Jan Vantoortelboom
Volledig scherm
PREMIUM
Jan Vantoortelboom © Camile Schelstraete

Ik hoor de botjes van Popeye kraken onder zijn schoen

column jan vantoortelboomJulien, een gerimpelde kale grijsaard met getatoeëerde armen, een kilo halskettingen, een gevlochten snor en slechts één voortand, zei dat hij graag weer eens iemand in elkaar wilde rammen, gewoon helemaal opfrommelen totdat ie in z’n broekzak zou passen, uit nostalgie naar zijn jonge jaren als buitenwipper in een obscure kroeg aan de haven van Antwerpen.

  1. Online lesgeven maakt sommige leraren weer menselijk
    PREMIUM
    column Jan Vantoortelboom

    Online lesgeven maakt sommige leraren weer menselijk

    Ik ken een jongen die dit schooljaar samen met een groep vrienden tegen het ontmoedigingsbeleid van de school in, is overgestapt van 4 vmboT naar 4 havo. Voor het eerst in de schoolcarrière van die jongen, die al vanaf groep 4 gekenmerkt werd door schoolmoeheid, vertelde hij mij over zijn wedervaren tijdens de wiskundeles en met name over de persoonlijke benadering van de wiskundeleraar. Het motto van de leraar was: ‘hoe minder zielen, hoe meer vreugd.’
  2. Eerst was er niets en dan was er iets
    PREMIUM
    COLUMN JAN VANTOORTELBOOM

    Eerst was er niets en dan was er iets

    Vroeger stond hier een lage jaren zestig schuur met een ijzeren poort en een dak van asbestplaten. Een bouwsel van de vorige eigenaar. De betonnen vloer bestond uit verschillende niveaus omdat er varkens, kippen en een paar stieren in werden vetgemest en er geulen nodig waren om de urine en ontlasting op te vangen. Er hingen TL-lampen die na verloop van tijd flikkerden en er de brui aan gaven en niet zelden stapte ik in het halfduister in zo’n verdomde geul of stootte ik mijn hoofd tegen een dwarsbalk vol roestige nagels.
  3. Traditie - dat is groepsdruk door de doden
    PREMIUM
    column Jan Vantoortelboom

    Traditie - dat is groepsdruk door de doden

    Mensen die me een beetje kennen weten dat ik het niet zo op jagers heb. In van die matgroene, aftandse Volkswagenbusjes rijden ze traag en spiedend langs de akkers, jachtgeweren en honden tussen de belaarsde benen. Af en toe zit er een vrouw bij die ook van bloed houdt. Wellicht doen ze goed werk, die bejaarde jagers, want oud lijken ze meestal, en houden ze het wildbestand in evenwicht in een complex systeem. Maar het is de puberale gretigheid waarmee ze de trekker overhalen die me stoort, de diep weggestoken bloeddorst die op najaarsdagen met wettelijke goedkeuring de kop opsteekt. Alle hagel los, dan weer naar huis.
  1. Met een XL spuitbus ga ik op jacht
    PREMIUM
    Column Jan Vantoortelboom

    Met een XL spuitbus ga ik op jacht

    Het beest dat mij het meest de keel uithangt is terug: de mug. Geen enkel ander dier kan me zo tot waanzin drijven (behalve misschien zo’n grote strontvlieg die me snorrend om de oren vliegt en die tegen de wetten van de zwaartekracht in mijn witgeverfde plafond onder de zwarte stippen schijt.) Maar wederom, zoals elke zomer, ben ik tot de tanden toe gewapend: een XL spuitbus, twee toestellen met een gifreservoir voor in het stopcontact (mocht er eentje leegraken), en een onverwoestbare mepper. Als ik in mijn bed lig en ze aan de rafelranden van mijn slaperige bewustzijn al in de verte hoor zoemen, knip ik terstond alle lichten aan, spring ik met mijn zintuigen op scherp het bed uit en ga met een monomaniakale concentratie op jacht.

Columns