Conservator Koen van Rooijen van Historisch Museum De Bevelanden in Goes vertelt over het werk 'Bagijnen van Goes' van de Engelse kunstschilderes Cecil Jay. Het derde meisje van rechts is een zelfportret.
Volledig scherm
PREMIUM
Conservator Koen van Rooijen van Historisch Museum De Bevelanden in Goes vertelt over het werk 'Bagijnen van Goes' van de Engelse kunstschilderes Cecil Jay. Het derde meisje van rechts is een zelfportret. © Cynthia Cats

Bewonderaars van het onbedorven Zeeuwse meisje namen het niet zo nauw met de werkelijkheid

GOES - Niks mooiers dan een lieflijk plattelandstafereel met een wonderschoon Zeeuws meisje in de hoofdrol aan de muur. Zo dachten althans veel welgestelden uit alle windstreken er in de negentiende en twintigste eeuw over. Belgische, Franse, Duitse en Engelse schilders togen in de periode van industrialisatie naar het Zeeuwse platteland om de onbedorven schoonheid te vereeuwigen. Niet zelden met een flinke dosis fantasie, om het net iets mooier te maken.