Alberto Contador geniet zichtbaar van zijn derde Tourzege. Links zijn belangrijkste concurrent Andy Schleck, die ook de witte trui als beste jongere won. Rechts Raborenner Denis Mentsjov, die beslag legde op de derde plaats. foto Christophe Ena/AP
PARIJS - Met minimale inspanningen heeft Alberto Contador gisteren in Parijs
het maximale resultaat bereikt. Voor de derde keer in zijn carrière werd de
27-jarige Spanjaard op de Champs-Elysées gehuldigd als Tourwinnaar.
Zie ook:
Over tien jaar zal de zege van Contador vermoedelijk niet meer zijn dan een
statistisch feit, een opzoekvraag in een wielerquiz wellicht. Daarvoor was
de manier waarop de Astana-kopman zijn favorietenrol invulde, te
minimalistisch. Geen etappezege, zelfs geen offensief had Contador nodig om
Andy Schleck te verslaan in een duel dat veel weg had van een schijngevecht.
Pas in de tijdrit van zaterdag werd de spanning even op de spits gedreven.
De kleine marge van acht seconden waarmee Contador en Schleck elkaar tot dan
nagenoeg in evenwicht hielden, suggereerde veel meer spanning dan er in
werkelijkheid was.
De rivaliteit tussen de Luxemburger en de Spanjaard beperkte zich vooral tot
een verbaal steekspel naar aanleiding van 'kettinggate'.
Contador profiteerde in de rit naar Bagnères-de-Luchon van mechanische
problemen bij Schleck om de gele trui over te nemen. In plaats van de hand
in eigen boezem te steken, wees de 25-jarige renner van Saxo Bank met een
beschuldigende vinger naar Contador. Door te demarreren op het moment dat
hij te voet stond, had 'El Pistolero' het spel niet eerlijk gespeeld, vond
Schleck. Contador maakte de affaire nog grotesker door dezelfde avond zijn
excuses aan te bieden op internet. Zijn vriendschap met Schleck was hem
heilig.
De band van Contador met zijn enige concurrent voor het geel, haalde in de
slotweek de angel uit een Tour die zo veelbelovend begon. Dat beide tenoren
elkaar amper pijn durfden te doen, bleek op de Tourmalet. Het gevecht op
leven en dood dat Schleck van tevoren had beloofd op de mythische col werd
een anticlimax.
Het beeld van de broederlijke omarming tussen Schleck en Contador na de finish
was voor de liefhebbers van een echte strijd ontluisterend.
Vergeleken met de epische strijd die Laurent Fignon en Greg Lemond uitvochten
in de Tour van 1989 en de niet aflatende ijver waarmee Lance Armstrong en
Jan Ullrich elkaar in 2003 bestookten, was de strijd tussen Contador en
Schleck een flauw afkooksel.
Omdat niemand in staat lijkt om zich in hun tweestrijd te mengen, krijgen de
beste ronderenners van dit moment al volgend jaar een herkansing op een
mannelijker duel.
Dat zelfs Contador, de beste klimmer van zijn generatie, blijkbaar niet meer
in staat is om de concurrentie murw te rijden, zegt wellicht ook iets over
de impact die de anti-dopingmaatregelen hebben op het peloton. Net als vorig
jaar bleef ook deze Tour (tot nu toe althans) verschoond van affaires. Het
is een heuglijke constatering die het gebrek aan een spetterende strijd
draaglijker maakt.
Als de Tour van 2010 over tien jaar wordt gememoreerd, zal het vooral gaan
over de vele incidenten. De staking die door Fabian Cancellara op touw werd
gezet in de rit naar Spa was gezichtsbepalend voor de rest van de Tour. De
kopstoten van de gediskwalificeerde Mark Renshaw, de vechtpartij tussen
Carlos Barredo en Rui Costa in Gueugnon, de kettingproblemen van Schleck:
het leverde stof op voor talloze discussies en polemieken. Respect en fair
play waren in de voorbije Tour zeker niet de meest beleden waarden.
Uitgerekend nu het peloton meer dan ooit schreeuwt om sterke
persoonlijkheden die orde op zaken kunnen stellen, verdwijnt Lance Armstrong
van het toneel. Op zijn 38e kon de Amerikaan niet verhullen dat ook een
zevenvoudige Tourwinnaar niet ontsnapt aan aftakeling. Wie de lijdensweg van
de 'Boss' niet kon aanzien, had één troost: in zijn hoogtijdagen zou
Armstrong de gele trui nooit met zo weinig allure naar Parijs hebben
gebracht als Contador in de voorbije Tour.















