Toen ik gisteren mijn straat inliep maande ook een buurman mij tot haast. Hij stak zijn hoofd tussen vensterbank en luxaflex en gebaarde met zijn arm dat ik op moest schieten. Uit een openstaand raam, hoorde ik al het volkslied. Ik was nog op tijd en zo te zien de laatste in mijn buurt die thuis kwam. Voor mij geen kroeg om voetbal te kijken. Geen bomvolle kroeg, geen potten bier, geen samenzang en geen afterparty na winst, die tijd ligt ver achter me. Nee, ik wilde het thuis kijken. Gezellig met mijn vrouw en kinderen op de bank, want het is toch iets unieks een kwartfinale WK voor het Nederlands elftal. En als vader en echtgenoot wil je zulke historische momenten delen met je gezin. Ik ging er eens goed voor zitten en riep al naar mijn vrouw waar ze bleef: Het gaot behinnen oh? "Ik ben even om boodschappen schat, lekker rustig. Ben zo terug", was haar antwoord. Dinsdagavond probeer ik het weer. Gelukkig is het dan om half negen 's avonds. Het is dan toch geen koopavond hè?














