Volledig scherm
Foto ter illustratie. © ANP XTRA

Veroordeelden voor moord op Ier klaagden over ‘oneerlijk proces’, maar de straf blijft hetzelfde

De veroordeling van twee Ierse mannen die in 2009 de 29-jarige Ierse crimineel Keith Ennis in een woning in Rotterdam hebben gedood, blijft in stand. Dat geldt ook voor de derde verdachte die is veroordeeld voor het wegwerken van het lichaam van Ennis, zo heeft de Hoge Raad vandaag geoordeeld.

De moord op Ennis werd gepleegd in een huis aan de Kralingseweg. Volgens een verklaring van de derde verdachte ontstond er ruzie tussen Ennis en de twee hoofdverdachten. Hierbij zou een van hen Ennis in de nek hebben gestoken. Uit vrees voor ontdekking zou het lichaam in stukken zijn gesneden met een kettingzaag en zijn gedumpt. De stoffelijke resten van Ennis werden in februari 2009 verpakt in vuilniszakken en tassen gevonden in Het IJmeer.

Geen eerlijk proces

De twee hoofdverdachten werden door het gerechtshof in Amsterdam veroordeeld tot 13 jaar gevangenisstraf wegens het medeplegen van doodslag en het medeplegen van het wegmaken van het lichaam. De derde verdachte kreeg 21 maanden celstraf opgelegd voor alleen betrokkenheid bij het wegmaken van het lichaam. 

Zij stelden alle drie beroep in cassatie in. Hierin is door de twee hoofdverdachten geklaagd dat zij geen eerlijk proces hadden gehad, omdat de verklaring van de derde verdachte werd meegenomen, terwijl hij zelf niet op zitting zou zijn gehoord. De Hoge Raad heeft deze cassatieklacht verworpen, omdat het gerechtshof terughoudend is omgegaan met de getuigenverklaring en deze heeft gebruikt in samenhang met ander bewijs. Ook het cassatieberoep van de derde verdachte is verworpen.