Volledig scherm
Marleen Blommaert © PZC

Bomen

column marleen blommaertGisteren stond ik met een groep mensen in een kerk stil bij alle omgekapte bomen in Zeeland. En dat zijn er veel.

Het aantal omgehakte bomen rond mijn huis is inmiddels ontelbaar. Soms ben ik thuis als het gebeurt. Ik hoor het dwingende geluid van de zagen. Dan het gekraak, hun laatste woorden. De stam breekt, als een huis dat instort. De aarde geeft de zware dreun en trillingen van de klap door aan mijn lijf. De trillingen worden een brok in mijn keel en de tranen zijn niet ver weg als ik de reusachtige wachters ontdaan van hun kroon roerloos zie liggen.

Veel van die bomen waren zogenaamd productiebos. Het brengt flink geld op. De vraag naar hout stijgt, de prijs van hout stijgt. Zo werkt onze economie, markten zijn onze natuurwetten. Zo lees ik op de site van Bosgroepen over een rondhoutveiling in Velp in 2017: “De enorme Amerikaanse eik van kavel 48 (150 centimeter in diameter!) haalde het hoogste bod. De stam van 10,049 m3 was 940 euro per kuub waard.”

Voor alles is een markt en alles drukken we uit in geld. Bezit als hoogste, liefst zoveel mogelijk.

Er zijn Indiaanse talen waar het woord voor natuur niet bestaat. Dat is logisch als je erover nadenkt. Zolang we de natuur buiten onszelf blijven plaatsen en zien als iets dat naar hartenlust geëxploiteerd kan worden, zullen we te maken krijgen met gevolgen als klimaatverandering, hittestress en bijensterfte.

Optimistisch blijven is moeilijk maar een alternatief is er voor mij evenmin.

Ik loop door mijn tuin en de bloesems van fruitbomen laten me hun prachtige bruidstooien zien in het voorjaar. De hond wenkt me om nog even buiten te spelen. Het nieuwe goudbronzen bladerdak van de beuk filtert het licht van de ondergaande zon. Ik weet dat er maar één weg voor mij is. Hoopvol blijven: schrijven, praten en handelen vanuit een eenheid en verbondenheid met de wereld. En me realiseren dat bomen oneindig veel meer waard zijn dan 940 euro per kuub.

PZC gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement
  1. Hittestress
    PREMIUM
    COLUMN MARLEEN BLOMMAERT

    Hitte­stress

    Eén van de vreemde gewoontes van mijn moeder was, dat ze altijd een periode van een hittegolf leek uit te zoeken om de zolder op te ruimen of te behangen. En ze kon slecht tegen hitte. Blijkbaar heb ik genetisch toch iets vergelijkbaars meegekregen. Want bij alle verhuizingen van de kinderen sta ik me in het zweet te sjouwen, richting of over de 30 graden. Soms wordt dat nog voorafgegaan door een helletocht in een veel te drukke Ikea. Ik krijg daar dan steevast kramp in mijn voet en vervolg op één blote voet mijn weg. Inmiddels sta ik daar al om bekend en zwaaien mensen in de Ikea’s van Delft en Eindhoven naar me: ‘Hee Marleen, das al weer een tijd geleden!’ Sommigen bieden mij zelfs hun tweede kop koffie aan.

Columns