Jan Vantoortelboom.
Volledig scherm
PREMIUM
Jan Vantoortelboom. © Marja Jansen

De foeterende toerist: ik was klaar om een nieuw Vlaams vloekwoordenluisterboek naar Van Dale te sturen

column jan vantoortelboomAfgelopen weekend zat ik weer eens in een vliegtuig. Dat was twee jaar geleden. Dat zitten was zoals gewoonlijk niet zo moeilijk, al viel de beenruimte weer tegen. Maar erin geraken was zo simpel nog niet. Het vliegtuig zou om 7u25 op de luchthaven van Charlerloi opstijgen. Dat betekende dat ik hier zo rond een uur of 3 ’s nachts moest vertrekken, de geadviseerde 2 uur voor het sluiten van de gates in acht genomen. Het idee alleen al deed me steigeren. Dan maar de avond voordien vertrekken en een nacht in een hotel dichtbij de luchthaven slapen. Dat idee beviel me opperbest. Maar dat hotel bleek praktisch onbereikbaar. De hele industriezone aldaar lag open en laat dat hotel nu precies in die industriezone gelegen zijn.

  1. Eerst was er niets en dan was er iets
    PREMIUM
    COLUMN JAN VANTOORTELBOOM

    Eerst was er niets en dan was er iets

    Vroeger stond hier een lage jaren zestig schuur met een ijzeren poort en een dak van asbestplaten. Een bouwsel van de vorige eigenaar. De betonnen vloer bestond uit verschillende niveaus omdat er varkens, kippen en een paar stieren in werden vetgemest en er geulen nodig waren om de urine en ontlasting op te vangen. Er hingen TL-lampen die na verloop van tijd flikkerden en er de brui aan gaven en niet zelden stapte ik in het halfduister in zo’n verdomde geul of stootte ik mijn hoofd tegen een dwarsbalk vol roestige nagels.

Columns