TERNEUZEN - Motorcrosser Boy Stockman heeft de afgelopen jaren met de nodige
tegenslagen te kampen gehad. De negentienjarige Terneuzenaar bleef in zijn
prille loopbaan weinig bespaard, maar de passie voor zijn sport hield hem
aan de gang.
In de zomer van 2006 werd de motorcrosser wel even aan het twijfelen gebracht.
Tijdens een wedstrijd in het Belgische Nismes smakte hij keihard tegen de
grond. Bij die val brak hij op verschillende plaatsen zijn scheen- en
kuitbeen. Van alles spookte door zijn hoofd. "Ik dacht er serieus over
om te stoppen. Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan, hè."
Stockman verbeet destijds de pijn. Sterker nog: hetzelfde jaar zat hij na een
snelle revalidatie weer op zijn motor. De ongelukkige val op het Waalse
circuit kan hij zich nog goed herinneren. "Op een heuvel met schans
sprong ik te ver. Daardoor belandde ik op het harde deel van de baan."
Stockman wist meteen dat het fout zat en werd afgevoerd naar het ziekenhuis.
Zijn been werd zes weken in het gips gestoken. Daarna volgde de revalidatie.
Toen hij eenmaal het besluit genomen had om door te gaan, werkte hij keihard
aan zijn comeback. Het typeert de mentaliteit van de motorcrosser.
De terugkeer op de motor kostte hem veel energie. "Ik moest weer op het
nulpunt beginnen en mijn conditie weer op peil brengen. Maar in het najaar
reed ik alweer mijn eerste wedstrijden. Ik was wel extra voorzichtig, maar
dat lijkt me normaal als je zoiets hebt meegemaakt", stelt de student
bouwkunde aan de Hogeschool Zeeland.
Stockman had al geleerd met tegenslagen om te gaan, want hij was al een aantal
keren op de proef gesteld. Zo brak hij zijn bovenarm en maar liefst drie
keer zijn sleutelbeen. In een jeugdwedstrijd liep hij drie gebroken vingers
op.
De angst voor valpartijen is hij kwijt. Daardoor komt met name de laatste
jaren het talent van Stockman bovendrijven. "Vorig jaar ben ik
halverwege het seizoen overgestapt van MX2 naar MX1. Ik werd daarin meteen
Zeeuws kampioen."
Stockman heeft, zoals velen van zijn generatie, het vak geleerd van zijn vader
(André). "Ik lag nog in de wieg toen ik al meeging naar het
motorcrosscircuit. Op mijn zesde jaar reed ik mijn eerste wedstrijd bij de
VJMO (Vlaamse Jeugd Motor Organisatie). Daarna heb ik alles doorlopen, de
80cc en 125cc tot licentiehouder."
De Terneuzenaar houdt in de stille periode zijn conditie voornamelijk op peil
met lopen. "Ik train daarnaast de Zeeuwse Vlaamse jeugd tussen de vijf
en achttien jaar."
Stockman rijdt zo'n dertig wedstrijden per jaar en maakt nog steeds
progressie. Hij rijdt op een Suzuki 450cc en zit nu vier jaar bij de
licentiehouders. "Ik heb een prima motor, al was het met de zwaardere
motor wel wennen. In het begin reed ik vijf minuten goed, maar daarna zat ik
er compleet door. Ik verdeel mijn krachten nu beter en rijd rustiger."
In het MX1-klassement om het Belgische kampioenschap van de BMB staat hij
momenteel op een dertiende plaats. "Mijn doel is om in de top tien te
eindigen. Dat moet lukken."
In de RES-competitie in Axel neemt hij bij de licentiehouders een vierde
plaats in achter leider Roy Gijsel uit Heikant. Wat maakt Gijsel nu beter
dan hem? "Roy rijdt gewoon harder en komt altijd met voorsprong uit de
bochten", is zijn simpele redenering. Stockman hoeft echter niet te
wanhopen. Daarvoor staat zijn talent en doorzettingsvermogen garant. De
ambitieuze motorcrosser heeft één ultieme wens: het winnen van een wedstrijd
om het kampioenschap van Nederland. De Terneuzenaar aast op een goede tweede
seizoenhelft. Na een korte zomerstop beginnen de motorcrossers zaterdag aan
de zevende RES-crosswedstrijd in Axel.




Sorteer reacties










