Volledig scherm
© Joost Hoving

Samen

Column Marleen BlommaertMopperend zoek ik mijn Afghaanse muts. Ik heb hem ongetwijfeld zelf verkeerd neergelegd, maar dat maakt de ergernis van het kwijt zijn niet minder groot. Met deze snijdende noordoostenwind is een muts in de ochtend geen overbodige luxe. 

De hond volgt me overal door het huis en snapt niet waarom ik zo draal en treuzel. Hij jankt en joelt en dat maakt dat ik me nog meer erger. De mand bevat iedere handschoen, sjaal en muts die we ooit aanschaften. Maar de gezochte muts laat zich niet zien. Alles valt bovendien uit mijn handen. Grommend neem ik dan maar genoegen met een gebreide muts uit de kindertijd van mijn dochters. Verbaasd kijkt mijn hond naar me. De combinatie van het gegrom en de kindermuts zorgt er in elk geval voor dat hij even zijn mond houdt. Even. De muts is zoiets met oorbedekkers met vlechtjes en een pomponnetje op de top: een Lapse muts in de volksmond. Maar de volksmond heeft het niet altijd bij het rechte eind. Ze dragen daar andere mutsen. 

Inmiddels weet ik ook dat Lappen dat woord liever niet horen en zelf spreken over Samit, Samen. Ze wonen in een gebied in het verre Noorden dat delen van Noorwegen, Zweden, Finland en Rusland omvat. Daar wonen al mensen sinds de prehistorie. Ik vind dat wanneer je in zo'n koud en onherbergzaam gebied woont, je sowieso mag bepalen hoe je heet. Eigenlijk vind ik dat je altijd mag bepalen hoe jij genoemd wordt. Woorden roepen immers gevoelens op. Zo ook het woord "Lap". De betekenis van Lap was "wilde". 

Ik trek de muts over mijn oren en vlak voordat ik naar buiten ga zie ik de Afghaanse muts liggen. Te laat: nu ga ik ook als Pippi Langkous op leeftijd de polder in. Ik loop de dijk op. De hond blaft vrolijk in het rond. De kou is splijtend als de tijd en de woorden. 

Ik stap stevig door zodat ik me snel weer kan verwarmen aan het haardvuur. Ik wens u een warm en verbonden 2018 toe en dat u zich gehoord weet. Samen.

PZC gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement
  1. Moeders
    PREMIUM
    COLUMN MARLEEN BLOMMAERT

    Moeders

    Kindjessuiker, dat ken je toch wel? vraag ik aan mijn collega. Hij kijkt me glazig aan. ‘Doopsuiker’ dan? Een voorzichtig schudden van zijn hoofd maakt duidelijk dat het niet aan het woord ligt. Hij kent het hele fenomeen niet. Het is een traditie waarbij op een mooie manier verpakte suikerbonen tijdens kraambezoek uitgedeeld worden aan de visite. Een oude traditie hier. Dat ze het in Den Haag niet kenden wist ik wel, maar hier op een steenworp afstand, aan de andere kant van de Westerschelde evenmin?
  2. Achteraf
    PREMIUM
    column marleen blommaert

    Achteraf

    Het aardige van de geschiedenisles vond ik de verhaallijnen en de onontkoombare opbouw naar de meestal noodlottige afloop van die verhalen. Niemand die het op tijd aan zag komen of in staat was het af te wenden. Eerst begreep ik dat niet en kwam tot de conclusie dat we nu dan toch wel een stuk slimmer moesten zijn. Later begreep ik dat het lastig is om de toekomst te voorspellen en dat het moeilijk is om het “nu” goed te zien als je er bovenop staat. De gedachte dat we nu slimmer zijn, staat de laatste tijd sowieso wat onder druk.
  1. Stoppen
    PREMIUM
    column marleen blommaert

    Stoppen

    De boodschappen zijn opgeruimd. De wekelijkse gang om de voorraadkast aan te vullen zit er weer op. Tot mijn grote vreugd stond het kraam met zelfgebreide sokken er ook weer. Daar kon ik niet langs zonder nog enkele paren aan te schaffen. Ik ruim de prachtige sokken op waar aandacht, ervaring en liefde in zit. Ik hoop dat de maaksters nog lang mogen breien. Als ik ze opvouw, voel ik opeens ook iets tastbaars in de sok. Voorzichtig haal ik het eruit. Het is een klein beetje wol, voor het geval er een gaatje ontstaat. Indien nodig kan ik de sok dan stoppen. Ik zie mijn oma en moeder voor me en ben ontroerd door het beetje wol dat uit voorzorg is meegeleverd. Wie doet dat nog: stoppen? Ik leerde het ooit.

Columns