Volledig scherm

Stompe deuren

Bouwmarkten, ik kom er niet graag. Ze staan meestal aan de rand van stad of dorp op saaie bedrijfsterreinen. Of ze bevinden zich op de zogeheten meubelboulevards, waar in blokkendoosachtige gebouwen de meubelreuzen, beddenkoningen en behangkeizers wonen.

Door omstandigheden gedwongen loop ik de laatste weken vaker dan me lief is zo’n bouwmarkt binnen; er wordt voor ons een nieuw huis gebouwd en dat betekent dat ik door de aannemer met enige regelmaat om een boodschap wordt gezonden. Dat is niet heel verstandig van de man; stuur mij om een klopboor en de kans is groot dat ik met een gootsteenplopper terug kom. Had ik als kind al last van, van onhandigheid. Zelfs met Hamertje Tik slaagde ik erin mezelf gruwelijk te verwonden.

In zo’n bouwmarkt raak ik al gauw de weg en de kluts kwijt in het doolhof van gangen vol met ladders, tegels, zagen, wc-potten en haakse slijpers. Je ziet er veel mannen in overalls en in klusbroeken – van die broeken met heel veel zakken waaruit schroevendraaiers steken, en duimstokken. Dat soort mannen spreekt geheimtaal; ze hebben het over keilbouten en tapbouten, ze praten over knelbok en knelknie, over verbindingsmoeren en hollewandpluggen.

Gisteren werd ik door de aannemer om een aantal binnendeuren gestuurd. Niet zo maar binnendeuren, neen, het moesten stompe binnendeuren zijn. Stompe binnendeuren? Ja, stompe binnendeuren. Rechtsdraaiend of linksdraaiend maakt niet uit, had de aannemer me nog nageroepen. En zo dwaalde ik door de bouwmarkt op zoek naar een paar stompe deuren, tot ik eindelijk een vriendelijke bouwmarktmeneer trof. ,,Als ik u was’’, zei hij, ,,zou ik even wachten met de aankoop. Zaterdag hebben we een aanbieding, dan krijgt u vijfentwintig procent korting.’’

Zuchtend zocht ik op het volle parkeerterrein naar mijn auto. Zaterdag wéér naar de bouwmarkt.

  1. Blue Monday

    Blue Monday

    Wat nou, Blue Monday? Als ik op maandagochtend de gordijnen openschuif, zie ik hoe een waterig winterzonnetje gaatjes prikt in een lichte mistdeken die zich over het land uitspreidt. De kat van de buurman loopt met lome tred over het dak van onze schuur en knipoogt schalks in mijn richting. Het eitje dat mevrouw Van Dam voor mij heeft gekookt, heeft exact de juiste hardheidsgraad, uit de broodrooster floepen twee mooi geroosterde boterhammetjes, de krant die ik zojuist van de mat heb geraapt brengt mooi nieuws: PvdA en SP hebben beloofd dat zij zich zullen inzetten voor een tolvrije Westerscheldetunnel. Wat nou, Blue Monday?