Volledig scherm
Menno Snel, staatssecretaris van Financiën, sprak vandaag met ouders die kinderopvangtoeslag misliepen doordat ze verdacht werden van fraude. De Belastingdienst verloor daarbij de 'menselijke maat’ uit het oog, erkende hij. © ANP

Staatssecretaris biedt opnieuw excuses aan omdat Belastingdienst gezinnen in grote problemen bracht

Staatssecretaris Menno Snel (Financiën) heeft opnieuw zijn excuses aangeboden omdat de Belastingdienst gezinnen in grote problemen heeft gebracht door de kinderopvangtoeslag stop te zetten. Hij stelt dat de fiscus last heeft gehad van ‘tunnelvisie’ en daardoor de ‘menselijke maat’ uit het oog is verloren.

De Belastingdienst zette de toeslagen in september 2014 stop, omdat ze daar geen recht op zouden hebben. De toeslagen over dat hele jaar moesten worden terugbetaald, omdat niet alle opvangkosten waren betaald. Destijds al concludeerde de ombudsman dat dat was besloten zonder de zaken goed te onderzoeken.

Snel sprak eerder vandaag persoonlijk met 21 gedupeerden. ,,Dat waren geen makkelijke verhalen om te horen”, zegt hij in een toelichting aan de pers. ,,Het ongemak en onrecht kan ik niet ongedaan maken.” Wel kondigt hij aan nog lopende invorderingen van volgens de fiscus onterecht uitgekeerde toeslagen te bevriezen.

In oktober maakte Snel ook al excuses nadat de Nationale Ombudsman eerder al een vernietigend rapport had geschreven over de werkwijze van de afdeling Toeslagen van de Belastingdienst. Toen zette Snel de invordering echter nog niet stop. Volgens de staatssecretaris was hij in oktober ‘nog niet zo diep’ op de hoogte van de specifieke kwesties. Inmiddels is hij van mening dat de zaak ‘veel te lang duurt’. ,,Ik wil nu een oplossing.”

Piet Hein Donner

Een definitieve uitweg laat echter nog op zich wachten. De Ombudsman vroeg Snel eind mei van dit jaar 235 gedupeerde gezinnen alsnog een behoorlijke oplossing te bieden. De staatssecretaris laat die regeling over aan een commissie onder leiding van Piet-Hein Donner. De vraag die Donner moet beantwoorden is wat er voor de gedupeerden gedaan kan worden als de menselijke maat meer op de voorgrond wordt gezet. Een tegemoetkoming voor de gezinnen is volgens Snel een ‘logische’ uitkomst, maar daar wil hij niet op vooruitlopen.

Snel verschuilt zich naar eigen zeggen niet achter de commissie. Volgens hem is het probleem nu dat de Belastingdienst in de zaken die lopen vrijwel altijd gelijk krijgt, omdat de fiscus zich volgens de rechter aan de wet houdt. ,,De wetgeving is hoekig en puntig”, aldus Snel. ,,Als ik met deze wet blijf zitten, verandert er niks.”

Kamer onjuist geïnformeerd

De wet zal dus veranderd moeten worden en de commissie-Donner moet daar een voorstel voor neerleggen, inclusief een eventuele compensatie. Volgens Snel is de nadruk van de wet destijds gelegd op ‘stevige fraudebestrijding’. Kamerleden en de toenmalige staatssecretaris ‘buitelden over elkaar heen’ na geruchtmakende fraudezaken met toeslagen, stelt hij. ,,De combinatie van een strenge wet en een legalistische uitvoerder (de Belastingdienst, red.) brengt ons in de problemen”, aldus Snel.

In de brief geeft Snel ook toe dat hij de Kamer eerder onjuist heeft geïnformeerd. In eerdere brieven aan het parlement schreef Snel nog dat de Belastingdienst het onderzoek naar de fraude begon op basis van signalen van de GGD uit 2013. Enkele dagen geleden, ‘vlak voor Pinksteren’, bleek volgens de staatssecretaris dat het onderzoek echter gebaseerd is op bevindingen uit 2011.

Snel bestrijdt dat het onderzoek destijds is gestart doordat de Belastingdienst op basis van etniciteit zou hebben geprofileerd. Die suggestie werd eerder gewekt omdat de slachtoffers van het handelen van de fiscus allemaal mensen met een migratieachtergrond betreffen. Volgens Snel is de nationaliteit van de ouders weliswaar vastgelegd, maar is die nooit de aanleiding geweest voor het fraudeonderzoek. Die was geënt op ‘GGD-signalen’.