1. De politie, mijn beste vriend
    PREMIUM
    COLUMN JAN VANTOORTELBOOM

    De politie, mijn beste vriend

    Het is weer zover. De wereldwijde angst voor corona is min of meer bezworen en een ander, duisterder soort geweld komt onmiddellijk binnenvallen. Het geweld van individu tegen individu. Het beeld van George Floyd, de zwarte man die acht minuten lang de knie van een bleke politieagent op zijn nek moest verdragen en daarbij meerdere keren om hulp smeekte omdat hij niet kon ademhalen, heeft indruk op me gemaakt. Het is een beeld dat ik maar moeilijk kan begrijpen.
  1. De meeste bejaarden deugen
    column Jan Vantoortelboom

    De meeste bejaarden deugen

    Meme, mijn grootmoeder aan moederszijde, woonde op een boerderij in Loppem, een dorpje nabij Brugge. Als kind bezocht ik haar samen met mijn broer en ouders om de twee weken op zondagmiddag. Dan moesten we koffie drinken waar ik van kokhalsde en speelden we iets verderop in het bos in een grot waarin Mariabeelden stonden en kaarsen en rode theelichtjes brandden. Voor de grot meanderde een diep uitgesneden beekje onder een wandelbrug door. Vaak onderdrukte ik de neiging om erin te springen.
  2. De wereld als zandbak
    PREMIUM
    column jan vantoortelboom

    De wereld als zandbak

    Ruim voor het coronavirus de wereld gijzelde ben ik begonnen in Grote verwachtingen van Geert Mak. Het is het vervolg op het succesvolle In Europa dat vijftien jaar geleden verscheen. Omdat het boek over de eerste twee decennia van deze eeuw gaat, dus zeer recente geschiedenis, las ik het met een zekere urgentie. Maar sinds corona heb ik het gevoel dat ik lees over een stoffig verleden, over een wereld die niet meer bestaat en er niet meer toe doet. Vaak denk ik bij geschiedenis aan een slingerbeweging, aan uitersten, want per slot van rekening zijn het de heftigste gebeurtenissen, zoals revoluties, oorlogen, ziektes, de wrede daden van dictators et cetera die de geschiedenisboeken halen.
  3. Tuur
    PREMIUM
    column jan vantoortelboom

    Tuur

    Tuur woont in Ossenisse, een steenworp bij me vandaan. Hij heeft in Terneuzen een garage met belendende scooterzaak en al een jaar of vijftien repareert hij mijn auto. Zelden heb ik een mens met meer plezier in zijn werk ontmoet. Hij is eind zestig en het is zijn lust en zijn leven, antwoordt hij als ik vraag wanneer hij met pensioen gaat. Zijn handen doen mij aan die van mijn vader denken, die werkte ook in een garage: eeltige huid, altijd zwart van het smeer en de olie, niet schoon te krijgen, zelfs niet met korrelig waspoeder dat bij ons thuis in een bokaal naast de warmwaterkraan stond. Harde handen van een zachtaardige man.
  4. In de tweede helft van mijn twintiger jaren bleek ik ook bezig met zingeving
    PREMIUM
    COLUMN JAN VANTOORTELBOOM

    In de tweede helft van mijn twintiger jaren bleek ik ook bezig met zingeving

    Slechts een handvol weken voordat het coronavirus de media terroriseerde, las ik een artikel in een krant over de wanhopige zoektocht van mensen naar geluk en over psychiaters die heden ten dage supersterren zijn, maar ook overwerkt omdat de mensen er voor elke zucht naartoe sprinten. Woorden zoals piekbeleving en gelukseconomie kleefden aan mijn ogen. In datzelfde artikel hebben een aantal bekende psychiaters het over eenzaamheid bij jongeren door gebrek aan zingeving en dat die zingeving vooral te vinden is in De Ander en dat we dus wat ‘zitvlees’ in relaties moeten kweken en ‘niet bij het eerste zuchtje tegenwind moeten afhaken’.
  1. Online lesgeven maakt sommige leraren weer menselijk
    PREMIUM
    column Jan Vantoortelboom

    Online lesgeven maakt sommige leraren weer menselijk

    Ik ken een jongen die dit schooljaar samen met een groep vrienden tegen het ontmoedigingsbeleid van de school in, is overgestapt van 4 vmboT naar 4 havo. Voor het eerst in de schoolcarrière van die jongen, die al vanaf groep 4 gekenmerkt werd door schoolmoeheid, vertelde hij mij over zijn wedervaren tijdens de wiskundeles en met name over de persoonlijke benadering van de wiskundeleraar. Het motto van de leraar was: ‘hoe minder zielen, hoe meer vreugd.’
  2. Het leven als essay
    PREMIUM

    Het leven als essay

    Naast mijn schrijverschap ben ik docent Engels. Een onderdeel van het lesprogramma bestaat uit het schrijven van een persoonlijk essay. Toen ik enige weken geleden de opdrachtspecifieke kenmerken introduceerde en de studenten op de hoogte bracht van hoe het essay geschreven en vooral gestructureerd diende te worden, maakte ik na afloop van de les, toen ik alleen in het leslokaal achterbleef en nog zat te herkauwen op wat ik zojuist had uitgelegd, in mijn gedachten een filosofische associatie tussen het schrijven van een essay en het leven zelf.
  3. Bollix zelf waggelt testikelloos maar jolig door zijn hondenleven
    PREMIUM
    COLUMN JAN VANTOORTELBOOM

    Bollix zelf waggelt testikel­loos maar jolig door zijn hondenle­ven

    Thuis ben ik degene die de dieren een naam geeft. Als schrijver wordt dat van me verwacht. Ik vind het een eer om te doen. Een dier hoort een naam te hebben. Zonder naam blijven ze hun leven lang een schaduw van het onbekende en onbekend maakt onbemind. Als een boer elke koe een naam gaf, dan zou het moeilijker zijn ze naar het slachthuis te brengen. Of een jager: kijk! Daar loopt haas Kromme Henkie, de papa van Rattekop en Snottebel. Schiet hem kapot!
  1. Traditie - dat is groepsdruk door de doden
    PREMIUM
    column Jan Vantoortelboom

    Traditie - dat is groepsdruk door de doden

    Mensen die me een beetje kennen weten dat ik het niet zo op jagers heb. In van die matgroene, aftandse Volkswagenbusjes rijden ze traag en spiedend langs de akkers, jachtgeweren en honden tussen de belaarsde benen. Af en toe zit er een vrouw bij die ook van bloed houdt. Wellicht doen ze goed werk, die bejaarde jagers, want oud lijken ze meestal, en houden ze het wildbestand in evenwicht in een complex systeem. Maar het is de puberale gretigheid waarmee ze de trekker overhalen die me stoort, de diep weggestoken bloeddorst die op najaarsdagen met wettelijke goedkeuring de kop opsteekt. Alle hagel los, dan weer naar huis.

Columns