Volledig scherm
© joris buijs / pve

De file dook op in 1955, om nooit meer weg te gaan

Een file is een file, zou je zeggen. Mooi niet. Je hebt de spookfile, de kijkfile, de recordfile, de protestfile: van alles wat. De allerergste is de file die niet op de radio is, maar waar je wél in staat.

Het zijn zo van die zekerheden. Je gaat naar je werk, je staat in de file. Soms is hij lang, soms is hij kort, maar hij is er altijd. Ga je iets eerder weg? Dan sta je iets eerder vast. Iets later? Uitstel van executie.

Ooit schijnt er een tijd te zijn geweest waarin mensen het leuk vonden om in de file te staan. Dat was in de jaren 50, toen een snelweg nog heel exotisch 'autostrada' werd genoemd, en toen alles wat uit Amerika kwam nieuw was, en spannend. Wie in de file stond, deed mee aan het moderne leven.

Die allereerste officiële file (,,Op een kruispunt van snelwegen", zeggen deskundigen er dan meteen bij, want er stond natuurlijk vaker wel eens wat vast), dat was wat, aanschuiven bij Oudenrijn op de Eerste Pinksterdag van 1955. Mensen uit de Randstad gingen met het mooie lenteweer op weg voor een dagje Veluwe, en kwamen halverwege oosterlingen en Duitsers tegen die naar het strand wilden. Het is moeilijk voor te stellen, maar knooppunt Oudenrijn, het oudste van Nederland, waar de A2 de A12 kruist, was toen nog een simpele rotonde. Het was bijna lief.

Meer en meer

De lol was er snel van af. In een notendop: almaar meer mensen (ruim 17 miljoen inmiddels) plus almaar meer auto's (een dikke 8 miljoen nu) plus almaar meer wegen (135.000 kilometer) leidt onvermijdelijk tot almaar vaker stilstaan. Tot aan de jaren 80 ging het nog wel. Daarna niet meer.

Vervolgens hebben we van alles geprobeerd en geopperd: de kilometerheffing, de tolpoort, de fileheffing, het spitsvignet, de carpoolstrook, de wisselstrook, de watdanook. Het hielp wel, of niet, of een beetje, of het werd weggehoond, want de Nederlander en zijn auto, dat is wel een ding. Betalen om de weg op te mogen? Of erger nog: betalen om in de file te staan? Dat dachten wij niet. Dus ja.

Nu gaan we naar ons werk, of naar de Veluwe of het strand, en staan we in de file. Op de A2, de A16, de A58, de A20, de A9, de A4, de A1, de A13; bij de knooppunten Hooipolder, Everdingen, Bodegraven, Badhoevedorp, Lunetten, Prins Clausplein, Valburg. De file heeft ons gedwongen om constructies te ontwerpen die klaverblad heten, klaverturbine, ster, halve ster, trompet. De file heeft ons ook nieuwe woorden geleerd, want de veranderende wereld heeft ons nieuwe files gebracht. En die woorden, die files, spreken boekdelen over de tijd waarin we leven, en dus stiekem over onszelf.

De kijkfile bijvoorbeeld, in de rij voor andermans ellende. Waarom staat die ziekenwagen daar? Zijn er gewonden? Misschien zijn er wel doden! En hoe langzamer je rijdt, hoe meer je ziet. Spannend! Dan de dagelijkse file, de file die je wist dat zou komen. Elke dag langzaam rijden en stilstaan, elke dag op dezelfde plek. Van Tilburg naar Rotterdam sta je in de file bij 1) de oprit naar de A58, waar er spitsverkeer bijkomt en de weg tegelijkertijd versmalt naar twee banen; 2) knooppunt Galder, linksaf naar Antwerpen, rechtsaf naar Rotterdam, altijd onrust; 3) knooppunt Princeville, 4) knooppunt Zonzeel, 5) knooppunt Klaverpolder, waar er telkens te veel verkeer bijkomt; 6) 's Gravendeel, niet helemaal duidelijk waarom; 7) knooppunt Ridderkerk, door extra verkeer; 8) vlak na het Kralingseplein richting centrum, door veel te slome stoplichten. Een reis van 50 minuten, plus minstens een half uur. Elke dag.

Protestfile

De protestfile is een boosmaker. Natuurlijk mogen vrachtwagenchauffeurs ook actievoeren, maar waarom op de snelweg en waarom net als wij er rijden? De slechtweerfile valt ook slecht bij de ervaren automobilist. Eén drupje regen of één vlokje sneeuw en iedereen trapt op de rem! Doorrijden!!

De spookfile is extra gevaarlijk, want hij komt als je hem niet verwacht, dus als je misschien wel iets anders zit te doen dan alleen maar rijden en op het verkeer letten. Plots oplichtende remlichten, rook van piepende banden, koffievlekken op de passagiersstoel. Het is namelijk te druk op de weg. Elke hapering lijdt tot vertraging.

De avondfile lijkt een beetje op de spookfile, maar dan buiten de spits, als je er niet op rekent. Dat er om half twaalf aan de weg wordt gewerkt en dat je dan stil staat in een donker en leeg landschap, met misschien een raampje open en de radio aan. Het is niet de beroerdste file.

De sluipfile is er voor mensen die slim zijn en een van bovenstaande files willen omzeilen.

De recordfile trekt altijd aandacht, want als je toch vaststaat, dan maar beter goed. De langste ooit: ongeveer 92 kilometer op de A2, op 25 november 2005. De meeste op één dag: 1.000 kilometer in de ochtendspits van 15 januari 2013 (zie ook: slechtweerfile). De langstdurende: twaalf uur stilstaan in de sneeuw, ook op 25 november 2005. Het kan overigens altijd erger. Vijf jaar geleden stond er in een Russische recordwinter drie dagen lang een file tussen Moskou en Sint-Petersburg.

We hebben ermee leren leven. Niet omdat we dat willen, maar omdat het blijkbaar niet anders kan. Er is echter één file die niet oké is: de file die niet bestaat. Hij kan kort zijn, of lang (meestal lang) en je staat er vaak in als je haast hebt, dus je bent al enigszins labiel. Je stemt af op de verkeersinformatie om uit te vinden hoe lang je nog moet. En dan blijft het stil. Er komt van alles voorbij, maar niet die van jou. Alsof jouw verloren tijd er niet toe doet. Alsof jij er niet toe doet. De zekerheid is even weg.

Volledig scherm
Nederlanders maakten in 1955 voor het eerst een file mee, hier te zien op de zwartwitfoto's. De historische verkeersopstopping bij Oudenrijn werd in 2008 nog eens dunnetjes in kleur 'overgedaan' voor een ANWB-commercial. © ANP
Volledig scherm
Volledig scherm
© Spaarnestad