De wielerbaan van weleer in Oostburg.
Volledig scherm
De wielerbaan van weleer in Oostburg. © Roger van Pamelen

Uit de krant van 13 april 2019: Een menselijk drama op de wielerbaan van Oostburg

uit het archiefNu het coronavirus iedereen aan huis bindt, duikt de sportredactie van de PZC in het rijke archief. Mooie verhalen uit het recente verleden komen nogmaals online. Vandaag: de finish van de Ronde van West-Zeeuws-Vlaanderen in 1934, met veel onheil voor de Belg Hermie.

OOSTBURG - De finish van de kasseienklassieker Parijs-Roubaix ligt al sinds de oorlogsjaren in het Vélodrome André Pétrieux. Zo’n tien jaar eerder finishte er in Zeeland ook een wegwedstrijd op een wielerbaan. De Ronde van West-Zeeuws-Vlaanderen beleefde zijn climax op de wielerbaan van Oostburg. Het werd een menselijk drama.

De duizenden toeschouwers rond de wielerbaan van Oostburg waren zwanger van verwachting. Hoogzwanger. Wie zou als eerste het betonnen ovaal opdraaien? Iedereen keek reikhalzend naar de ingang van het stadionnetje. Mannen met gleufhoeden op de tribune, mannen met petten in de hoge kombochten en kinderen met de kin op de gekruiste armen, leunend over de hekken.

Alle ogen waren gericht op de entree van de wielerbaan. Wie zou deze Ronde van West-Zeeuws-Vlaanderen op zijn palmares mogen bijschrijven? Eén van de Belgische prijsvechters? Ze waren in groten getale afgezakt naar Oostburg. Of was dit het moment voor Theofiel Middelkamp om te shinen? Twintig jaar was hij nog maar, de coming man uit Nieuw-Namen.

Op dinsdag 19 juni 1934, daags na de jaarlijkse kermis, werd Oostburg overspoeld door wielerfans. De grootste wegwedstrijd ooit gereden in Zeeland werd er gehouden. Bijna 120 kilometer lang, van Oostburg via Groede, Hoofdplaat, Biervliet, IJzendijke, Aardenburg, Eede, Sluis, Cadzand weer terug naar Oostburg. Over cement, stofwegen en kasseien.

En een noviteit: met finish op een wielerbaan. ,,Deze baan is naar alle waarschijnlijkheid als finish gekozen, teneinde door de entrée’s enigszins de vele kosten te kunnen dekken’', schreef een insider destijds in de Vlissingsche Courant. Langs de openbare weg kon iedereen gratis van het schouwspel genieten, op en rond de wielerbaan kon de commercie zijn graantje nog meepikken.

Kapellebrug

Het baanwielrennen beleefde halverwege de jaren dertig hoogtijdagen. In het onlangs verschenen boek ‘Hier lag een wielerbaan’ van Robert van Willigenburg is een tabel opgenomen waaruit blijkt dat tussen 1932 en 1934 in Nederland maar liefst 67 wielerbanen uit de grond werden gestampt. In de gezamenlijke 45 jaar daarvoor werd dat aantal niet eens gehaald.

Ook in Zeeland draaiden ze warm voor de wielerovalen met hun hoge bochten. Sinds 1924 was Kapellebrug, bij de Belgische grens, het epicentrum van het Zeeuwse baanwielrennen. Pas in 1948 viel het doek voor De Grensstrijders, zoals de baan heette. In Sas van Gent (1925-1931) en Terneuzen (1934-1938) lagen kortstondig banen. En er was er dus ook één in Oostburg. Sinds 1933.

De baan - met een bescheiden lengte van 200 meter - was aangelegd door de Antwerpse familie Apostel, die ook de banen van het Antwerpse Sportpaleis, het Kuipke in Gent en de Vigorelli-piste in Milaan had gebouwd. Er waren 5000 staanplaatsen en een tribune voor driehonderd toeschouwers. Onder de tribune waren kleedkamers (‘cabines’) en bergplaatsen aangelegd.

Pronostiek

Op 2 juni 1934 was dat Zeeuwse velodroom het einddoel van het peloton - 127 inschrijvers, 82 starters - dat om twee uur ‘s middags in Oostburg werd losgelaten. Het wachtende publiek in het stadion hoefde in de tussentijd geen duimen te draaien. Er werden baanwedstrijden gehouden voor renners van de clubs uit Oostburg en Terneuzen en er kon in de pronostiek gegokt worden op de winnaar; hoofdprijs 10 gulden (zo’n 4 euro).

