Zie ook:
Maar ondanks alle liefde die hij voor de bal aan de dag legt, heeft ook hij af en toe de grootste moeite om Jabulani op 1700 meter hoogte te bezweren met zijn magie. Ook de andere spelers van Oranje vinden het maar een eigenwijs kreng. Een bal die op de grond nog de opdrachten uitvoert, maar eenmaal in de lucht zich niet of nauwelijks laat sturen.
"Onze spelers zijn technisch toch niet de slechtste, maar zelfs zij hebben hier problemen om hoge ballen goed te verwerken", luidt de conclusie van bondscoach Bert van Marwijk na twee trainingssessies in de ijle lucht van de grootste stad van Zuid-Afrika. "We hebben er vorige week in Rotterdam en Amsterdam ook mee gespeeld en dan is er niets aan de hand. Maar deze bal reageert op zeeniveau heel anders dan op 1700 meter hoogte."
Voor voetballers is de bal hun werktuig, waarbij de afstemming met de voet naadloos moet kloppen. Er dient chemie te zijn, gevoel, wederzijds vertrouwen. Wesley Sneijder is zo'n speler die met zijn radarfijne wreeftrap voor een groot deel leunt op zijn vriendschap met de bal. In zijn zoektocht naar de totale beheersing gooit hij het leder tijdens de training ook een paar in de lucht om te kijken hoe hij reageert. Hij kijkt er niet blij bij.
Van Marwijk heeft op het eind van de training bewust een pass- en trapoefening ingelast. Wat opvalt is dat vele lange ballen niet aankomen: ze zijn te hard of te hoog. Na afloop van de training nemen de spelers het doel van grote afstand onder vuur, maar tot al te veel voltreffers leidt dat niet. "Als je veel snelheid aan de bal meegeeft komt-ie verschrikkelijk hard aan", heeft Ibrahim Afellay gemerkt. "De bal maakt af en toe een zwieperd, waarbij je denkt: hè, wat gebeurt er hier?"
Mark van Bommel denkt na twee dagen de grillen van Jabulani te hebben doorgrond. "Als je een strakke pass over grote afstand geeft, moet je de bal in het begin een curve meegeven. De bal komt daarna bijna vanzelf in de gewenste strakke baan terecht."
Maar niet iedereen heeft de gave om de bal zo te raken dat het geplande einddoel ook wordt bereikt. "Daarom denk ik ook dat er op het WK heel rare doelpunten gaan vallen", aldus Afellay. Alarmfase één dus voor de keepers. "Ballen die je normaal klemvast pakt, zul je in deze omgeving misschien wat sneller wegstompen", zegt de doelman van Oranje, Maarten Stekelenburg. "Hoe ik me verder ga wapenen tegen die zwabberballen? Door zoveel mogelijk risico's uit te sluiten."
















