Cartoonist Cor de Jonge zoekt altijd het randje op

Het thema van de week vangen in één tekening, op zo’n manier dat het mensen aan het lachen maakt en aan het denken zet. Cartoonist Cor de Jonge doet het elke week voor de PZC. Al dertig jaar lang. En daarmee is zijn prent een onmisbaar onderdeel geworden van de zaterdagkrant.

Maar hoe komt zo’n tekening tot stand? Hoe verzint hij elke keer weer iets nieuws? En hoe is zijn hobby ooit zó uit de hand gelopen dat hij naast zijn werk bij ZB Planbureau en Bibliotheek van Zeeland cartoonist is geworden voor de krant? De Jonge geeft antwoord op al deze vragen en in dit kijkje achter de schermen.

Volledig scherm
Cartoonist Cor de Jonge © Dirk Jan Gjeltema

Lijstje met onderwerpen

Het maken van een cartoon begint op vrijdagochtend met het doornemen van de kranten van de afgelopen week. ,,Ik maak een lijstje met onderwerpen en heb vervolgens even telefonisch overleg met Chef Nieuws Ab van der Sluis. Hij heeft vaak ook al wat opgeschreven en dan kijken we samen wat ons het leukste lijkt. Meestal heb ik na dat telefoontje nog twee of drie thema’s over waar ik iets mee kan doen.”

Waar De Jonge mee verdergaat, bepaalt hij aan de hand van een ‘brainstormspin’. ,,Alles wat me te binnen schiet, schrijf ik op in woorden. Soms maak ik er een schets bij. En dan kan het zo zijn dat ik ineens denk: hé, die onderwerpen passen mooi bij elkaar. Zo besloot ik vorige week bijvoorbeeld de discussie over de roetveegpiet te combineren met de problemen die het stikstofbesluit oplevert voor de stoomboot van Sinterklaas. Maar vaak kies ik gewoon één onderwerp uit.”

(De tekst gaat verder onder de afbeelding)

Volledig scherm
De tekening waarin Cor de discussie over roetveegpieten combineerde met de problemen door het stikstofbesluit. © Cor de Jonge

Met een inkt en een kroontjespen

Rond 11.00 uur is het tijd om knopen door te hakken en echt te gaan tekenen. En dat doet De Jonge – ‘nog heel ouderwets’ - met een potlood en een kroontjespen. ,,Eerst maak ik een aantal schetsen met een potlood. En als ik tevreden ben, ga ik met een kroontjespen en inkt de lijnen tekenen. Zodra die droog zijn, kleur ik alles in met ecoline, verf en stiften.”

,,Ik zou er aan het einde van de middag voor kunnen kiezen om het eindresultaat thuis in te scannen en het digitaal op te sturen naar de redactie. Maar ik rij liever met de papieren versie naar de krant. Dat hoort er voor mij bij. En dat heb ik ook nodig, om de reacties te zien en om te kunnen peilen of ik iets leuks heb gemaakt of niet. Als ik het op afstand zou opsturen, haal ik dat effect weg.”

‘Soms begin ik helemaal opnieuw’

Tijdens het tekenproces peilt hij bij zijn echtgenote ook al of hij op de goede weg zit. ,,Vaak maak ik een paar verschillende schetsen over verschillende onderwerpen en die leg ik dan aan haar voor om te kijken hoe ze erop reageert. Als zij lacht weet ik dat het goed zit. Maar soms denk ik dat ik iets heel leuks heb bedacht en geeft ze amper een krimp. Dan begin ik gewoon helemaal opnieuw.”

Quote

Als je niet in de buurt van het randje komt, heb je gewoon een flauw ding

Cor de Jonge, Cartoonist

De reacties op de cartoon zijn voor De Jonge bepalend voor het succes dat hij er zelf aan toedicht. ,,Een oude filosoof heeft ooit eens gezegd: een goede tekening zegt meer dan duizend woorden. Ik wil dat mijn prenten iets teweegbrengen. Ik wil mensen ermee amuseren. Ze laten nadenken. De pijn van maatschappelijke thema’s samenvatten in één beeld, zonder ze specifiek te benoemen”, legt hij uit.

Daarvoor mogen sommige cartoons best een beetje schuren, vindt De Jonge. ,,Het leukste zijn de karikaturen die helemaal op het randje zitten van wat wel of niet meer kan. Soms ga ik daar over. Maar als je helemaal niet in de buurt van het randje komt, heb je gewoon een flauw ding.”

