Als je oog eenmaal op een tatoeage is gevallen, loop je kans dat je op tatoeages gaat letten. En ja, we zagen er nogal wat. We zagen een man die kousen aan leek te hebben, maar het waren een soort zwarte doornachtige vlammen die op zijn benen waren getatoeëerd. Misschien, zo dachten we, is het aanbrengen van kledingachtige tatoeages niet eens zo gek.
Netkousen bijvoorbeeld, of desnoods een bikini.
De eerste tatoeage die ik in mijn leven zag, was het ankertje op de hand van mijn grootvader. Het was een teken dat hij zeeman was geweest. Dat gaat er nooit meer af, zei hij, en hij wreef er met zijn duim over.
Een tweede tatoeage zag ik bij een medestudent toen we eens gingen zwemmen. Op zijn borst stond een hartje met een pijl erdoor. Erbij stond: Suzan. Trots op de tatoeage was hij niet en de Suzan was allang van het toneel verdwenen.
De man met het zwaard op zijn borst kwam terug. Hij had gezwommen en liep langzaam voorbij.
Nu konden we de tekst die op zijn lichaam stond lezen: Je mientaindrai. Toch een militair?
Dat de tekst fout gespeld was, was natuurlijk wel jammer, maar ja, een kniesoor die erop let, en wie kent er heden ten dage nog Frans? En we vonden het eigenlijk wel een mooi idee, zo'n leuze die zich altijd zou handhaven.














