Kans op mestvergister Terhole lijkt verkeken
De kans dat er ooit nog een mestvergister komt bij Terhole is uiterst klein. Initiatiefnemer Joop Colsen vindt dat de locatie Koegorspolder, zoals voorgesteld door de gemeente Hulst en de provincie, het doel voorbijschiet om dichtbij de boeren in Oost-Zeeuws-Vlaanderen een biogasinstallatie te realiseren. ,,Als het zo moet, dan hoeft het voor mij niet meer.”
Op papier is een mestvergister aan de N290 in het buitengebied van Hulst een ideaal project. Boeren kunnen makkelijk van de koeienpoep af, de biogasinstallatie levert gas aan Stedin, de ammoniakuitstoot daalt en op het boerenbedrijf neemt de emissie van methaan ook nog eens met veertig procent af.
Medio maart presenteerde Colsen van het gelijknamige Adviesbureau voor Milieutechniek uit Hulst zijn plannen in aanwezigheid van geïnteresseerde boeren, BBB-gedeputeerde Wilfried Nielen (stikstofproblematiek) en wethouder Jean-Paul Hageman (ruimtelijke ordening/vergunningen). Die laatste liet een keihard 'njet’ horen toen Colsen zei dat Terhole de meeste geschikte plek is voor de mestvergister. Vrachtwagens, die de mest ophalen bij de boeren, hoeven dan niet tientallen kilometers te rijden en dat is weer goed voor het milieu.
Maar de gemeente dat een mestvergister op een bedrijventerrein thuishoort en niet in het buitengebied. Colsen heeft na de voor hem teleurstellende bijeenkomst niet stil gezeten. ,,We hebben een rekensommetje gemaakt. Als de mestvergister naar de Koegorspolder zou moeten, dan rij je 160.000 kilometer extra met de vrachtwagen. Dat kost dan zóveel CO2- en stikstofuitstoot en dat was nu net niet de bedoeling. De bedoeling was én is om dichtbij de boeren te gaan zitten en dan moet je niet buiten hun directe omgeving gaan zitten.”
Het idee was om in Zeeuws-Vlaanderen uiteindelijk twee mestvergisters te realiseren: naast Terhole, nog een locatie in West-Zeeuws-Vlaanderen. ,,Maar als de gemeente dan zegt: het plan is fantastisch, maar wij werken niet mee, dan houdt het voor mij wel een beetje op. Er zijn andere plekken waar gemeenten wel zeggen dat we hartstikke welkom zijn en nee, die liggen niet in Zeeuws-Vlaanderen. Dat wil niet zeggen dat we Zeeuws-Vlaanderen laten liggen, maar dan moet de gemeente wel van mening veranderen.”