Volledig scherm
PREMIUM
Ondine van der Vleuten. © Mechteld Jansen

Even een implantaatje: zo gepiept, zag je hem denken

COLUMN ONDINE VAN DER VLEUTENBedrukt gooide ik een pakje tomatensoep in de pan en staarde naar de verse tomaten en soepgroenten die erin ronddreven. ‘Een beetje van mij en een beetje van Maggi’, zou mijn moeder zeggen. Soep. Dat was het enige wat ik de komende 24 uur kon eten, als de smoelensmid me te pakken had gehad. Ik wierp een blik op de klok. Nog 41 minuten. Daarna zou ik nooit meer dezelfde zijn. 

PZC gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement
  1. Hij kende de wereld, maar de wereld hem niet
    PREMIUM
    Column Ondine van der Vleuten

    Hij kende de wereld, maar de wereld hem niet

    De Reiziger is terug. ,,Eet je morgen mee?”, vraag ik. Hij zegt altijd ja en vindt alles goed, als het maar vegetarisch is. Ik weet wat hij zelf eet: iets simpels als witte bonen in tomatensaus, koud uit het blik. Of een stuk tahoe, rauw. Nee, verwend kun je hem niet noemen. De Reiziger leeft van een piepklein AOW’tje: voor elk jaar dat hij in het buitenland verbleef, is er een paar procent op gekort. ,,Heb je dan geen pensioen?”, vroeg ik eens. Maar nee. Er waren hem mooie banen aangeboden, in vaste dienst, bij mooie bedrijven, want zijn talent voor cijfers en zijn nauwgezetheid maakten hem een gewilde arbeidskracht. ,,Ik heb geweigerd. Ik wilde alleen tijdelijk werk via uitzendbureaus, want ik wilde reizen”, antwoordde hij.

Columns