,Die koersen mocht je rijden omdat je in de bergen al zo goed met ze had getraind. Je dankte die maanden echt aan je doorzettingsvermogen en aan je inzet.”

Antwan: ,,Ja, ik vind fietsen in de bergen ook zó mooi. Dat straalde ik ook uit. Dat heeft zeker bijgedragen aan het verkrijgen van dat stagecontract. En toen ik in dat shirt van Tinkoff reed, ging ik zeker 20 procent harder dan normaal. Van het vertrouwen dat ze in me hadden, kreeg ik zo’n zin om me goed te laten zien.”

EEN STAP HOGER

Bij Tinkoff-Saxo kon je niet blijven, maar Team Roompot lijfde je in. 2016 is bij die ploeg een droomjaar voor jou geworden. Klopt dat beeld?

Antwan: ,,Nou, niet helemaal. In het begin heb ik het wel heel moeilijk gehad. Ik ben ziek geweest, heb een rib gebroken. Het was lastig voor mij om gelijk een goed niveau te halen. Ik reed mooie wedstrijden, maar presteerde niet.”

Patrick: ,,Maar Roompot had geen haast met je. Ze kenden de oorzaken van je mindere fase. Ze hebben altijd vertrouwen in je gehad en gezegd: het komt goed.”

Antwan: ,,Wel heel mooi in het voorjaar was Luik-Bastenaken-Luik. Dat was altijd al één van favoriete wedstrijden om te kijken. Nu reed ik ‘m zelf. En het was ijs- en ijskoud bij deze editie, maar ik kon blijven gaan en zat te genieten. Ik voelde me die dag echt zo’n strijder, zo’n overlever, zoals in een heroïsche film.”

Uiteindelijk komt het toch goed, zoals voorspeld. Je pakt in juni de bergtrui in de Ronde van Zwitserland en staat ‘m niet meer af. Aan het einde van je loopbaan zal iedereen zeggen: toen is het begonnen!

Antwan: ,,Ja, dat was een heel mooie week. Ik heb na afloop van een wedstrijd nog nooit zo veel reacties gehad als toen. Maar ik blijf erbij dat ik in Zwitserland niet zo heel veel bijzonders deed. Ik reed altijd al zo, maar nu had dat een keer resultaat.”

Patrick: ,,In het wielrennen moet je vasthouden aan waarin je gelooft. En dan komt het er een keer uit. Bij voetbal heb je 50 procent kans dat je wint, bij wielrennen misschien 1 procent. Je verliest als wielrenner veel meer dan je wint. Daar kunnen coureurs goed mee omgaan, maar het is altijd prettig als het allemaal een keer goed gaat.”

Staan de ploegen dan voor je in de rij?

Antwan: ,,Nee joh! Gelukkig niet. Kijk, in elke etappekoers is een bergtrui te verdienen, dus ze jagen heus niet allemaal op een renner die er een keertje één pakt.”

Patrick: ,,Ja, maar er zijn toch ploegen die wel eens willen weten hoe het kan dat zo’n jongen van een procontinentale ploeg in een ProTour-koers zo goed mee kan. Wat is dat voor een rijder, waar komt-ie vandaan?”

Antwan: ,,Jawel. Na de vijfde dag in Zwitserland meldde een grote ploeg zich ook al. Ik dacht toen: gaat dat dan echt zo snel? Uiteindelijk is dat niks meer geworden. Maar toen kwam Lotto erna. Daar heb ik vervolgens bij getekend. Maar ze hebben mij niet pas in Zwitserland ontdekt, hoor. Vorig jaar was er ook al een keer contact geweest.”

LottoNL-Jumbo is het hoogste niveau in Nederland. Je hebt het gehaald, net als je vader?

Antwan: ,,Ja, zo vader, zo zoon.”

Patrick: ,,Achteraf kun je zeggen dat het er altijd al bij hem heeft in gezeten.”

Antwan: ,,Bij Roompot hebben we het daar ook wel eens over: we hebben allemaal ‘iets’. De één heeft vroeger hele stukken naar school moeten fietsen, de ander is heel druk en zit vol energie.”

Patrick: ,,Het zijn allemaal geen grijze muizen.”

Antwan: ,,Toen ik nog op school zat, maakte ik altijd lange dagen. Na school ging ik werken en na m’n werk, ging ik nog een uur skeeleren. En denk maar niet dat ik daarna moe op de bank plofte. Ik had dan vaak nóg energie over. En de volgende ochtend stond ik alweer te trappelen.”