Recensie: Wild zwijn in Westmalle tripel

Graauw telt zo’n 956 zielen en drie goede restaurants. Dat kan alleen in Zeeuws-Vlaanderen. En er is een pingo vlakbij, vertelt mijn tafeldame van vanavond. Ik had er nog nooit van gehoord: het is een overblijfsel uit de late ijstijd, als het grondwater door de permafrost de bodem omhoogduwt. Meestal is het een heuveltje, maar soms storten pingo’s in en dan blijft er een vennetje over, zoals hier vlakbij het mooie Saeftinghe. Stokoud land is dit, dat prachtige dingen voortbrengt. Om naar te kijken en om op te eten. Eet- en Drinckerij Nobel vindt dat ook: zij koken zo veel mogelijk met lokale producten. Groenten van Hulst, speciaal brood uit Sint Jansteen, lamsvlees van de velden verderop.

Edwin en Mandy Henderiks hebben hier sinds 2010 hun restaurant, een grote, kraakheldere zaak met sfeervol schaapjesbehang en een gezellig terras voor als de zon weer schijnt. Mindervaliden kunnen via een loopplank naar binnen en vinden dan een drempelloos restaurant. Op deze donderdagavond zitten we alleen in de zaak, de service is dan ook vliegensvlug. We bestellen een frisse, elegante Côtes de Gascogne van de lekker leesbare wijnkaart en krijgen naast een mandje witbrood een amuse aangeboden: een glaasje met gepofte quinoa, geitenkaas, gerookte kipfilet en zoet-pittige pesto van rucola.

Soms vragen restaurants hoe we besluiten welke zaak we gaan overvallen voor een nieuwe recensie. Verhalen van enthousiaste eters, daar luisteren we graag naar. Maar we bestuderen vooral heel veel menukaarten op restaurantwebsites. En als die menu’s recent zijn is dat extra leuk. Vanavond ben ik al die kilometers naar Nobel gereden omdat ik benieuwd was naar één bepaald warm voorgerecht: een salade met gefrituurde visreepjes en een koriander-limoendressing. Het fraaie bord is heel erg lekker: lange repen schol zijn kunstig gepaneerd en daarna gefrituurd tot een knisperend brosse vistraktatie. Erbij zitten artistieke strepen van een zoete, romige mayonaise, met limoen en een hint van koriander. Daaronder ligt een bergje kraakverse slablaadjes, ringetjes rode ui, komkommer en tomaatjes in allerlei vrolijke kleuren. Mijn tafeldame koos het olijke duo van ganda en geit: gulle plakken Vlaamse gandaham, die gerijpt is in zeezout. De ham gaat mooi samen met zachte geitenkaas, gekonfijte uitjes en een lekkere zoetzuur van bietjes en venkel. Fraai gedrapeerde blaadjes witlof en rucola maken ook hier een fijne maaltijdsalade van.

Nobel heeft dit seizoen een leuke kleine wildkaart en die kunnen we niet weerstaan: mijn tafeldame gaat voor de hertenbiefstuk, ik kies een stoofpotje van wild zwijn in bier. De Schotse hertenbief is een groot bord vol rosé gebraden hert, sappig met een mooi gekaramelliseerd vleeskorstje. De dieprode saus die erbij komt vinden we zoet maar erg lekker, echt een damessaus: met balsamico azijn, rode bieten en de winterse smaak van steranijs. We dippen onze frietjes afwisselend in de rode saus en in de heerlijke zelfgemaakte mayonaise. Het stoofpotje van wild zwijn komt in een handig diep bord en is een geurig geheel van mals en zacht smakend varkensvlees, plus selderij en sjalotjes in grove stukken. De lichtbruine, bijna beige gekleurde stoofsaus is gemaakt van Westmalle tripel. Dat vind ik een tikkie gek: een stoofpotje maak je met bruin bier toch? Chef Edwin vond een dubbele Westmalle echter te veel naar de zoete kant neigen bij dit vlees. Ik drink er lekker toch een dubbele bij: met een tripel in mijn mik beland ik misschien in die ene Zeeuwse pingo.

Garnituren en bijgerechten, daar is Nobel koninklijk in.Het hertje hoeft niet eenzaam te zijn tussen broccoli, worteltjes, een smakelijk ministamppotje van boerenkool en een lekker hapje rode kool. En ik vind ook nog zuurkool op mijn bord en spruitjes die precies mooi beetgaar zijn. Die gulle hand bedeelde ook de desserts: sorbet met vers fruit, het zijn vier woorden, maar het blijkt een enorme hoeveelheid componenten. Grapefruit, blauwe bessen, druiven, meloen en ananas, allemaal goed rijp en fraai gepresenteerd. Opvallend lekker is ook het ijs: krachtige vanille bij mijn tafeldame, sorbet van mango en zwarte bessen in mijn fruitmand. We ontfutselen het geheim: Ice-Art in Breskens. Heeft die al een foodtruck zodat-ie ook door de tunnel kan komen? Mijn tafeldame lepelt ook een crème brûlée weg, die een lekker suikerlaagje heeft maar wel erg zoet is. De chocomousse vindt ze ook erg zoet, niet dat kruidige, intense dat de ware chocoholic graag heeft. Meer cacaoboon, minder koetjesreep graag. Al zijn we wel blij als kinderen als we bij de rekening ook daadwerkelijk een koetjesreepje meekrijgen. Dát is lang geleden, roepen we in koor.

Eigenaresse Mandy glimlacht, dat hoort ze natuurlijk elke keer. We zaten hier vanavond stomtoevallig alleen, maar waren de koning te rijk: vriendelijke bediening, gastvrije sfeer, we voelden ons van de eerste tot de laatste minuut welkom en in de watten gelegd. En dat is met recht nobel te noemen.

PZC gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement

poll

Handen af van de traditionele babbelaar

Handen af van de traditionele babbelaar

  • Eens (86%)
  • Oneens (14%)
73 stemmen