Zijn wieg stond uiteindelijk in Den Haag, maar in de weekeinden en vakanties was Tjerk Romke de Vries altijd op een boot te vinden en gaandeweg ontstond de liefde voor het zeezeilen. ,,Ik ging in mijn studietijd (hij studeerde economie) vaak met een stel vrienden naar Breskens. Dat was voor ons in die tijd het wedstrijdmekka van Nederland. Dan kwamen we op vrijdagavond met de laatste trein in Vlissingen aan en sliepen we een heel weekend aan boord en op zondagavond gingen we weer terug naar huis. Heel anders dan nu ja. Tegenwoordig komen ze in pak aan en stappen ze na de wedstrijd in hun Volvo.''
Tjerk Romke de Vries ontwikkelde zich tot een gerenommeerd zeiler en deed onder meer mee aan de Admirals Cup, de North Sea Regatta en de Fastnet Race. In 1971, na afloop van de Fastnet Race, ging het bloed van De Vries nog sneller stromen, toen hij een brochure in zijn handen kreeg gedrukt over een zeilrace om de wereld. Het was een idee van enkele Engelse zeilers. De Engelse bierbrouwer Whitbread was in 1972 bereid het evenement te sponsoren en een jaar later kon de race van start. ,,Nog nooit was zo'n zeilrace om de wereld gehouden. Het was een ongekend avontuur. Ik heb me direct aangemeld, maar er bleken nog duizend gegadigden op de lijst te staan, dus dat schoot niet op. Bovendien waren de teams die meededen nogal gefocust op nationaliteit. De Fransen wilden bijvoorbeeld met een puur Franse bemanning meedoen. Ik kwam er niet tussen.''
Totdat hij in 1973 na afloop van de Admirals Cup een stop maakte in Zeebrugge. ,,We zouden plezier gaan maken in een danstent'', zegt De Vries. ,,Maar ineens kwam er een enorm imposant schip, een Swan 65, binnen. De havenmeester vertelde me dat het een Mexicaanse boot was die aan de Whitbread Race mee zou doen. Ik heb meteen aangeklopt. De Sayula II was een degelijk schip en daar durfde ik het avontuur wel op aan. De Mexicaanse eigenaar, Ramón Carlin, wist het op dat moment nog niet goed. Zijn zoon en twee neefjes maakten deel uit van de bemanning. Verder zou zijn vrouw meegaan en er was ook nog een Amerikaan en een Australiër uitgekozen. Ik werd in elk geval op de lijst gezet.''
De schipper nam niet veel later contact op en twee weken voor de start van de race ging een droom in vervulling. De Vries maakte plots deel uit van de bemanning van de Sayula II. ,,Het was allemaal hectisch. Ik moest in een paar dagen tijd nog visa en allerlei prikken regelen. Acht dagen voor de start kwam ik aan in Engeland. De proefvaarten waren al achter de rug. Op een middagje hebben we nog een paar zeilen uitgeprobeerd. Toen we echt van start gingen, had ik twee uur gezeild op die boot.''
,,Tegenwoordig gaat de navigatie via de satellieten, maar wij moesten in die tijd onze plaats bepalen met de sextant. En als er geen zon, maan of sterren te zien waren, moest je maar gissen waar je zat. Het weerbericht op de Atlantische Oceean kregen we in morse. Wij hadden het geluk dat we een navigator aan boord hadden die morse kon lezen. Hij bleek de enige te zijn die dat kon en daar hebben we veel profijt van gehad.''
De angstigste momenten beleefde De Vries tijdens de etappe via de Zuidelijke Oceaan. ,,We moesten het daar doen zonder weerberichten'', vertelt hij. ,,Die bestonden daar niet. Ja, en we kregen het slechtst denkbare weer. We hebben drie dagen lang orkaankracht gehad, 80 tot 90 knopen. Er waren golven van 20 meter hoog. Het was soms net alsof er een berg op je af kwam. Ik was net van wacht af en in mijn kooi gekropen, toen we kapseisden. Ik werd tegen het plafond gesmeten en zag bij wijze van spreken de vissen voorbij zwemmen. Binnen tien seconden lagen we weer recht, al duurde dat in mijn beleving een uur.''
