Mijn goede vriend Gerard van der Veen, oud directeur van hotel Brittania, maakte mij attent op de aandacht van de PZC betreffende de teloorgang van het schitterende hotel Britannia, ooit de trots van Vlissingen. Welaan, ik heb ook fantastische herinneringen aan Britannia dat in 1960 in een nieuw jasje was gestoken en hoe......!
Na de heropening van dit moderne hotel moest er natuurlijk een orkest van naam komen om de diner-dansants tot een groot succes te maken.Het orkest van de toen zo populaire radio-zangeres Annie de Reuver werd gecontracteerd en het ensemble de Reuvertjes bestond uit orkestleider Gerard Engelsma, in die periode onbetwist Nederlands beste trompettist en 1e trompettist van de Skymasters, gitarist Jan Ceulemans (de vader van de TV-presentatrice Leontine Ceulemans), het multi-talent Henk van der Molen ( hij was bassist, gitarist, tekenaar, TV-regisseur, tekstschrijver...en later zelfs de ontdekker en echtgenoot van de piepjonge Martine Bijl) en een jonge pianist met de naam Tonny Eyk.
De toenmalige directeur van Brittania was na een avondje luisteren niet zo gecharmeerd van de trompetklanken in zijn zaak. "Geen probleem", zei Annie de Reuver, we maken er een ander orkestje van. Haar kersverse echtgenoot en trompettist Gerard Engelsma ging achter de piano zitten en ik pakte de accordeon op. Ware profs, nietwaar? De volgende avond zagen wij de directeur achter een grote koffieketel minzaam zijn hoofd schudden. Hij vond mijn accordeonspel 'helemaal niets', het pastte bovendien niet in zijn moderne Brittania. Gelukkig had bassist Henk van de Molen de oplossing. Hij beweerde in de eerste wereldoorlog aan het front viool te hebben gespeeld (...overigens Henk was toen nog niet geboren). Enfin, de bassist werd Stehgeiger, de trompettist bleef aan de piano en de jongeman die zich had verheugd om een mooie zomer in Brittania achter de vleugel te zitten werd plotseling bassist.....maar had wel een mooi uitzicht over de jonge meisjes in de zaal en op de dansvloer.
Als violist Henk van der Molen zo nu dan muzikaal struikelde en problemen had met een technisch loopje, dan keerde hij zich spelend met de viool onder de kin om en zei zachtjes met een glimlach: "Jongens ik zit in het verkeerde gat". Helaas, de directeur had de muzikale slippertjes ook gehoord en stond zoals gewoonlijk hoofdschuddend achter de grote koffieketel naar ons te luisteren.
TONNY EYK






