De juiste snaar raken

Dat heeft in zijn ogen niet direct iets te maken met zijn eigen mening over bepaalde zaken. ,,Soms laat ik met mijn tekening juist precies het tegenovergestelde zien. Of ik overdrijf het heel erg.” Zoals bij de genderneutrale-curvy-halal-roetveegpiet van vorige week. En een tijdje terug bij de ACDC-gitarist in korte broek met de tekst ‘Highway to hell’ – in reactie op de korte broeken-discussie op het Calvijn College.

,,Als ik een tekening maak die enigszins te maken heeft met het calvinistische deel van de samenleving, wordt dat niet altijd gewaardeerd. Omdat het raakt aan hun principes. Ook gevoelige thema’s, zoals de jaarlijks terugkerende zwarte pietendiscussie, kunnen altijd rekenen op veel commentaar. Maar dat is voor mij alleen maar een bevestiging dat ik de juiste snaar heb geraakt.”

Leraar ontdekte het talent

Inmiddels zijn er volgens het vaste ritueel van De Jonge al honderden cartoons van hem in de PZC verschenen. Dat het ooit zo ver zou komen, had hij als kind nooit gedacht. Maar het begin hiervoor was al op jonge leeftijd gemaakt. ,,Vroeger tekende ik al heel erg veel. Ik kom uit een arbeidersgezin en veel geld voor speelgoed was er niet. Dus ik moest mezelf een beetje bezighouden. Gelukkig had ik veel fantasie.”

In groep zeven van de basisschool was er een leraar die zag dat De Jonge talent had. ,,Hij hing mijn tekeningen voorin de klas, als voorbeeld voor de andere kinderen. Zo groeide mijn zelfvertrouwen.” Ongeveer een jaar later kreeg de jonge tekenaar een boekje van Dick Bruijnesteijn in handen, een cartoonist die onder andere veel tekeningen maakte van voetballers. ,,Hij inspireerde mij om ook karikaturen te maken van echte mensen.”

Eenmaal op de mavo maakte De Jonge die van leraren. Zijn prenten werden geplaatst in de schoolkrant. ,,Daar scoorde ik mee bij mijn medeleerlingen. Maar ik kan me ook herinneren dat er op een gegeven moment een leraar heel erg boos was dat ik hem had getekend. Toen merkte ik dus al wat een cartoon met mensen kon doen.”

Strip voor de kinderkrant

Hoewel De Jonge er veel plezier in beleefde, in de jaren dat hij havo deed en een vervolgopleiding aan de Pedagogische Academie, tekende hij nog maar weinig. Tót hij werd gebeld door een oud-docent die een speciale kinderkrant maakte voor de PZC. ,,‘Zou jij daar geen strip voor willen maken’, vroeg hij me. En in al mijn overmoed heb ik dat gedaan. Zeven jaar lang.”

Quote

Ik was dertig jaar geleden de enige met een actuele strip in de krant

Cor de Jonge, Cartoonist

Van het een kwam het ander. Van de kinderen maakte De Jonge de overstap naar volwassenen. ,,Ik bedacht een stripverhaal, waarbij ik inhaakte op het nieuws. Dat werd ‘Koen en Harm’ en die bood ik aan bij de PZC. Ik durf wel te stellen dat ik toen, dertig jaar geleden, nog de enige was in Nederland met zo’n actuele strip van vier plaatjes in een krant. Nu zie je er daar zoveel van.”

Met de overgang van broadsheet- naar tabloidkranten werd ook de strip van De Jonge in een nieuwe vorm gegoten. ,,Ik kreeg het verzoek of ik voortaan één plaat wilde maken. Tot dan toe had ik alleen maar stripverhalen getekend. Dit moest een echte cartoon worden. Ik heb hier nooit voor geleerd, maar ik ben er gaandeweg steeds beter in geworden. En zo heb ik van mijn hobby mijn werk kunnen maken.”

PZC gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement
  1. Weekend vol amateursport? Zo brengen wij dat in de krant!

    Weekend vol amateur­sport? Zo brengen wij dat in de krant!

    Deze week vieren we bij de PZC de Week van het Amateurvoetbal; een mooie aanleiding voor een kijkje achter de schermen te geven bij onze sportredactie. Wanneer iedereen weekend viert, staat sportverslaggever Barry van der Hooft langs de lijn. Gewapend met pen, papier en laptop doet hij verslag van de wedstrijden binnen het Zeeuwse amateurvoetbal. En dat doet hij met alle liefde en plezier. ,,Ik heb van mijn hobby mijn werk kunnen maken en schrijf nu elke dag over de belangrijkste bijzaak in het leven.”