,,We zijn onmiddellijk naar buiten gegaan en hebben gekeken hoe het met de twee man aan dek was. Eén hing er aan zijn lijn aan de reling, de ander was terug in de kuip geslagen. Ikzelf had twee gebroken ribben, anderen hadden een paar flinke builen, maar we hadden gelukkig niemand verspeeld.''
,,Het was een puinhoop binnenin en er stond veel water in de boot. De pompen raakten al snel verstopt en het water bleef maar stijgen. We waren bang voor een lek, maar het bleek dat de slang van de watertank het had begeven, daardoor bleef het water stijgen. Buiten viel de schade mee. De mast was blijven staan en het roer hing er nog aan. De wind nam hierna ineens af en een halve dag later hadden we de spinnaker er weer aan.''
,,De radio-apparatuur die we aan boord hadden was kapot en konden we overboord gooien. We hadden dus geen contact meer met de buitenwereld en het thuisfront zat aardig in z'n piepzak. Ergens tussen Tasmanië en Australië kruisten we een veerboot en hebben we met seinlampen doorgegeven dat iedereen nog leefde.''
De Adventure, het Engelse schip dat de eerste etappe op handicap had gewonnen, liep in die bewuste etappe zware averij op. En ook een andere concurrent, de Great Britain II van de vermaarde Chay Blyth, liep achterstand op. Het bleek beslissend voor het vervolg. De Sayula II werd op handicap winnaar van de eerste zeilrace om de wereld. ,,Er waren boten die paratroopers aan boord hadden, veel fysieke kracht dus, maar het bleek dat je toch verder kwam met een stel uitgekiende zeilers. Wij hadden met de Sayula II een heel goede bemanning. Het was een gemeleerd gezelschap, dat veel respect voor elkaar had. Tijdens de eerste etappe ging de vrouw van de schipper mee, maar al snel bleek dat zij niet tegen de wedstrijddruk bestand was. Niemand zei daar wat van, maar iedereen voelde het wel aan. Na de eerste etappe is zij in Kaapstad van boord gegaan.''
,,Het hele avontuur was nog mooier dan ik had gedacht. Ik hoopte vooraf dat we het zouden volbrengen, maar ik had dat nooit voor mogelijk gehouden. En als je dan ook nog winnaar wordt, is dat helemaal het einde. We werden in Londen door prins Philip gehuldigd. Dat was deftig. We zijn met de Sayula naar Londen gevaren en moesten door de Tower Bridge. We zijn daar op zeil doorgevaren. Dat was een beetje hufterigheid van ons. Het was de bedoeling dat die brug een kwartier open zou gaan, maar het duurde drie kwartier. Het verkeer in Londen zat helemaal vast, maar dat vond niemand echt erg."
,, Ik heb van Prins Philip nog een zilveren bierkruik gekregen. Dat is het enige dat ik eraan heb overgehouden. Ik heb er niks mee verdiend, maar dat was ook niet erg. Het ging mij om het avonturieren en pionieren. We waren tenslotte de eersten die zoiets deden. Het is een absoluut hoogtepunt in mijn leven geweest. Het is zoiets als de Mount Everest beklimmen en bedwingen.''
De eerste race smaakte naar meer. ,,Ik ben nog betrokken geweest met de voorbereidingen van Conny van Rietschoten", legt De Vries uit. ,,Ik heb hem advies gegeven over de boot. Hij heeft me ook mee gevraagd, maar onze ego's lagen te veel uit elkaar. Hij heeft later Edgar Koekebakker als tweede man meegenomen en die kon veel makkelijker dan ik de tweede man zijn. Daarna ben ik nog wel eens zelf bezig geweest met sponsoring, maar dat is uiteindelijk afgeketst. Vervolgens is het er nooit meer van gekomen.''
Wat rest zijn de mooie herinneringen. Romke de Vries, inmiddels 65, kan er gloedvol over vertellen en is trots op zijn prestatie, maar hij blijft de nuchterheid zelve. ,,Zeilers worden nooit als helden onthaald. Het is en blijft een teamsport, zelf bij soloraces is er op de achtergrond nog een heel team bij betrokken. Het is niet één man die een topprestatie levert. Het zijn er meer. De commercie wil zeilers nog wel eens tot helden verklaren, maar de zeilers zelf zijn en blijven nuchtere mensen. Ach, zo hoort het ook.''



Sorteer reacties




















