Poëzie in contact met het leven

door Rolf Bosboom. vrijdag 09 juni 2006 | 08:07 | Laatst bijgewerkt op: maandag 12 juni 2006 | 08:07

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
André van der Veeke uit Terneuzen brengt met 'Smartlap' zijn derde gedichtenbundel in drie jaar uit. Foto Wim Kooyman

André van der Veeke uit Terneuzen brengt met 'Smartlap' zijn derde gedichtenbundel in drie jaar uit. Foto Wim Kooyman

TERNEUZEN - Een van de veelzeggendste gedichten in Moerasbeest Verdriet, de vandaag te presenteren bundel van André van der Veeke uit Terneuzen, heet ’Smartlap’. Het eindigt met de strofen: Pas toen de dood zich ermee bemoeide/ - Kom, zakkenwasser, schiet eens op -// Liet ik de poëzie stromen/ van boven naar beneden en andersom.

„Ik heb altijd wel gedichten geschreven, maar maakte er vroeger nooit werk van om ze te bundelen“, zegt Van der Veeke. „Voor een groot deel was dat gemakzucht. Een jaar of drie geleden werd ik echter getroffen door een hartstilstand. Dat was een harde confrontatie. Je krijgt daarna te maken met allerlei gevoelens: verdriet, verzet, maar ook de impuls van: schiet eens op met je poëzie, doe er wat mee.“

De poëzie stroomt sindsdien in respectabele hoeveelheden. In Moerasbeest Verdriet, de derde bundel van Van der Veeke in drie jaar, zijn bijna zeventig gedichten verzameld die hij de afgelopen twee jaar schreef. Het is indringend, vaak sterk persoonlijk werk. „Voor mij zijn het een soort levensgedichten. Ik ben niet zozeer een voorstander van autonome dichtkunst. Voor mij staat poëzie rechtstreeks in contact in het leven. Het komt voort uit urgentie. Ik móet het schrijven. Dat is volgens mij ook de definitie van waarachtige poëzie.“

Diverse gedichten gaan over de confrontatie met de dood en het verdriet dat Van der Veeke nadien overviel. „Het is het besef dat je dood dichterbij is gekomen, dat je bezig bent met een vergeefse poging hier te blijven. Je komt enigszins beschadigd uit de strijd en ziet in dat alles zo ontzettend tijdelijk is. Dat weet je wel van tevoren, maar het zit nu echt in mijn lichaam gebakken. Daarover gaat het titelgedicht. Ik probeer het verdriet te temmen, waardoor het een huisdier is geworden.“

Ironie

De dood keert regelmatig terug in ’Achterstallig onderhoud’, het eerste, omvangrijkste deel van de bundel. Toch brengt Van der Veeke het zelden op zwaarmoedige toon. Humor en ironie zijn nimmer veraf, op een manier die enigszins Reviaans aandoet. „Het moet allemaal niet zo loodzwaar zijn.“ Hij rekent zichzelf tot de Hollandse school. „Mijn poëzie is typisch Nederlands: wat ironisch, een sterk gevoel voor het landschap en een lichte hang naar mystiek.“

Het tweede deel van de bundel is voor de volgers van het werk van de Terneuzens schrijver niet onbekend. Het zijn de gedichten uit het project - en gelijknamig boek - Tekens in het land, in het kader van de kunstmanifestatie De Muzen van Arcadia, een jaar geleden in Aardenburg. Theo Jordans maakte voor het project tekeningen, Van der Veeke schreef gedichten.

Het is minder ironische, meer lyrische poëzie, waarin de band met het Zeeuws-Vlaamse landschap op bijzondere wijze is verwoord. „Het project speelde zich af rond een grote boerderij. Wat mij daar het meest trof, was de intimiteit van de stallen. Daarover schreef ik het gedicht ’Onder het gebint’. Dat was het kernpunt, waaruit de rest is voortgekomen, met af en toe een zijsprongetje.“

Het slotdeel van Moerasbeest Verdriet is ’De Zoeaaf’, een achtdelige reeks die Van der Veeke heeft opgedragen aan zijn overgrootvader. „Hij was echt een zoeaaf, een analfabeet die voor een uniform en een paar flessen drank naar Rome trok om het grondgebied van de paus te verdedigen. Dat verhaal maakte op mij als jongen veel indruk. Eerst had ik er ontzag voor, later vond ik het juist verwerpelijk, maar uiteindelijk besefte ik dat het voor hem een enorme kans was om een avontuur te beleven.“

Eigen stem

De twijfel over de poëtische koers die hij moet varen, is inmiddels verdwenen. „In het verleden dacht ik altijd als ik andere dichters las: moet ik ook niet die of die kant op? Nu heb ik echt een eigen stem en richting gevonden, terwijl ik toch in elk gedicht het onderste uit de kan wil halen. Dat moet je als dichter altijd blijven proberen.“

Boek: ’Moerasbeest Verdriet’, door André van der Veeke. Uitgeverij Wagner & Van Santen, 88 pagina’s. ISBN 90-76569-61-4, prijs: €16,95. De bundel wordt vanmiddag om 16.00 uur gepresenteerd in De Drukkerij in Middelburg, met een inleiding van de Dordtse dichter Jan Eijkelboom.


Meest gelezen