1. Dit was mijn wereld zonder dat ik er erg in had
    PREMIUM
    Column Jan van Damme

    Dit was mijn wereld zonder dat ik er erg in had

    Het is anders deze dagen. Drastisch anders. Blij zijn met de lente lijkt taboe. Wandelend loeren we achterdochtig naar elkaar, je moet op anderhalve meter afstand blijven hoor. De voordeurbel. Als ik opendoe staat de postbode al tien meter verder op straat te zwaaien dat hij een pakketje heeft neergelegd. De boekwinkel is open, nog wel. Ook daar waan ik me een melaatse. Geen kip, bijna geen kip te zien. Het lijkt of er iemand met een gifspuit door de wereld is getrokken om elk spoortje levendigheid de kop in te drukken.
  2. De vooruitzichten zien er tot aan de zomer ijzig uit
    PREMIUM
    column jan van damme

    De vooruit­zich­ten zien er tot aan de zomer ijzig uit

    We klappen hard in onze handen. Voor de werkers in ziekenhuizen en ouderencentra, voor de juffen en meesters die via het beeldscherm ons kroost bij de les houden, voor de krantenbezorgers die het keurig in kolommen getikte nieuws over de pandemie elke ochtend voor zeven uur door onze bus duwen, voor de vakkenvullers in de supermarkten die de ergste hamsterwoede proberen te dempen. En voor alle onbaatzuchtigen die ik hier vergeet. Applaus, applaus.
  3. Dwarsdenker Eus gooit een flinke scheut spiritus op het literaire vuurtje
    PREMIUM
    column jan van damme

    Dwarsden­ker Eus gooit een flinke scheut spiritus op het literaire vuurtje

    Een tweedehandsafdeling op de zolder van een Gentse boekhandel. Jaren geleden. Het rook er stoffig. Nou ja, muf, naar op elkaar gepakte natte jassen. In een hoekje kwam ik ze tegen, de roemloos vergeten romans. Johan Daisne met zijn ‘Trap van steen en wolken’ en ‘De man die zijn haar kort liet knippen’. Van Ward Ruyslinck stonden er ‘De ontaarde slapers’en ‘Het dal van Hinnom’. Hoe ik ook zocht, het ooit door mij stukgelezen ‘Reservaat’ kon ik er niet vinden. Al die vergane Vlaamse grootheden. Voor één of max twee euro kon je ze meenemen.
  1. Zo uitgerekt zag ik mijzelf zelden
    PREMIUM
    COLUMN JAN VAN DAMME

    Zo uitgerekt zag ik mijzelf zelden

    Boven me was het voor het eerst in dagen strak blauw. In het verre oosten lag een wolkenband die voorlopig van geen wijken wist. De opkomende zon zat er om een uur of acht ‘s morgens nog achter verscholen. Tot ik op het Brigdamse padje mijn dagelijkse uitje eindig verklaarde en met onze viervoeter op huis aan stevende. Zonnestralen piepten over de wolkenband heen en opeens liep ik achter mijn eigen schaduw aan. Een donker silhouet van zo'n drie meter lang. Zo uitgerekt zag ik mezelf zelden.
  2. Bij Ciara denk ik aan het zeurderige buurmeisje
    PREMIUM
    column jan van damme

    Bij Ciara denk ik aan het zeurderige buurmeisje

    En ik maar denken dat we vandaag wel uitgewaaid zouden zijn. Leuk hoor, zo'n negen of tien Beaufort. Golvende rietkragen langs mijn Brigdamse Padje, meeuwen dwarrelen als snippers papier richting Westkapelle, je krijgt een ontiegelijke por in je rug als je de hoek van de Noordweg en het Ooststraatje rondt. Allemaal amusant, voor even. Zeker als je meeleeft met de tegenwindfietsers op de Oosterscheldekering. Zonder versnelling en met een speciale kots-zone. Heroïsch.
  1. Geduld, als je dat nou eens kon bestellen
    PREMIUM
    Column Jan van Damme

    Geduld, als je dat nou eens kon bestellen

    Dat was nog eens een opbeurend begin van de dag. Ze kwam even aan mijn bureau staan. De laatste dikke pil van Oek de Jong in de hand. Ze had 'm uit. Er klonk enige teleurstelling door in haar stem. Maar dat moest ik niet verkeerd opvatten. Ze had de zwaar in Zeeland gewortelde 'Zwarte schuur’ zo mooi gevonden dat ze het uitlezen steeds had uitgesteld. De laatste week had ze zichzelf op een rantsoen gezet van maximaal tien pagina's per dag. Om het maar te rekken.
  2. Aai eens over de warme neus van dikbil Muffin
    PREMIUM
    Column Jan van Damme

    Aai eens over de warme neus van dikbil Muffin

    Nu het Haagse Malieveld door zwaar uitgeruste onrust aan modder is verreden, vond ik dat wel een mooie bijkomstigheid. Zo dichtbij het stadscentrum, nog dichter bij het Torentje van onze op gezette tijden vergeetachtige eerste minister, daar zag het er plotseling hartstikke landelijk uit. Al die stedelingen moeten zich een aardverschuiving geschrokken zijn. Slik! Slik op hun stoepen, slik op hun met blik volgestouwde doorgangsroutes. Dat waren ze niet gewend.
  3. Je snakt naar avontuur - andere werelden, andere continenten
    PREMIUM
    Column Jan van Damme

    Je snakt naar avontuur - andere werelden, andere continen­ten

    Lieve Matthijs, vandaag is de dag waarvan we wisten dat die zou komen. Je slaat je vleugels uit, je hebt het aangekondigd. Zuid-Amerika moet het worden, Zuid-Amerika zal het zijn. We zwaaien je uit in Brussel. Voor hoe lang? Wij weten het niet, jij houdt alle mogelijkheden open. Een maand, een paar maanden, een half jaar. Mijn kalender reikt niet verder. Jij doet er het zwijgen toe. Met een glimlach.
  4. We spraken er schande van, een vlag hoort hoog op de toren
    PREMIUM
    Column Jan van Damme

    We spraken er schande van, een vlag hoort hoog op de toren

    Niet zo lang geleden zat ik bij Piet op de koffie. Hij woont aan de Markt van Groede. We keken naar boven. Daar kun je de vlaggenstandaard nog zien, wees hij. Al jaren niet meer in gebruik, voegde hij eraan toe. Als er iets koninklijks te vieren valt, wordt er nu een vlag geplant in het gemeenteplantsoen aan de Traverse. Op de begane grond. Het beklimmen van de toren zou te lastig of te gevaarlijk zijn.

Columns