Mario de Fouw: "Mijn vader is morgen gewoon voor Terneuzense Boys, terwijl mijn moeder voor mij is. Dat levert soms redelijk aparte situaties op." foto Wim Kooyman
Mario de Fouw koos op zijn twintigste bewust voor een zondagclub, speelde
voor Breskens, Uno Animo en Terneuzen, en is nu aan zijn tweede seizoen bij
zaterdag-eersteklasser Zaamslag bezig. Morgen staat hij tegenover de club
waar hij leerde voetballen. "Voor mij is deze wedstrijd superspeciaal."
Het wordt weer eens tijd voor een overwinning. Jullie laatste zege dateert al
van 25 oktober.
Mario de Fouw: "Voor de winterstop zaten
we in een dip. We verloren niet alleen drie keer, dat gebeurde ook steeds
met grote cijfers. Tegen Roda Boys werd het 7-1, tegen LRC 5-1 en in de
laatste wedstrijd verloren we met 7-2 van Nieuw-Lekkerland. Toch maken we
ons niet druk. Het waren de drie beste ploegen in de eerste klasse. Tegen
Roda Boys stond ik tegen een geweldige voetballer, ik heb alleen maar
verdedigd. Ik werd aan alle kanten voorbijgelopen, die jongen had de dag van
zijn leven."
De winterstop kwam voor jullie als geroepen.
"Dat klopt. We konden even op adem komen. Onze voorzitter verwoordde het
na die wedstrijd tegen Nieuw-Lekkerland heel goed. Vanaf maart hadden we de
stijgende lijn te pakken en dat bleef maar doorgaan, zei hij. Dat kan niet
door blijven gaan. We stonden na de promotie mooi in de middenmoot, maar in
november werd het allemaal wat minder. Een jongen als Arjan Hamelink was
bijvoorbeeld altijd een zekerheidje, maar ging ook minder spelen. Jordy
Bakker was de enige die nog zijn niveau haalde."
Je bent
bij Zaamslag aan je vijfde club bezig. Waarom ben jij destijds vertrokken
bij Terneuzense Boys?
"Ik ging in Tilburg studeren en kon
daardoor niet meer twee keer per week trainen. Tegenwoordig is het allemaal
makkelijker, als ik hoor dat studenten met auto's of zelfs busjes naar
Zeeuws-Vlaanderen rijden om te trainen. Dat kon toen nog niet. Omdat ik wel
in deze regio wilde blijven voetballen ben ik naar Breskens gegaan. Op
vrijdag reed ik terug, kon ik trainen en daarna bleef ik tijdens het
weekeinde in Terneuzen."
Toch heb je ook nog even
geprobeerd in Tilburg te voetballen?
"Ja, bij Uno Animo,
samen met Dwight van Hulle, Robbie van de Wijnckel en Arjan Quaak. Dat werd
geen succes. Van ons vieren heb ik het het langst volgehouden. Toen ik ruzie
kreeg met de trainer ben ik ook gestopt. Daarna ben ik naar Terneuzen
gegaan. Ik stond er niet altijd in. Toch heb ik er best redelijk gespeeld en
nog een paar keer de winnende goal gemaakt. Maar dan stond ik er een week
later ineens weer naast. Daar had ik geen zin in. Dat we aan het eind van
dat seizoen nog degradeerden was wel een flinke domper."
De
keuze voor Zaamslag was vervolgens niet zo moeilijk?
"Nee,
want Rinus Zegers werd trainer en met hem had ik ook al in Breskens gewerkt.
Jordy Bakker ging naar Zaamslag, net als Alfaro Pentury, Omer Malagic en
Bart Corstanje. Dat werd gewoon een mooi elftal. Ik woon in Breda en rijd op
donderdag heen en weer met Arjan Hamelink, die in Tilburg studeert. Bij
Terneuzen deed ik dat ook al met Roel Alberti. Op dinsdag train ik nu altijd
bij Groen-Wit, een derdeklasser die stijf onderaan staat. Het niveau valt
nogal tegen."
Afgelopen dinsdag reed je even heen en weer
om mee te doen tegen Hontenisse. Jij wilt natuurlijk scherp staan tegen
Terneuzense Boys?
"Zeker weten! Voor mij is die wedstrijd
superspeciaal. Het klinkt misschien gek omdat ik bij Zaamslag speel, maar
Terneuzense Boys is nog steeds mijn club. Mijn vader is een Boys-man, mijn
broer speelt er, net als veel vrienden. Met jongens als Robert Rijnberg,
Marco Faassen, Ali en Mevlud Eryürük heb ik nog samen gevoetbald. Om mijn pa
te stangen zeg ik dat we maar twee wedstrijden per seizoen moeten winnen….
Hij is morgen ook gewoon voor Terneuzense Boys, terwijl mijn moeder voor mij
is. Dat levert soms redelijk aparte situaties op."


Sorteer reacties




















