Volledig scherm
© Joost Hoving

Dagbalans

column maan leoSinds 1 januari 2016 schrijf ik dagelijks vijf korte regels vol over de voorgaande dag. Het speciale dagboek waarin ik deze taak volbreng heeft 365 pagina’s, één voor elke dag van het jaar. Elke pagina is in vijf gelijke horizontale delen van vijf regels verdeeld; één deel met vijf regels voor ieder jaar.

Zo schrijf ik vijf jaar lang elke 1 januari op dezelfde pagina wat ik die dag gedaan en ervaren heb. En op 2 januari, en op 3 januari en zo 362 dagen verder. Dit jaar kon ik voor het eerst zien wat ik in 2017 en 2016 op 1 januari voor wereldschokkends deed (mocht u nieuwsgierig zijn: in bed liggen).

Toen ik aan dit project begon, schreef ik met een tamelijk dikke pen en grote letters. Ik kon me niet voorstellen dat ik elke dag vijf regels zou kunnen vullen. Nu ik in mijn derde jaar zit, koop ik speciale pennen met een extra dunne punt om in mijn boekje te schrijven. Ik heb een handschrift ontwikkeld met uitzonderlijk smalle letters en ik smokkel vaak in de marges om nog wat woorden te kunnen toevoegen. Iedere dag weer heb ik zó veel aan de pagina’s toe te vertrouwen dat ik vaak eerst op een kladje een selectie moet maken.

Het is vermoeiend om over na te denken: ik heb waarschijnlijk nog zo’n vijftig jaar van mijn leven te gaan met 365 dagen in ieder jaar en elk van die 365 dagen puilt uit van belevenissen en perikelen en tal van irritaties en geluksmomenten. De dagen zijn lang, te lang eigenlijk voor de vijf regels die mijn dagboek me gunt.

Tegelijkertijd is het wonderlijk hoe snel de jaren verstrijken. De belevenissen waarover ik twee jaar geleden schreef herinner ik me nog als de dag van gisteren. Ondanks de vele dagelijkse beslommeringen vraag ik me soms af waar die twee jaar gebleven is.

Kijkend naar mijn dagboekje besef ik: de dagen zijn lang, maar de jaren kort.

PZC gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement
  1. Treurbuisdilemma
    PREMIUM
    COLUMN MAAN LEO

    Treurbuis­di­lem­ma

    Ik ben twee maanden geleden verhuisd. Een uitgelezen moment om al mijn bezittingen eens kritisch te evalueren. Tien vuilniszakken kleding sleepte ik naar het Leger des Heils en een collega is een integrale pannenset rijker. Eén object dat deze schifting niet overleefde, was mijn tv. Maandenlang al toonde hij zijn flakkerende tronie nog maar zelden aan mij. Die paar keer dat hij mij toch meende te moeten aangapen, kon ik mijn frustratie over de overdaad aan reclame en de compleet onterecht bekende Nederlanders amper beteugelen. Het is natuurlijk ook gewoon een onooglijk object. Om een lang verhaal kort te maken: mijn nieuwe stulpje is tv-loos.

Columns