Een groep Afrikaanse voetballers maakt zich klaar voor één van de wedstrijden in de African Cup. foto Agata Skowronek
Vooralsnog zit Jerry in de volle zon op de tribune van amateurclub Ferikoy in een oude wijk in Istanbul. Hier wordt de komende weken de African Cup gespeeld. Op het veld lopen de teams van Kameroen en Nigeria zich warm. De amateurcompetitie wordt door Afrikaanse migranten - velen zijn hier illegaal - georganiseerd. Dit jaar doen twaalf landen mee.
"We willen onszelf presenteren, laten zien wat voor talent we in huis hebben", zegt de Nigeriaanse Julius, één van de organisatoren. "En het is voor de jongens een goede manier om alle ellende even te vergeten." Want zoals Julius, zelf al vier jaar in Istanbul, het uitdrukt: "Het is not easy voor a black brother in Turkije." De discriminatie is groot, de huren hoog en werk is er amper. "Turken hebben het niet op zwarten. Ze noemen ons apen." Zelf droomt hij nog steeds van een carrière in Europa. "Misschien ga ik volgend jaar naar Bulgarije om te spelen. Ik heb contacten daar", klinkt het.
Dagelijks arriveren tientallen Afrikaanse jongens - het overgrote deel komt uit Nigeria - met weinig bagage maar vol verwachtingen in Istanbul. Al snel komen ze er achter dat niemand daar op hen zit te wachten. Turkije zelf accepteert geen asielzoekers en Europa zit potdicht. Asielprocedures voor een ander land nemen jaren in beslag en de kans van slagen is gering. Velen proberen het niet eens. Zij blijven illegaal in Turkije en zoeken een andere weg om naar Europa te gaan. En voetballen, zo geloven de spelers van de African Cup, kan het ticket naar het beloofde land zijn. Sterspelers als de Ghanees Stephan Appiah, voorheen Fenerbahce en Senegalees Shabani Nonda, voorheen Galatasaray, zijn hier dé voorbeelden.
Op het veld in Feriköy gaat het er fanatiek aan toe, maar serieuze scouts zijn niet te zien. Julius maakt zich geen zorgen. "De competitie is nog maar net begonnen."
De coach van Ethiopië, Essex, is een van de oudgedienden. Al tien jaar is hij in Turkije. Hij heeft zijn droom als profvoetballer opgegeven. "Ik heb bij Cevizlibag, een amateurclub, gespeeld. Maar het is als Afrikaan in het Turks voetbal niet makkelijk", zegt hij.
Probleem is ook dat de amateurclubs géén illegalen laten spelen. Een aantal spelers heeft wel geluk gehad. Essex wijst op een speler van Kameroen, hij speelt dit jaar in de Turkse Superlig voor Istanbul Buyuksehir Belediye Spor, dat vorige week nog van topclub Besiktas heeft gewonnen.
Niet alle jongens komen op eigen gelegenheid naar Turkije toe. Stanley (22) werd een jaar geleden samen met nog veertig andere Nigerianen door een Turkse scout naar Istanbul gehaald. "We zouden bij een Turkse club gaan spelen en hij zou alle papieren in orde maken. We hebben allemaal zo'n 2000 dollar betaald." Aangekomen in Istanbul viel de droom snel in duigen. "Hij heeft ons bij een paar clubs voorgesteld. En dat was het, nooit meer iets van gehoord. Nu hoop ik zelf een club te vinden. En volgende week speel ik hier weer."


Sorteer reacties