Helemaal hip was de live verbinding met alle kernen die onderweg werden aangedaan door het peloton. Bij een doorkomst werd naar het stadion gebeld om de stand van zaken door te geven. In die pre-Twitter-tijd was dat bijna science fiction. Niet voor niets werd het bestuur van de PTT na afloop ‘zeer bijzonder geroemd voor de prachtige reportage door middel van de telefoon’.

Met een toeter aan de mond werd het baanvolk door een omroeper op de hoogte gebracht van de wedstrijdsituatie. Aan het eind van de middag wist het stadion dus dat de renners er eindelijk aankwamen. Het moet gegonsd hebben. Ze wisten dat er nog een man of dertig in koers was. Adrenaline alom. Vier man waren in de achtervolging op één leidende Belg. Was hij nog te pakken?

Daar bewoog iets. Applaus. Solo draaide de Belg Hermie diep in de beugels de wielerbaan van Oostburg op. Gejuich. Nog twee rondes en de eerste prijs van 750 francs - ja, wielrennen was zo Vlaams dat er in Belgische valuta werd uitbetaald (ca. 20 euro) - kon Hermie in zijn zak steken. Maar wat twee glorieuze ererondes hadden moeten worden, eindigde in een drama met tranen.

,,Toen hij wilde voldoen aan het laatste voorschrift, n.l. om nog twee banen te rijden, had hij het ongeluk dat een band of wiel brak met het gevolg dat hij kwam te vallen.’' Je voelt de scribent van de Vlissingsche Courant meebalen. Je ziet Hermie liggen. In het zicht van de haven. Kapotte fiets, kapotte hoop. En vier renners die hem genadeloos links laten liggen.

,,Deze reuzenpech pakte dezen renner dusdanig, dat hij in tranen uitbarstte toen hij toch nog te voet de eindstreep passeerde en dus nog 5e was. Het daverend applaus, dat bij zijn aankomst losbarstte, ging over in een algemeen tot uiting komend medelijden.’' De tranen raakten het publiek. Uit piëteit gingen de toeschouwers met de pet rond voor de arme Hermie.

Er werd voor de pechvogel ‘een vrij aardig bedrag’ ingezameld, dat hij bovenop de 300 francs (7,50 euro) voor zijn vijfde plaats mee naar huis mocht nemen. De overwinning ging naar een andere Belg, G. Meulemans. Hij cashte de 750 francs, een beker van het Belgische blad De Sportwereld en een vergrote foto van zichzelf. Theofiel Middelkamp was de beste Nederlander.

Europese toppers

Het was één van de grootste chapiters uit de bescheiden historie van de wielerbaan in Oostburg. Met gezwinde spoed was de baan op het terrein van de familie De Smit in 1933 verrezen. Tienduizenden enthousiastelingen passeerden er de poorten. Zelfs in de laatste jaren trok Oostburg duizenden kijkers met echte baanspecialisten als Jan Pijnenburg en Frans Slaats.

Maar eind jaren dertig verdampen in de naslagwerken de uitslagen en verslagen uit Oostburg. Het overlijden in juli 1939 van mr. J. Erasmus, voorzitter van de Stichting Wielerbaan Oostburg, leidt het einde in. ,,Na het overlijden van de voorzitter werd in 1939 de huur opgezegd en is de baan afgebroken’', schrijft Van Willigenburg in ‘Hier lag een wielerbaan’.

Aan de zuidwestrand van Oostburg, waar nu het appartementencomplex Hoogendamme staat, herinnert tachtig jaar later niets meer aan de baan. Geen stiekem ovaaltje in het landschap, geen betonrestjes, nog geen opstaand randje. De verbeelding moet de baan levend houden. Hermie huilend met een hoopje fiets in de hand... Meulemans met een lauwerkrans over zijn stuur... Middelkamp het vuil van zijn gezicht poetsend...

Het Zeeuwse Roubaix in een verstofte jas.

  1. Bootcampinstructeur Joost Thoonen zet families nu online aan tot sporten

    Bootcampin­struc­teur Joost Thoonen zet families nu online aan tot sporten

    BIGGEKERKE - Niet alleen de competitieve sporters zitten thuis vanwege de maatregelen die zijn ingevoerd tegen de verspreiding van het coronavirus. Ook veel recreanten hebben momenteel een gedwongen pauze. Natuurlijk, een rondje lopen of fietsen kan nog steeds. Maar sporten in groepen is er even niet meer bij. Of toch wel? J0ost Thoonen van Active Lifestyle Club Middelburg geeft zijn bootcamps nu online en dat blijkt een groot succes.