Jan van Damme.
Volledig scherm
PREMIUM
Jan van Damme. © Joost Hoving

De ‘onhesnikkerd’n’ hebben het gewonnen

Een dag heeft het geduurd. En een nacht. Toen had ik zijn naam beet. Meneer B. Hoe kon ik die kwijt zijn? Op Hemelvaartsdag kwamen we elkaar tegen in de Lange Delft, de die middag half geopende winkelstraat van Middelburg. Tegenkomen was het niet helemaal, we schampten elkaar. Onder zijn snor ontwaarde ik een glimlach vol herkenning. 

PZC gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement
  1. Nu nog een zwiepende regenbui
    PREMIUM
    Column Jan van Damme

    Nu nog een zwiepende regenbui

    Schilders aller landen, rukt uit. Het is ochtend, een uur of negen. In het westen stapelen donkergrijzen zich op. Nog meer water, maar pas morgen, zegt de weervrouw. Ik heb net de rotonde bij Biervliet gerond. Zon in de rug, IJzendijke licht op. De katholieke kerk fier in het midden, het oude hervormde kerkje rechts, de molen links. Zo was het, zo is het, Izendike op z’n voordeligst. Voor het kleurcontrast raast er op de voorgrond een rode rooier over het bietenland.
  1. Dwarsdenker Eus gooit een flinke scheut spiritus op het literaire vuurtje
    PREMIUM
    column jan van damme

    Dwarsden­ker Eus gooit een flinke scheut spiritus op het literaire vuurtje

    Een tweedehandsafdeling op de zolder van een Gentse boekhandel. Jaren geleden. Het rook er stoffig. Nou ja, muf, naar op elkaar gepakte natte jassen. In een hoekje kwam ik ze tegen, de roemloos vergeten romans. Johan Daisne met zijn ‘Trap van steen en wolken’ en ‘De man die zijn haar kort liet knippen’. Van Ward Ruyslinck stonden er ‘De ontaarde slapers’en ‘Het dal van Hinnom’. Hoe ik ook zocht, het ooit door mij stukgelezen ‘Reservaat’ kon ik er niet vinden. Al die vergane Vlaamse grootheden. Voor één of max twee euro kon je ze meenemen.
  2. Geduld, als je dat nou eens kon bestellen
    PREMIUM
    Column Jan van Damme

    Geduld, als je dat nou eens kon bestellen

    Dat was nog eens een opbeurend begin van de dag. Ze kwam even aan mijn bureau staan. De laatste dikke pil van Oek de Jong in de hand. Ze had 'm uit. Er klonk enige teleurstelling door in haar stem. Maar dat moest ik niet verkeerd opvatten. Ze had de zwaar in Zeeland gewortelde 'Zwarte schuur’ zo mooi gevonden dat ze het uitlezen steeds had uitgesteld. De laatste week had ze zichzelf op een rantsoen gezet van maximaal tien pagina's per dag. Om het maar te rekken.

Columns