Jan Vantoortelboom.
Volledig scherm
PREMIUM
Jan Vantoortelboom. © Camile Schelstraete

De scheldende mens

Vorige woensdag was het warm, zo warm dat ik zat te stomen in mijn auto die ik bij gebrek aan een schaduwrijke plek in de volle zon had geparkeerd. Terwijl ik wachtte tot school uit was, opende ik de autoruit en keek naar het gras aan de overkant van de weg dat begon te verdorren. Ik zat een poos in gedachten verzonken, toen ik drie dikbuikige fietsers in korte, felgekleurde shorts aan zag komen. 

  1. Voor de zot (ge)houden
    PREMIUM
    COLUMN JAN VANTOORTELBOOM

    Voor de zot (ge)houden

    Magneetvissen. Dat is waar mijn jongste twee nu verzot op zijn. En ze zijn er zo verzot op omdat ik het spelletje buiten hun weten om manipuleer. We gaan magneetvissen bij het vissershuisje van een vriend, gelegen aan de grote plas de Vogel in Hengstdijk. Rondom dat vissershuisje blijkt een bodem aan onuitputtelijke schatten te liggen. Telkens als we ernaartoe gaan vindt mijn tweeling er bouten, moeren, schroeven, trampolineveren, ringen, zelfs een stuk ketting. Maar waar ze het meest op kicken, zijn oude munten uit vreemde landen.
  2. ‘Klein gatje, nie diep’ zei de Spaanse tandarts
    PREMIUM
    column jan vantoortelboom

    ‘Klein gatje, nie diep’ zei de Spaanse tandarts

    Tandartsen zijn de schrik van menig kind. Ik was er ook zo een. Dat had alles te maken met een tegen zijn pensioen aanhikkend heerschap met een indrukwekkende haardos uit zijn oren en een bril die zijn ogen twee keer zo groot deed lijken. Op een mooie zaterdagmorgen ging hij eens een tand trekken, overschatte zijn trekkracht schromelijk, kreeg die kies er dus niet goed uit, begon te wrikken, en ik die lag te kronkelen en hij die met zijn tang langs het glazuur schraapte omdat hij de grip verloor (dat geluid vergeet ik nooit meer) en ik die hem dan weer spastisch een knietje in zijn kruis gaf. Met andere woorden: het was er niet gezellig; het was een moderne martelkamer.

Columns