Home / Regio / Zeeuws nieuws / Pamperen maakt laks

Pamperen maakt laks

  • Reageer Reageer
  • U kunt deze pagina printen door gebruik te maken van de standaard print mogelijkheden in uw browser.

Foto's
1
Reacties
Toon reacties
  • Afbeelding
    Beschrijving
    Art-impressie van de recreatieve paalwoning. Bij elke woning komt een aanlegsteiger.tekening Landal GreenParks
In het Australische Queensland ligt in ieder huis een A-4tje waarop staat hoe hoog de woning is gebouwd ten opzichte van het standaard waterpeil, waar de hoofdleidingen lopen en welke route moet worden genomen in geval van evacuatie.

Senior onderzoeker samenwerkingskunde Eddy De Seranno krijgt pretlichtjes in z’n ogen wanneer hij het buitenlandse voorbeeld van de zelfredzame burger aanhaalt. „Kijk dat bedoel ik nou”, zegt zijn collega Dick Fundter van de HZ in Vlissingen. „Je hebt helemaal niks aan al die algemene campagnes, die oproepen om een waterdicht tonnetje samen te stellen. Je moet het risico terugbrengen tot aan de voordeur van de burgers. Dát maakt het pas inzichtelijk, dán weten ze wat hun te doen staat.”
De Seranno wipt weer van zijn stoel: „Wie in Nederland weet hoe zijn huis staat ten opzichte van het NAP? Sterker nog, wie weet waar je die gegevens kunt vinden? Dan moet je naar -let op!- www.ahn.nl.... Maar dan ben je er nog niet. In het rijtje keuzemogelijkheden moet je postcodetool aanklikken. En dát invullen...”
De Delta Academy van de Vlissingse hogeschool heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar de zelfredzame gemeenschap in Zeeland. De resultaten worden vandaag gepresenteerd op een watersnoodconferentie in Middelburg. Daar draait het om het risicobewustzijn van overstromingen bij burgers en de veerkracht van de samenleving. Dat laatstgenoemde aspect wordt door de HZ uitgezocht in samenwerking met de universtiteit van Louisiana (VS). Want daar moet flink aan worden gesleuteld, aldus lector veiligheid Fundter. „Het debat gaat altijd over de technische staat van de dijken en keringen. Hoe groot de kans is dat ze het houden. Moet vooral óók gebeuren. Maar voor mij wordt het pas interessant als we het debat verbreden naar de nul-risicomaatschappij. Want die bestaat niet! Vroeg of laat loop je weer tegen een grote overstroming aan; door een samenloop van omstandigheden op een onverwacht moment. Wanneer we dat nu eens gaan beseffen, dan wordt er misschien ook eens rekening gehouden met wat er kan worden gedaan om de schade in de gebieden achter die dijken te beperken. Je kunt stukken land met de aanleg van hoger gelegen (spoor)wegen en fietspaden heel simpel compartimenteren. Maar deel het dan ook logisch in! Waarom bouwen we onze industrieën en onze ziekenhuizen nog steeds op de meest kwetsbare plaatsen? Hele woonwijken worden feitelijk in putten in plaats van op terpen gebouwd! Niemand die blijkbaar even de risicokaart er naast legt op de tekentafel van het ontwerpplan. En áls je daar al wil bouwen, doe dat dan op palen, of een garage op de begane grond en wonen vanaf de eerste verdieping!”

Doordat de overheid de risico’s veronachtzaamt, voert de lector veiligheid aan, leunt ook de burger achterover en vaart volledig blind op de professionele hulpverlening. Fundter en De Seranno bepleiten eveneens een omslag in de werkwijze van de professionals. Niet meer vanachter bureaus bedenken wat het beste is voor die burger, maar bovenal mét sleutelfiguren uit een dorp en wijk gaan praten en die lokale kennis gebruiken om een actieplan op maat te maken. De Seranno: „De voorzitter van de voetbal, de oranjevereniging of de dorpsraad. Ze zijn er gewoon al!”
Door een sociaal netwerk te creeëren waarbij de overheid faciliterend is, zegt Fundter, stimuleer je de zelfredzaamheid van de lokale gemeenschap. „Bijkomend voordeel is dat je als burger ook weet wat een hulpverleningsorganisatie doet. En als er dan gevraagd wordt om extra investeringen, is er ook meer begrip voor. Je voelt dat de samenleving wat dat betreft op een kantelpunt staat. We moeten ook iets!”