Ondine van der Vleuten.
Volledig scherm
PREMIUM
Ondine van der Vleuten. © Mechteld Jansen

Daar gingen ze, zijn kindjes, mee met een vreemde

COLUMN ONDINE VAN DER VLEUTENHet was nog geen negen uur ‘s morgens toen ik mijn gedeukte Mitsubishi Lancer bij de Nieuwe Haven parkeerde. Ontbijttijd. Zaterdag, de zon scheen, de stad was leeg. Mijn broodtrommel en vriezer ook, constateerde ik die morgen.

0 reacties

  1. Hij kende de wereld, maar de wereld hem niet
    PREMIUM
    Column Ondine van der Vleuten

    Hij kende de wereld, maar de wereld hem niet

    De Reiziger is terug. ,,Eet je morgen mee?”, vraag ik. Hij zegt altijd ja en vindt alles goed, als het maar vegetarisch is. Ik weet wat hij zelf eet: iets simpels als witte bonen in tomatensaus, koud uit het blik. Of een stuk tahoe, rauw. Nee, verwend kun je hem niet noemen. De Reiziger leeft van een piepklein AOW’tje: voor elk jaar dat hij in het buitenland verbleef, is er een paar procent op gekort. ,,Heb je dan geen pensioen?”, vroeg ik eens. Maar nee. Er waren hem mooie banen aangeboden, in vaste dienst, bij mooie bedrijven, want zijn talent voor cijfers en zijn nauwgezetheid maakten hem een gewilde arbeidskracht. ,,Ik heb geweigerd. Ik wilde alleen tijdelijk werk via uitzendbureaus, want ik wilde reizen”, antwoordde hij.
  2. Ik keek naar de orgie van naakte Barbies
    PREMIUM
    Column

    Ik keek naar de orgie van naakte Barbies

    Het ding was enorm, met aan het ene einde van de pijp een zwart kunststof mondstuk en aan het andere een stuk boomstam. ,,Van een stam!”, roept de man aan de andere kant van het tafelkleedje door het rumoer heen. Ik knik instemmend. Dat had ik ook al gezien. Maar nee: stam als in ‘indianenstam’, verduidelijkt hij. Een soort vredespijp is het. Gemáákt door een stam. Fronsend monster ik de pijp, in mijn ogen meer een stuk mislukt huisvlijt van een eenzame boer.

Columns