Volledig scherm

Aalscholver

Op een lantaarnpaal, de vleugels wijd. Alsof er geen auto's onder hem door razen.

Zo zit de aalscholver zijn veren te drogen. Meteen nadat ik hem gespot heb duik ik de tunnel onder het Kanaal door Walcheren in. De radio heeft daar nog steeds geen bereik.

Wat zou zo'n vogel denken? Voelen? Zien? Waarom uitgerekend op die lantaarnpaal gaan zitten als daaronder de ochtendspits nog in volle gang is?

Eenmaal geparkeerd in Vlissingen kan ik het niet laten mijn armen te spreiden. Het is herfst. Nog volop blad aan de bomen. Een eerste storm zal veel kaal blazen of knakken.

De dagen korten in snel tempo. Nu is het nog grijs als ik de voordeur dichttrek en beginnende schemer als ik de sleutel weer in het slot steek. Straks is het alleen maar donker, 's ochtends en 's avonds. Als het al eens een stralende dag wordt piept die hoogstens hinderlijk op mijn beeldscherm door de kier naast de zonwering.

Laten we het de herfstblues noemen, vandaag. Ik heb zo mijn redenen. Het is meer een wat losgeslagen gevoel voor een collega die veel en veel te vroeg zijn strijd moest opgeven.

Om me heen hoor ik trefzekere citaten uit artikelen die een onuitwisbare indruk hebben achtergelaten. Herdenken en gedenken kun je op vele manieren doen. Voor een verslaggever die er niet langer mag zijn is citeren de mooiste.

Het wordt tijd om kaarsen te branden. We hebben nog een overschotje van vorig jaar, in gestaald blauw. Die kunnen we best eens aansteken. Met een servetje onder de kandelaar om het lekkende kaarsvet op te vangen.

Ik moet een punt zetten. Ook vandaag, juist vandaag. Hier houdt het op, hoe graag we hem ook meer letters en regels hadden gegeven.

Als ik terug naar huis rijd is de avondspits geluwd. De aalscholver blijkt gevlogen.

  1. In 't Zeeuws-Vlaams
    column Jan van Damme

    In 't Zeeuws-Vlaams

    Dat overkomt me nou zelden. Als je iemand niet goed kent, dan houd je het aan de telefoon over het algemeen veilig in net Nederlands. Of wat daarvoor doorgaat. Gisteren belde ik Zeeuws-Vlamingen, die bij de première van de film 'Weg van jou' in Amsterdam waren geweest. Elke keer was het hetzelfde liedje. 'Ha Jan, oe is't?' Alsof we elkaar dagelijks, wekelijks, in elk geval vaak aan de toog treffen. Bij mij gaat er met zo'n openingszinnetje een knop om en zit ik een half uur in het West-Zeeuws-Vlaams te praten.
  2. Zeeuws-Vlaanderen met net dat beetje strijklicht
    Column Jan van Damme

    Zeeuws-Vlaan­de­ren met net dat beetje strijklicht

    We zien een oude Saab. Het type waarin mannen met pijp graag worden gespot. De bestuurster rijdt de tunnel in onder de Westerschelde, richting Terneuzen. Het ritme van de voorbij schietende lampen, de buis die steeds smaller lijkt te worden. Het geheel krijgt iets claustrofobisch. Happend naar adem haalt de vrouw haar inhaler tevoorschijn. Meteen na de tunnel belandt ze met haar Saab in de stromende regen op een landweg. De berm één grote modderpoel. Ze geeft gas. Ze rijdt zich vast.

Columns