De Middelburgse rechtbank toonde zich gisteren redelijk mild voor de verdachten in de Checkpoint-strafzaak. Dat komt vooral omdat de coffeeshop alleen maar zo groot kon worden dankzij actieve en passieve steun van de overheid.
Zie ook:
Gemeente, Openbaar Ministerie, politie en Belastingdienst wisten volgens de
rechtbank al in 2005 dat er dagelijks duizenden klanten kwamen, vooral
Belgen en Fransen. Ook wisten ze al jaren dat Checkpoint werkte met
opslagplaatsen. De rechtbank vindt het dan ook vreemd dat gemeente en het OM
jarenlang niets deden. Volgens de rechters had iedereen zo zijn eigen
belangen om de gedoogsituatie in stand te laten. Ook laten de rechters zich
zeer kritisch uit over het geld van Checkpoint dat de gemeente accepteerde
voor drugspreventieprojecten. 'Dat in dit verband de woorden heling en
witwassen zijn genoemd', vindt de rechtbank niet vreemd.
Het plaatsen door de gemeente van verwijsborden is zelfs 'een
verbazingwekkende overtreding van de gedoogvoorwaarden'. Ook geeft de
rechtbank aan dat de relatie gemeente-Checkpoint wel erg close was. De
rechtbank spreekt van 'ruim faciliteren' door de gemeente.
Ook vindt de rechtbank dat justitie Checkpoint wel had mogen waarschuwen dat
het beleid ten aanzien van die shop was veranderd. "Er had meer
zorgvuldigheid mogen worden verwacht."
Ondanks alles vindt de rechtbank wel dat Checkpoint en haar medewerkers
strafbaar zijn. Want de gedoogregels zijn overtreden. Het gaat dan vooral om
de aanwezigheid van teveel softdrugs in de coffeeshop zelf en het meewerken
aan de uitvoer van softdrugs. Checkpoint had aan buitenlandse klanten alleen
hele kleine hoeveelheden mogen verkopen die klanten ter plaatse op konden
roken, aldus de rechtbank. Deze uitspraak kan volgens de raadslieden Martijn
van der Want en André Beckers, grote gevolgen hebben. Zeker voor coffeeshops
in de grenstreek die nu aan elke klant moeten vragen wat hij gaat doen met
de gekochte softdrugs. Als hij ze wil uitvoeren is de verkoper strafbaar,
ook als het om maximaal vijf gram gaat. Beckers en Van der Want noemen het
een onwerkbare en oncontroleerbare bepaling. Want een Belgische klant van
een Nederlandse coffeeshop mag wel vijf gram kopen als hij het spul in
Nederland consumeert maar niet als hij een deel mee naar huis wil nemen. De
rechtbank geeft geen oordeel over de omvang van de coffeeshop. Wel stelt ze
dat een shop maar 500 gram softdrugs op enig moment in voorraad mag hebben.
De rechtbank vindt wel dat Checkpoint een criminele organisatie was die zich
bezig hield met aanvoer, verwerking, opslag en handel in softdrugs. Eigenaar
Meddie Willemsen mag van de rechters 'slechts' voor 9,7 miljoen geplukt
worden. De eis van 28,3 miljoen van het OM, werd verworpen. Deels omdat de
fiscus nog geld (11 miljoen) van Willemsen tegoed heeft. En omdat de
overheid een belangrijke rol speelde bij de groei en bloei van Checkpoint.
Voor meer verhalen en het volledige vonnis: kijk op www.pzc.nl/checkpoint



Sorteer reacties












