Gek genoeg zijn er in Zeeland bar weinig restaurants waar je vis kunt eten.
Natuurlijk zijn er restaurants genoeg die vis op de kaart hebben, maar vaak
beperkt de keuze zich tot visfilets die verwerkt zijn tot een gerecht. Wij
willen gewoon een vis, het liefst een hele. En misschien wel meer dan één.
Vers uit de zee, mooi gebakken, schijfje citroen erbij en verder geen gedoe.
Als we Het Vissershuis in Burgh- Haamstede binnenlopen, lijken we op
het juiste adres te zijn. Boven de bar hangen koperen patrijspoorten, aan de
muur een verzameling kunststofvissen en aan het plafond roeispanen en een
reusachtig stuurwiel, misschien wel uit een viskotter. Een groot gezelschap
krijgt een enorme schaal geserveerd, met allerlei soorten gebakken vis erop.
De kaart bevestigt het: hier hebben ze de vis die we zoeken, met vooraf
vissoep, gegratineerde mosselen, gerookte vis, gebakken sardines en een
ouderwetse garnalencocktail en als hoofdgerechten een heel scala aan
gebakken vis: onder meer schol, tongschar, kabeljauw, noordzeetong, tarbot,
slibtongetjes en - indien voorradig - aan de lijn gevangen zeebaars. En dan
is er ook nog vis uit de wok én gepocheerde vis. En, voor wie echt geen vis
wil: drie vleesgerechten.
We nemen een voorgerecht en krijgen daar
al snel een beetje spijt van. De vispastei is een kant en klaar ragoutbakje
met een blanke saus die slechts vaag naar vis smaakt; erbovenop liggen verse
garnaaltjes. Het bord is opgevrolijkt met ingemaakte asperges exotisch
fruit: een kaapse kruisbes, zo'n oranje balletje in een knisperjasje, wat
stukjes carambola, dat fruit dat een stervorm heeft als je het doorsnijdt,
en plakjes meloen. De gerookte vis op de salade is prima. Het probleem
begint als de vis op is: de sla eronder (voorgesneden?) is aangemaakt met
heel veel dressing en dat is niet echt onze smaak. De salade gaat terug naar
de keuken.
De vissen die we als hoofdgerecht krijgen, zijn dan weer
wel dik in orde: de één krijgt een tarbot van minstens een pond, bruin
gebakken, goed gaar, maar toch sappig. De tarbot is wild, benadrukt de ober;
het is geen gekweekte vis. De ander krijgt drie slibtongetjes en ook die
zijn lekker bruin. Dít is gewoon vis, met het zo gewenste schijfje citroen.
Bij de vis krijgen we vier bakjes: één met gebakken aardappelen, één met
frietjes, één met salade en één met rode kool. Vooral de laatste keuze
vinden we gek. Noem ons ouderwets, maar rode kool vinden wij meer iets voor
bij een stevig vleesgerecht. Eigenlijk verlangen we naar gestoofde wortels.
Op onze borden is ook nog plaats voor een gevulde en gegratineerde paddenstoel
en nóg een beetje groente. We laten de bijgerechten maar gewoon staan - het
avontuur van de combinatie vis en rode kool willen we het liefst zo lang
mogelijk uitstellen - en eten gewoon, met veel smaak, de vis op.
Ook in een nagerecht hebben we niet zoveel zin meer, dus bestellen we een
kop thee, waar we een klein glaasje koffielikeur met slagroom bij krijgen.
Terwijl we de thee drinken, gaat de muziek langzamerhand steeds harder. Zijn
we eigenlijk nog wel welkom? Of is het gezellig bedoeld?
Restaurant
Het Vissershuis, Westenschouwenseweg 20,
4328 RE, Burgh-Haamstede.
Van mei tot en met september de hele week geopend, van oktober tot en met
april op maandag en dinsdag gesloten, met uitzondering van herfstvakantie en
feestdagen.
De keuken is open van 17.00-21.00 uur, op zondag al
vanaf 16.30 uur. Prijs-Kwaliteit: * * *
De gebakken vis is prima
bij Het Vissershuis, het restaurant verliest sterren door de tegenvallende
voor- en bijgerechten. De hoogte van de rekening valt mee: net iets meer dan
zestig euro voor twee personen.
Entourage: * * *
Bediening: * * * *
Attent en op de hoogte van wat er in de keuken
gebeurt.
Conclusie: Wie een simpele maar goede vis wil, kan bij Het
Vissershuis terecht. Wie meer verwacht, moet ergens anders gaan eten.




Sorteer reacties











